Lessen van een groen dorp midden in de residentiestad

Interview met Oda Kok, klimaatexpert en bewoner Groene Mient

Zo’n zes jaar geleden bedacht een groep enthousiaste Hagenaren dat ze als een ecologische community wilden samenwonen, ieder in hun eigen woning rondom een duurzaam aangelegde binnentuin en met gemeenschappelijke voorzieningen. Inmiddels telt het sociaalecologisch woonproject Groene Mient 33 duurzame woningen midden in de Haagse Vruchtenbuurt. “Bewoners zijn dé experts op hun leefomgeving. Dat mis ik soms in de benadering door vakprofessionals in stedelijke ontwikkeling”, stelt bewoner en klimaatexpert Oda Kok.

Drie lessen voor een duurzame, groene leefomgeving

  1. Bouw community’s
    Betrek bewoners en kennisinstellingen bij vergroeningsopgaven in de woonbuurt. Deel kennis zodat bewoners zelf keuzes kunnen maken over het hoe en waarom van de vergroening en hoe hun leefomgeving eruit moet zien. Als je goed communiceert met bewoners en hen als dé experts van hun leefomgeving benadert, kun je in een aantal buurten zelfs community’s bouwen waarin bewoners het groenbeheer van de gemeente overnemen én hier zelf blij van worden. Uiteindelijk bespaart dat de gemeenschap geld.
  2. Werk aan participatie
    Participatie vormgeven zoals de NOVI voorschrijft, is zeker voor grote steden een uitdaging. Betrek omwonenden, bewoners en bedrijven bij klimaatadaptatie en het terugdringen van broeikasgassen door (online of fysieke) themasessies te organiseren over onderwerpen die aansluiten bij de deelnemers, zoals over een diverse natuur, minder broeikasgassen uitstoten, aanpassen aan een veranderend klimaat en biodiversiteit.
  3. Neem fysieke maatregelen
    Verlaag de minimale parkeernorm in ruil voor deelmobiliteit, verruil verharding voor vergroening en creëer een plek voor samenleven en ontmoeten; dat draagt bij aan onder andere het woongeluk en gemeenschapsvorming.

Sinds de bouwcrisis kunnen particulieren in Den Haag hun eigen woning realiseren met de aankoop van een klushuis of een bouwrijp kavel. Inmiddels hebben honderden Hagenaren gebouwd aan hun eigen stukje Den Haag. Zo heeft een groepje Hagenaren via Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO) op een kavel van zo’n 7.600 vierkante meter hun eigen groene community kunnen bouwen; de Groene Mient, met een gemeenschappelijke tuin en volop aandacht en ruimte voor duurzame oplossingen. De innovatieve architectuur, de gezamenlijke (buiten)ruimtes, de eigen energievoorziening en het (her)gebruik van materialen en water en voedsel uit de buurt weerspiegelt de aandacht voor sociale diversiteit en ruimte voor eigenheid, samenleven in verbondenheid, ecologisch verantwoord en betaalbaar, toegankelijk en flexibel wonen.

Uitstoot beperken

Klimaatmitigatie, het beperken van de uitstoot van broeikasgassen, is belangrijk voor de bewoners. Daarom is de energievraag van de ecologische woongemeenschap minimaal en het gebruikte bouwmateriaal zo veel mogelijk circulair. In het kader van klimaatmitigatie heeft de gemeente na onderhandeling de reguliere parkeernorm op deze plek teruggeschroefd naar een parkeerplaats per huishouden; dat ontmoedigt autobezit. Uiteindelijk zijn er nu twintig parkeerplekken, inclusief voor de veelgebruikte deelauto’s. “Als we voor alle bewoners de reguliere parkeernorm zouden toepassen, was er ook geen plek meer voor groen en zou in de tuin geparkeerd moeten worden”, vertelt Kok.

Minimale energievraag

De gemeenschappelijke tuin zorgt voor de opvang van regenwater en draagt zo bij aan klimaatadaptatie. Daarvoor was wel voldoende open verharding nodig en omdat de gemeente volgens de bewoners onvoldoende opties bood, besloten ze zelf de kavel woonrijp te maken. Ze zorgden na onderhandelingen met de gemeente voor het ontwerp, de investeringen en de aanleg van de groene ruimte en kregen hiervoor een financiële bijdrage. De binnentuin kreeg zo een bufferings- en infiltratievoorziening en de bestrating op de kavel werd met poreus materiaal aangelegd, waarin de hemelwaterafvoer integraal is verwerkt. Zo wordt regenwater in een centraal punt opgevangen en verspreid wordt naar verschillende wadi’s (Water Afvoer Drainage Infiltratie) op de kavel.

Kennis delen is essentieel

Om de Groene Mient bottom-up mogelijk te maken, heeft de community bewust aan de voorkant kennis vergaard en onderling en met de gemeente gedeeld. Kok is daarbij dankbaar voor de houding van de gemeente, die met de bewoners meedacht om alle wensen mogelijk te maken. Wat ook hielp, is dat er veel deskundigheid aanwezig was binnen de groep toekomstige bewoners. Sommigen werken bijvoorbeeld bij kennisinstellingen en overheden en ieder heeft zijn of haar expertise en netwerk met de groep gedeeld. Zij wisten daarmee samen verder te komen en meer te bereiken, ook omdat ze buiten hun eigen kaders te durven kijken.

Kopieergedrag stimuleren

Gemeenten kunnen meer doen om bewoners actief te betrekken, weet Kok. “Laat participatie, zoals benoemd in de NOVI, meer zijn dan een informatieavond. Bied bewoners in buurten met community’s de ruimte om zelf verantwoordelijkheid te nemen voor de aanleg en het onderhoud van gemeenschappelijke ruimten in de buurt. Op termijn kunnen de beheerkosten dan lager uitvallen en daarvan profiteert de hele gemeente.” Ver hoef je niet te zoeken: de grasvelden tussen hoge flats kun je volgens Kok al ombuigen naar gemeenschappelijke moestuinen of speelplekken voor kinderen.
Ondertussen zorgt de Groene Mient al voor kopieergedrag in Den Haag; nabijwonende buurtbewoners krijgen nu subsidie van de gemeente om ook een halfopen bestrating aan te leggen. Bovendien wordt de gemeenschappelijke plek van het groene dorp midden in de residentiestad goed gewaardeerd. Omdat niet iedereen een tuin heeft, maar ook omdat de gemeenschap hechter wordt. Kok: “Eén keer per maand hebben we tuinwerkdag, dan helpen alle bewoners met het aanpakken van de gemeenschappelijke tuin. Dat is fijn om elkaar even te spreken en sommigen vinden het tuinieren ook echt leuk. We doen het samen!”

Meer lezen?

Groen in de stad

Vergroening van de leefomgeving staat steeds hoger op verschillende beleidsagenda’s. Vergroening draagt onder meer bij aan woongenot, gezondheid, goede luchtkwaliteit, biodiversiteit, klimaatadaptatie en recreatieve mogelijkheden. Platform31 geeft gemeenten handvatten om op een integrale manier te werken aan verdere vergroening van de leefomgeving.