Duurzame samenwerking en financiering biedt jongeren met schulden perspectief

Interview met Jeroen in ’t Veld over organisatie en financiering Jongeren Perspectief Fonds

Het Jongeren Perspectief Fonds neemt de schulden van jongeren over en koopt die af. Op die manier geven zij jongeren weer een duurzaam toekomstperspectief. De gemeente Den Haag en Society Impact zijn in 2016 gestart met dit alternatief dat is bedoeld voor jongeren tussen de 18 en 27 die schulden hebben en niet in aanmerking komen voor reguliere schuldhulpverlening. Larissa Jongenelen vertelde in een interview hoe zij deze jongeren ondersteunen vanuit dit fonds. In aanvulling daarop spraken we met Jeroen in ’t Veld van Rebel over het organisatie- en financieringsmodel dat zij ontwierpen voor dit fonds.

In 2016 begon de gemeente Den Haag een pilot met een integrale aanpak door een speciaal team in samenwerking met Society Impact. Het Jongeren Perspectief Fonds (JPF) neemt de schulden van jongeren over en biedt ze een traject van begeleiding van twee jaar, waarin ze werken aan hun toekomst. “Tijdens deze pilot werd Rebel erbij gehaald”, vertelt in ’t Veld, tegenwoordig bestuurder van stichting JPF. “Al snel kwam de kwestie van opschaling op tafel. En dat is niet voor niets. We zien als Rebel veel prachtige initiatieven in het sociaal domein. Maar de meeste blijven klein en zijn niet duurzaam. Dat ligt aan de financiering en het organisatiemodel. Daar wordt weinig over nagedacht. Dat komt ook omdat het sociaal domein heel politiek is en gericht op de kortere termijn. Wethouders en colleges willen laten zien dat ze iets bereiken en daarna verslapt de aandacht vaak weer. En dan zijn er vaak geen middelen om het initiatief uit te breiden.”

Revolverend fonds

De inzet van Rebel was om op te schalen én om onafhankelijk te zijn van gemeentelijke subsidie. “Daarvoor zijn we ook naar publiek-private samenwerking gaan kijken”, benadrukt In ’t Veld. “Ik ben ervan overtuigd dat die veel kansen biedt. We kwamen uit op een fonds, nu het Jongeren Perspectief Fonds. ING Nederland Fonds (het goede doelen deel van ING) en Aegon hebben samen bijna één miljoen ingelegd, deels via een renteloze lening. Dat vormde het beginkapitaal voor het JPF. Parallel hieraan werkten we aan een overeenkomst waarbij de gemeente Den Haag zich zou verplichten een deel van de door de JPF-aanpak vermeden kosten in het fonds te storten. Onze doelgroep kwam dan wel niet in een schuldhulpverleningstraject, maar allerlei andere diensten van de gemeente bemoeiden zich wel met deze groep. Vanuit die diensten werden ze dan heel versnipperd ondersteund. Uit een conservatieve schatting bleek dat we met onze nieuwe aanpak een gemiddelde besparing per jongere van ongeveer 12.000 euro zouden leveren voor de gemeente. Ook berekenden we dat als de gemeente daar dertig procent van in het JPF zou storten, we in principe een revolverend fonds zouden kunnen draaien waarmee we 150 jongeren per jaar zouden kunnen helpen.”

Inverdienarrangement

De gemeente Den Haag, JPF en andere financiers hebben nu een overeenkomst. Onderdeel van de overeenkomst is dat de feitelijke begeleiding van de jongeren door de gemeente gebeurt. “Wij betalen als fonds een deel van de kosten daarvoor aan de gemeente”, legt In ’t Veld uit. “Dat percentage gaat in een aantal jaar naar nul. Eigenlijk zou die betaling niet nodig zijn, want de gemeente deed de begeleiding al en de kosten van de ondersteuning van jongeren neemt af door de nieuwe aanpak. Maar het duurt een tijdje voor de besparingen zichtbaar worden en ook duidelijk wordt bij welke dienst die terecht komen. En die diensten hebben weer eigen begrotingen. Daarom hebben we dit ‘inverdienarrangement’ gemaakt voor de gemeente.

Samen met andere gemeenten

In Den Haag loopt het nu goed. “Nu willen we uitbreiden naar andere gemeenten”, aldus In ‘t Veld. “Almere overweegt mee te doen en nog drie of vier gemeenten hebben belangstelling. Via het fonds kunnen partners elkaar herinneren aan de afspraken en elkaar daar aan houden; ze kunnen elkaar blijvend wijzen op het gezamenlijke doel van het fonds. Dat werkt. We willen het liefst dat andere gemeenten zich aansluiten bij het huidige fonds en niet weer iets heel nieuws opzetten. Ook om op die manier transactiekosten uit te sparen, die voor een dergelijk arrangement best hoog zijn. Maar de vraag is nu: hoe maken we in het arrangement ruimte voor lokale variatie, couleur locale. Ik denk dat het JPF een aanbod moet maken met zeg tachtig procent standaard, en twintig procent ruimte om met maatwerk in te vullen. Daar ligt nu onze komende uitdaging.”

Meer informatie