Bouwen aan draagvlak voor de huisvesting van EU-arbeidsmigranten

Verslag leerkring Huisvesting Arbeidsmigranten, 29 september 2020

Ondanks de explosief groeiende opgave blijft het huisvesten van arbeidsmigranten voor de meeste gemeenten een grote uitdaging. Covid-19 laat de urgentie nogmaals goed zien van goede werk- en woonomstandigheden voor EU-arbeidsmigranten. Gemeenteambtenaren worstelen met een gebrek aan draagvlak binnen de eigen organisatie en in de lokale gemeenschap. Tijdens de tweede bijeenkomst van de leerkring Huisvesting Arbeidsmigranten deelden 25 gemeenten kennis en ervaring over de vraag: hoe bouw je aan draagvlak voor beleid en concrete huisvestingslocaties voor deze doelgroep?

Maatschappelijke meerwaarden

De deelnemers van de leerkring zien een rol voor zichzelf in het faciliteren van passende huisvesting voor arbeidsmigranten in hun gemeente. De werkgevers zijn officieel verantwoordelijk, maar deze opgave aan de markt alleen overlaten is onverstandig. Werken aan fatsoenlijke huisvesting dient namelijk meerdere maatschappelijke doelen. Ten eerste is het vanuit humaan oogpunt belangrijk dat EU-arbeidsmigranten goede huisvesting vinden in Nederland, met voldoende kwaliteit en ook betaalbaar. Praktijken van acht matrassen op de grond in één kamer en tentjes in het bos zijn altijd ongewenst en meestal illegaal. Ten tweede is een fatsoenlijke huisvesting van betekenis voor de leefbaarheid in de wijken en de lokale woningmarkt. De realiteit nu is dat werkgevers (vaak noodgedwongen) gezinswoningen opkopen in dorpskernen en kwetsbare stadswijken om daar hun arbeidsmigranten te huisvesten. Dit veroorzaakt druk op de leefbaarheid en extra krapte op de al krappe woningmarkt. Ten slotte is goede huisvesting van belang voor de concurrentiepositie van Nederland. Steeds meer EU-arbeidsmigranten laten Nederland links liggen door de slechte huisvestingsomstandigheden.

Vicieuze cirkel

Ondanks dat het maatschappelijk belang van goede huisvesting wordt ingezien, vinden gemeenten het lastig om hun rol in te vullen. Een belangrijk struikelblok is het gebrek aan draagvlak voor de huisvesting door de negatieve beeldvorming die is ontstaan van de doelgroep. Wim Reedijk van het Expertisecentrum Flexwonen benadrukte tijdens de bijeenkomst dat negatieve beeldvorming met name ontstaat uit een vicieuze cirkel die we zelf hebben veroorzaakt. Door het gebrek aan goede huisvesting ontstaan ongewenste woonoplossingen zoals het opkopen van woningen in woonwijken. Dit vormt geen probleem als arbeidsmigranten besluiten zich voor langere tijd te vestigen in ons land. Als in deze wijken vooral arbeidsmigranten worden gehuisvest die zeer kort blijven en elkaar ook snel aflossen, dan kan wrijving ontstaan met de buurt en onwenselijke leefbaarheidssituaties. De overlast die ontstaat, versterkt het negatieve beeld van de doelgroep. Dit alles heeft inmiddels geresulteerd in groeiende weerstand in Nederland voor ook de nieuwe ‘gewenste’ huisvestingsoplossingen, vaak aan de randen van de bebouwde kom. Deze cirkel wordt doorbroken als het gemeenten, werkgevers en ontwikkelaars wél lukt om goede voorbeelden van huisvesting te realiseren.

Bouwen aan draagvlak voor beleid

Gelukkig zijn er steeds meer van dit soort goede voorbeelden in ons land. Gemeenten ontwikkelen steeds vaker lokaal beleid rond de huisvesting van arbeidsmigranten en zetten concrete stappen richting grootschalige huisvestingslocaties. Een belangrijk onderdeel hierin is om de lokale weerstand serieus te nemen en te herkennen dat deze vele vormen kent. Inwoners zijn bang voor overlast in de wijk, milieuorganisaties willen niet dat er in het groen gebouwd wordt en bedrijven willen niet dat er gewoond wordt op ‘hun’ bedrijventerrein.

Addie de Hoop en Rianne de Graaf vertelden tijdens de bijeenkomst over de dappere keuze van de gemeente Altena om de belangrijkste actoren in dit vraagstuk aan het stuur te zetten van hun beleidsvorming. Een groep van onder andere bewoners, werkgevers en arbeidsmigranten kwam in één dag tot een unaniem advies richting het College over de huisvesting van arbeidsmigranten in Altena. Het College heeft dit advies vervolgens volledig overgenomen. Door rekening te houden met alle belangen vooraf kon een breed gedragen beleidskader ontstaan, waarin de belangrijkste eigenschappen van mogelijke huisvestingslocaties zijn opgetekend. Dankzij het zorgvuldige participatietraject stond ook de Raad positief achter het voorstel.

Het volledige gesprek met gemeente Altena is hieronder terug te zien.

Bouwen aan intern draagvlak

Naast de gemeenschap is het ook van belang om de interne organisatie mee te krijgen. Hoe kan je de juiste collega’s mobiliseren? Intern zal je bijtijds het gesprek aan moeten gaan waar de beperkingen en de mogelijkheden liggen bij de verschillende afdelingen, zoals wonen, handhaving en ruimtelijke ordening. Berry Prins werkt voor diverse gemeente en houdt zich inmiddels meer dan 10 jaar bezig met het bouwen aan draagvlak voor de huisvesting van diverse ‘lastige doelgroepen’, waaronder arbeidsmigranten. Volgens hem is het belangrijk om met de menselijke maat te kijken naar de opgave. “Soms moet je even terug stappen en de vraag stellen, waarom doen we dit ook alweer. Vanuit die motivatie is het belangrijk om de juiste mensen aan tafel te krijgen, die zich ook echt willen inzetten om deze doelgroep van goede huisvesting te voorzien.”

Het volledige gesprek met Berry Prins is hieronder terug te zien.

Deelnemers delen diverse manieren om de organisatie en de lokale politiek mee te krijgen in de beleidsvorming. Een goed voorbeeld van een deelnemer was het organiseren van een informatiemarkt, waar raadsleden, huisvesters en ook arbeidsmigranten zelf aanwezig waren. Raadsleden gaven antwoord op elkaars vragen en zo ontstond een positief sentiment richting huisvesting. Volgens de deelnemende ambtenaren is het essentieel om blijvende steun van het College te krijgen. Dit geeft onder andere vertrouwen wanneer zij een beleidskader bij de Raad voorleggen. Ten slotte is ook regionale afstemming belangrijk voor intern draagvlak. Gemeenten hebben vaak het gevoel dat maar een klein deel van de gehuisveste arbeidsmigranten ook werkzaam is in die gemeente. “Wanneer iedere gemeente een gelijkwaardig aandeel huisvesting verzorgt in verhouding met het aantal werkplekken voor arbeidsmigranten, dan zou er geen probleem moeten zijn. Daarom is regionale afstemming essentieel”, aldus een deelnemer.

Van beleid naar uitvoering

In gesprek met de koplopende gemeente Tilburg gaf Ingeborg Vedder aan dat het lokale beleidskader essentieel is geweest om marktinitiatieven goed te kunnen toetsen en tot ontwikkeling te brengen. Op basis van onderzoek bleek dat de regio Tilburg voor een grote opgave staat wat betreft de huisvesting van arbeidsmigranten. Toch ketsten bijna alle huisvestingsinitiatieven in eerdere jaren af, omdat de gemeente geen duidelijk beeld had waar een huisvestingsinitiatief voor arbeidsmigranten aan zou moeten voldoen. In de collegevorming werd breed onderkend dat hier iets aan gedaan moest worden en kon gestart worden met beleidsontwikkeling. Daarbij werd geen enkele locatie in Tilburg bij voorbaat uitgesloten. Tijdens het proces voor het opstellen van de uitgangspunten van het beleid, werden bestuurders en de Raad goed meegenomen in de verschillende stappen. De raad werd regelmatig geïnformeerd op verschillende manieren: door wethouders uit buurtgemeenten in te vliegen, door werkgevers en arbeidsmigranten uit te nodigen om hun verhaal te vertellen én door middel van een excursie naar een geslaagde huisvestingslocatie. “Je moet blijven werken aan politiek draagvlak”, aldus Ingeborg Vedder.

Als een initiatief vanuit de markt voldoet aan de uitgangspunten en door de gemeente als ‘kansrijk’ wordt beoordeeld, start het communicatietraject richting de gemeenschap. Informatieavonden en een klankbordgroep moeten zorgen voor draagvlak. De markt is in de lead, maar de gemeente neemt zelf ook een (ondersteunende) rol in. Ook de wethouder pakt in deze trajecten het podium om uit te leggen waarom huisvesting van arbeidsmigranten voor de gemeente van belang is. Tijdens deze avonden wordt besproken hóe de uitvoering plaats moet vinden, in plaats van óf er huisvesting plaats mag vinden. Deze positieve insteek draagt bij aan het proces en zorgen worden direct meegenomen in de concretisering van de huisvesting.

Het volledige gesprek met gemeente Tilburg is hieronder terug te zien.

De derde bijeenkomst van de leerkring huisvesting arbeidsmigranten gaat over de afspraken tussen de gemeente en de markt bij de ontwikkeling van kwalitatieve huisvestingslocaties met goed beheer. En de vierde en laatste bijeenkomst zal gaan over regionale samenwerking en de rollen van hogere overheden in dit vraagstuk.

U kunt zich niet meer aanmelden voor de leerkring. Wilt u wel op de hoogte blijven van het laatste nieuws? Abonneer u op onze tweewekelijkse nieuwsbrief.