Verduurzaming van kwetsbare wijken
In dit programma onderzoeken we hoe de energietransitie als hefboom kan fungeren om de leefbaarheid in kwetsbare wijken te verbeteren.
In samenwerking met
Regelingen voor energiebesparing, huisisolatie en duurzame warmtebronnen ontwikkelen is één, huiseigenaren in kwetsbare wijken gebruik laten maken van deze regelingen is een ander verhaal. Maar de kans hierop wordt groter als breder wordt gekeken naar wat er in een wijk speelt.
Dit is één van de uitkomsten van een bijeenkomst waarin de gemeente Terneuzen de vraag voorlegde hoe je bewoners kunt laten profiteren van regelingen voor renovatie en energiebesparing. In dit artikel beschrijven we wat de uitwisseling over deze vraag tussen een aantal gemeenten, de provincie Zeeland en onderzoekers van het programma Verduurzaming van Kwetsbare Wijken, heeft opgebracht. Zodat andere gemeenten hier ook hun voordeel mee kunnen doen.
Deze publicatie is tot stand gekomen binnen het programma Verduurzaming van Kwetsbare Wijken (VKW). Met dit programma ondersteunen Platform31, Nyenrode Business Universiteit en het Verwey-Jonker Instituut sinds 2018 gemeenten met een lerende aanpak om de energietransitie te verbinden met de aanpak van andere opgaven in kwetsbare wijken.
Met als doel het realiseren van sociaal duurzame wijken. Want als het lukt om de leefbaarheids- en duurzaamheidsaanpak op een slimme manier te combineren, levert dat niet alleen milieutechnische winst op, maar ook verduurzaming in sociaal opzicht. Wijken met een gezonder, veiliger en prettig leefklimaat, waar bewoners beschikken over betere maatschappelijke kansen en meer sociale veerkracht dan voorheen.
Meer informatie over dit programma en over de publicaties die eerder zijn verschenen vind je op de projectpagina.
De gemeente Terneuzen is op zoek naar een passende aanpak voor een renovatieopgave in de Raadsledenbuurt in de binnenstad van Terneuzen. De programmamanager beoogt een aanpak die aansluit en aanslaat bij de bewoners, wetende dat er meer sociale en fysieke opgaven spelen in de buurt.
De Raadsledenbuurt kenmerkt zich door veel kleine, goedkope en vaak verouderde woningen van particuliere eigenaren. Het is een hechte volksbuurt met nauwelijks mogelijkheden voor een wooncarrière. De weinige nieuwbouw die er is, bevindt zich aan de randen van de buurt. Bijna tweederde bestaat uit eenpersoonshuishoudens en de helft van de bewoners heeft een laag inkomen. In de buurt wonen relatief veel arbeidsmigranten. De gemeente Terneuzen kan vanuit het Volkshuisvestingsfonds 100 woningen opknappen, 100 woningen verduurzamen en 24 woningen levensloopbestendig maken. Ook kijkt zij naar herinrichting van de openbare ruimte en investeerd de gemeente in bewonersparticipatie en aanwezigheid in de wijk. Dit wil de gemeente combineren met een wijkgerichte aanpak Energie, met een aanbod voor een energiebespaarbox, energiescan en korting bij installateurs en aannemers door het bundelen van de vraag.
Natuurlijk gebruikt de gemeente al meerdere mogelijkheden om bewoners te informeren en te betrekken bij energiebesparing, zoals een fysieke helpdesk in het stadhuis waar mensen persoonlijke begeleiding en hulp bij subsidieaanvragen en leningen kunnen krijgen. Ook is er een ‘Voorbeeld-Bespaarstudio’ in het stadhuis, wordt energieadvies aangeboden door de provinciale energiecoöperatie en is de Energiebank Terneuzen actief met energiecoaches en met een aanbod van vouchers en subsidies.
Toch blijkt het lastig om bewoners goed te bereiken en te laten profiteren van de mogelijkheden. Daarom stelde de Programmamanager Totaalplan Binnenstad Terneuzen aan de onderzoekers van het programma VKW de vraag hoe je bewoners kan bereiken om ze te informeren over de beschikbare regelingen en het aanbod, en op welke manier je bewoners ook mee kan laten doen met die regelingen.
Vanuit het programma VKW is in samenwerking met de Provincie Zeeland een regionale bijeenkomst georganiseerd voor kleine en middelgrote gemeenten uit met name de provincie Zeeland om kennis en ervaringen uit het programma te delen en te benutten bij het vraagstuk van de gemeente Terneuzen. Een vraagstuk waar meer gemeenten mee worstelen. Tijdens de bijeenkomst is bovendien de denkkracht van alle deelnemers gebruikt om de programmamanager Petra de Vliegher-Jonkheijm van de gemeente Terneuzen te ondersteunen met kennis en advies.
De kennis van VKW en de eigen praktijkervaring van deelnemende gemeenten leverde een groot aantal nuttige tips op voor het bereiken van bewoners. Een greep hieruit:
Voor de aanpak van de kwestie in Terneuzen en in andere gemeenten kan een ander perspectief helpen. Deelnemers verkenden in hoeverre er in een wijk sprake is van een technische opgave (een maanprobleem), een complexe opgave (een ghetto-probleem) of een combinatie van beiden. Dat kan leiden tot andere adviezen en een andere aanpak.
Uit het programma VKW weten we dat veel gemeenten in eerste instantie met een specifieke opdracht aan de slag gaan, zoals het overgaan naar een andere, duurzame warmteoplossing in de wijk of het bestrijden van energiearmoede. Dit wordt vaak technisch en als losstaand project benaderd, met vragen als: welke warmteoplossingen zijn er mogelijk, wat zijn de kosten en hoe bereiken we bewoners om mee te doen met een isolatieaanpak of gebruik te maken van bepaalde regelingen voor energiebesparing? Bij de gemeente Terneuzen leek dit ook te spelen.
Maar zo’n technische, projectmatige benadering werkt niet in wijken waar veel meer opgaven tegelijkertijd spelen en bewoners andere zorgen hebben. De opgave om bewoners te bereiken en te laten profiteren van een bepaald aanbod, kan niet los worden gezien van waar bewoners mee worstelen en wat zij belangrijk vinden. Kortom: de opgave kan niet los worden gezien van andere opgaven. Opgaven hangen in wijken nu eenmaal samen, of je wilt of niet. Bijvoorbeeld, armoede- en gezondheidsproblematiek kan profiteren van energievriendelijk renoveren en de gezondheid van ouderen is gebaat bij het vergroenen als onderdeel van klimaatadaptatie. Alleen al het verkennen van wat er in de wijk speelt, brengt potentiële belemmeringen en kansen boven water. Als je dat niet doet, loop je hoogstwaarschijnlijk later alsnog tegen belemmeringen aan en verlies je de mogelijkheid om kansen te verzilveren. Kortom, we hebben te maken met een complex aan samenhangende opgaven en het negeren van die samenhang doet de samenhang niet verdwijnen.
Het perspectief van ‘maanproblemen’ waarvoor technische benaderingen geknipt zijn en ‘ghettoproblemen’ waarvoor andere aanpakken zijn vereist, komt uit het essay van Richard Nelson uit 1977, ‘The Moon and the Ghetto’, dat gaat over de verontrustende vraag waarom samenlevingen die zo rijk en technologisch en organisatorisch zo capabel zijn dat ze een mens op de maan kunnen laten landen, niet in staat lijken te zijn om effectief om te gaan met bijvoorbeeld armoede, analfabetisme en, zoals dat destijds werd genoemd, sloppenwijken. In 2011 The Moon and the Ghetto revisited: https://www.researchgate.net/publication/254441073_The_Moon_and_the_Ghetto_revisited 1 blikte Richard Nelson daarop terug en constateerde dat dat helaas nog steeds het geval was.
Tijdens de bijeenkomst werd duidelijk dat het in deze wijk niet gaat om een technisch georiënteerd Maanprobleem, maar om een complex probleem, een Ghettoprobleem. Het is dus aan te bevelen, misschien zelfs noodzakelijk is, om de samenhang van de verschillende opgaven in de wijk te verkennen, of anders gezegd, met een integrale blik aan een wijkaanpak te werken. Dat roept vragen op:
Allemaal vragen die naar boven komen als je met die andere bril op zoek bent naar een aanpak die aansluit en aanslaat bij bewoners in een wijk of buurt waar meerdere, sociale en fysieke opgaven spelen. Zie hiervoor ook het praktijkhandboek Slagkracht in de wijk.
“ Het probleem is dat we de bewoners op één probleem – ons probleem – benaderen in plaats van op meerdere problemen – hun problemen.” – een van de deelnemers
In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, betekent een integrale aanpak niet dat alles met elkaar verweven wordt en het alleen maar complexer wordt. Dit misverstand komen we binnen het VKW-programma al wat langer tegen en dit kwam ook naar boven tijdens de bijeenkomst. Er zijn ook manieren om eenvoudiger, pragmatisch en bovenal haalbaar met het verbinden van opgaven om te gaan. Een aanpak hiervoor staat beschreven in de publicatie ‘Haalbaar Verbinden van opgaven’. Aan de hand van daarin beschreven vier stappen kunnen ambtenaren of projectleiders die in de wijk werken aan de energietransitie verkennen welke mogelijkheden er zijn om opgaven te verbinden. En wat de ideale én haalbare samenwerking met collega’s en andere partijen daarvoor is.
Tijdens de bijeenkomst in Terneuzen bleek dat achter een vraag over het bereiken van bewoners voor gemeentelijke regelingen en hen betrekken bij een renovatie-aanpak, tal van andere vragen schuil gaan. Ook kwam naar voren dat een reguliere projectmatige benadering in wijken waar bewoners met veel opgaven kampen niet afdoende is. Kortom, een complex (of Ghetto-)probleem vereist een andere bril en is gebaat bij een andere aanpak.
Voor complexe problemen is een aanpak nodig die er rekening mee houdt dat wat voorheen wel werkte, nu waarschijnlijk niet werkt. Bestaande regelgeving kan knellen, de huidige werkwijzen en structuren binnen de gemeente kunnen gebiedsgericht samenwerken in weg zitten, de manier waarop gewoonlijk wordt samengewerkt met andere partijen kan weleens tekortschieten. Dat geeft taaie problemen en hiervoor zijn vaak flinke veranderingen nodig op tal van gebieden. Dat is ook logisch, transities gaan nu eenmaal gepaard met diepgaande veranderingen. Ook andere deelnemers deelden deze ervaring. Binnen het VKW-programma hebben we hier al eens nauwkeuriger naar gekeken en tips hiervoor opgenomen in de publicaties ‘Voorzien en voor zijn van taaie problemen’ en ‘Veranderruimte voor het verduurzamen van kwetsbare wijken’.
Taaie problemen zijn vaak niet meteen op te lossen. Dus als je op pad gestuurd wordt met een beperkte, smalle opdracht terwijl je te maken hebt met een complex probleem waarbij je tegen dergelijke taaie problemen aan zal lopen, is het in ieder geval aan te raden om het gesprek aan te gaan met je opdrachtgever of manager. Je zal immers ruimte nodig hebben om hiermee adequaat om te gaan. Soms is het al genoeg om de een taai probleem te kunnen adresseren of agenderen, zodat er maatregelen kunnen worden genomen voor volgende buurten. Wij gunnen de programmamanager van Terneuzen, de deelnemers aan deze bijeenkomst en alle anderen die zich met dit soort complexe opgaven bezighouden in ieder geval voldoende (experimenteer)ruimte om de aanpak te vinden die het best past bij de bewoners en bij de samenhangende vraagstukken die spelen in de wijk.
Gemeenten en provincies die, net als de gemeente Terneuzen en de Provincie Zeeland, met collega’s van andere gemeenten, provincies of andere partijen aan de slag willen met een eigen vraagstuk, kunnen contact opnemen met Jacomijn Baart van Platform31 over een aanbod op maat.