Loosduinse Hof

Van verzorgingstehuis naar modern wooncomplex voor Haagse ouderen en mensen met psychische kwetsbaarheid

Voormalig verzorgingstehuis Loosduinse Hof in Den Haag is het eerste pilotproject van het woonconcept ‘Wonen met een Plus’. Na een rigoureuze verbouwing komen in dit complex 65-plussers en mensen met een licht verstandelijke of geestelijke beperking te wonen. Hoe komt het ‘nieuwe’ Loosduinse Hof er precies uit te zien? En hoe verloopt de totstandkoming ervan? Cisca de Jong, projectmanager bij Staedion, deelt haar ervaringen.

Woningcorporatie Staedion, een grote huisvester in Den Haag, heeft het concept ‘Wonen met een Plus’ ontwikkeld. Het woonconcept is onderdeel van het beleid ‘Met zorg een thuis’ van Staedion, dat inspeelt op de behoefte van bewoners met een lichte zorgvraag om langer thuis te wonen. ‘Wonen met een Plus’ betekent dat bewoners zelfstandig kunnen wonen in hun eigen appartement in een veilige omgeving met gezelschap en zorg in de buurt. Staedion creëert samen met betrokken (maatschappelijke) organisaties en bewoners een vitale leefgemeenschap. Woningen zijn idealiter gelegen aan ruime ‘verkeersruimten’ in het gebouw, zodat bewoners elkaar kunnen ontmoeten. Ook worden de woningen dusdanig ontworpen dat bewoners met zorg en diensten aan huis ondersteund kunnen worden.

Handen en voeten

Het Wonen met een Plus-concept krijgt concreet handen en voeten bij het pilotproject Loosduinse Hof, een voormalig verzorgingstehuis in de Haagse wijk Loosduinen. Deze zomer starten de renovatiewerkzaamheden en als alles volgens plan verloopt opent Loosduinse Hof in 2021 zijn deuren. In het gebouw worden 144 kamers samengevoegd tot 101 sociale huurwoningen, variërend van 22m2 tot 70m2. Op de begane grond is 800m2 verhuurbare ruimte beschikbaar voor voorzieningen die passen bij het concept, denk aan maatschappelijke horeca en een thuiszorgkantoor. Ook kunnen bewoners hier zelf activiteiten organiseren, zowel voor bewoners als voor mensen in de wijk. “De wijk naar binnen halen”, zoals De Jong dat mooi verwoordt. De balie in de hal gaat bemand worden door een zogenaamde hofmaker. “Dit is een kruising tussen een huismeester, een vraagbaak en iemand die verbinding legt. Een spin in het web die bovendien sociale controle houdt”, voegt De Jong toe.

Verschillende doelgroepen

In Loosduinse Hof komen drie doelgroepen te wonen: 60 procent van de woningen wordt aan 65-plussers verhuurd en 40 procent van de woningen aan zogenaamde urgente doelgroepen. Specifiek gaat het dan om mensen met een licht verstandelijke beperking of een lichte GGZ-achtergrond. Een voorwaarde is dat mensen zelfstandig moeten kunnen wonen, eventueel met begeleiding vanuit een externe zorgpartij. Deze zorg wordt niet geleverd vanuit Loosduinse Hof. Senioren uit Loosduinen krijgen voorrang krijgen op een woning in Loosduinse Hof. De Jong licht toe: “Loosduinen is een relatief kwetsbare wijk waar eenzaamheid en sociale problematiek aan de orde is. Bovendien is Loosduinen een hele hechte wijk met een dorps karakter, waar mensen graag willen blijven wonen. Wist je bijvoorbeeld dat Loosduinen een voormalig tuindersdorp is en een eigen volkslied heeft? Als je deze mensen in een andere wijk onderbrengt, worden zij daar volgens mij niet gelukkiger van. Ik heb trouwens al heel veel positieve reacties van mensen uit de wijk ontvangen. ‘Ik wil hier graag wonen, wanneer kan ik erin?’ Dat is ontzettend leuk om te horen.”

Hobbels op de weg

De realisatie van Loosduinse Hof, waar De Jong en haar team momenteel middenin zitten, is een leerproces. “Er zijn een aantal dingen die ik van tevoren anders had ingeschat”, vertelt De Jong. “De locatie was er bijvoorbeeld al – het pand is in eigendom van Staedion, maar dan ben je er nog niet. Je moet aan de slag met het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning, dit is best een klus en kost meer tijd dan ik dacht. Bovendien ben je daarin ook afhankelijk van de gemeente. Daarnaast vind ik de kwetsbaarheid van sommige partijen ook best spannend. De partijen die je zoekt om mee samen te werken, zijn vaak allemaal maatschappelijke ondernemers en zzp’ers. Zij hebben niet vanzelfsprekend een enorm vermogen om een hoge vierkantemeterprijs te betalen, dat maakt het kwetsbaar. Hierdoor loop je het risico dat partijen snel weer verdwijnen en dat leegstand ontstaat. Als wij de huurprijzen echter verder verlagen , maken we niet genoeg rendement. En van dit rendement starten wij ook weer nieuwe projecten. Dit is wel een dilemma. Tot slot speelt in mijn achterhoofd ook de vraag: wat als blijkt dat de verschillende doelgroepen niet goed kunnen mengen? Momenteel denken we bijvoorbeeld wel na over een soort huisreglement, maar de praktijk zal dit toch moeten uitwijzen.”

Gouden greep

“Maar heel veel verloopt ook soepel”, vertelt De Jong enthousiast. “Wat daaraan volgens mij heeft bijgedragen, is de samenwerking met een extern projectleider die een gedegen verkenning heeft uitgevoerd naar wat precies nodig is in de wijk, welke samenwerkingspartijen daarbij een rol kunnen spelen en, het belangrijkste, wat de wensen van bewoners zijn. Dit heeft hij gedaan door met tientallen partijen te spreken, waaronder het stadsdeelkantoor, wijkregisseur Loosduinen, zorginstellingen en uiteraard ook wijkbewoners zelf. Hierdoor konden we de invulling van Loosduinse Hof vanuit de praktijk verder uitdenken en concretiseren. Ook de samenwerking met Verzilveren, een sociaal netwerk van 55-plussers uit Loosduinen, is een gouden greep geweest. Door Verzilveren bij de inrichting van Loosduinse Hof te betrekken, weet je zeker dat het een plek wordt waar onze doelgroep graag verblijft. Je probeert iets te maken, maar ‘t is er eigenlijk al.”