De weg tot inwerkingtreding van de Omgevingswet

Terwijl gemeenten zich voorbereiden op de inwerkingtreding van de Omgevingswet gaan de ontwikkelingen rond het DSO en juridische ontwikkelingen door. In de leerkring Omgevingswet bespraken de programmamanagers van de G40/G4 het proces rondom de inwerkingtreding, hoe het ervoor staat met de leveranciers van het Digitaal Stelsel Omgevingswet, de serviceketen, implementatie, Indringend Ketentesten en Tijdelijk Alternatieve Maatregelen. Over dit laatste deelde gemeente Deventer recente ervaringen.

Besluitvorming

Tijdens de Algemene Ledenvergadering van de VNG op 2 december 2022 is de door Eindhoven en Tilburg ingediende motie over inwerkingtreden Omgevingswet met 93,64% van de stemmen aangenomen. Naast het onverkort uitspreken voor de invoering van de Omgevingswet stelden gemeenten hierin ook dat een snel besluit over de invoeringsdatum Omgevingswet nodig is. Niet in de minste plaats omdat minimaal 6 maanden voorbereidingstijd noodzakelijk is na het slaan van het Koninklijk Besluit. Naast duidelijkheid en voorbereidingstijd om te komen tot een verantwoorde en haalbare invoering van de Omgevingswet zijn de eerder door de VNG geformuleerde 8 randvoorwaarden voor een verantwoorde invoering onverlet van kracht. 

Implementatie en serviceketen

Nico Statius Muller (coördinator monitoring Omgevingswet bij de VNG) geeft een update van de stand van zaken op een aantal onderwerpen. Ondanks dat het uitblijven van de datum van inwerkingtreding uitblijft en dit voor de implementatie onwenselijk is, kunnen er veel randvoorwaardelijke zaken al wel geregeld worden door gemeenten. Het technisch en functioneel aansluiten bijvoorbeeld. De verwachting is dat als de datum bekend wordt er meer focus zal liggen bij het (verder) opleiden van de mensen.
Ook komt het team Serviceketen op stoom. De lokale serviceketen gaat actieve ondersteuning bieden aan gemeenten vanuit de VNG. Daarnaast investeren Regionale Implementatiecoaches Omgevingswet in regionale samenwerking. In de hele serviceketen wordt zoveel mogelijk getracht om kennis slim in te zetten, zodat nergens het wiel opnieuw wordt uitgevonden.

Indringend Ketentesten

In de Indringend Ketentesten (IKT) wordt gekeken naar de samenhang van alle componenten van het DSO. Deze test richten zich op problemen die zich DSO-breed voordoen, en kijken dus niet naar specifieke componenten of applicaties van het DSO. De VNG heeft samen met gemeenten leidraden opgesteld om deze Indringend Ketentesten 3 (IKT 3) uit te voeren, welke binnenkort wordt opgeleverd.

Leveranciers (DSO-lokaal)

In de huidige stand van zaken kunnen bijna alle leveranciers nu een omgevingsplan opstellen en publiceren in het DSO-Landelijke Voorzieningen (DSO-LV). Er zijn echter wel een aantal functionaliteiten die nog beperkt werken. Voorbeelden hiervan zijn het inladen van de bruidsschat, het kunnen wijzigen van het omgevingsplan of het opstellen van een kennisgeving. Volgens de planning zullen de meeste leveranciers dit aanleveren in het eerste kwartaal van 2023. De VNG roept gemeenten op om zelf ook te kijken naar de evaluatie van de basischecks (link onderaan deze pagina) en hierover terug te koppelen aan de VNG. Zo komt er een steeds scherper beeld over de voortgang van de ontwikkeling van lokale DSO-software. VNG geeft ook aan dat gemeenten hun opdrachtgeversrol richting de leveranciers kunnen benutten om de voortgang van ontwikkeling te stimuleren.

Digitaal Stelsel Omgevingswet Landelijke Voorziening

In de ontwikkeling van het DSO-LV zijn de afgelopen tijd belangrijke vorderingen geboekt. Zo zijn de viewer ‘Document en de Kaart’ gereed voor testen, wordt stabilisering gehandhaafd/verbeterd en is de downloadfunctie beschikbaar. Verdere ideeën die de VNG heeft voor het afhandelen van het DSO zijn onder andere om een interdisciplinair team op te stellen wat de gebruiksvriendelijkheid gaat testen.

Tijdelijke Alternatieve Maatregelen

Tot het moment van inwerkingtreding van de Omgevingswet is het mogelijk om gebiedsontwikkelingen op grond van het huidige recht mogelijk te maken. De voorwaarde is dat het ontwerp van een bestemmingsplan vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet ter inzage is gelegd. Als een gemeente dit niet haalt, biedt TAM-IMRO een uitkomst (zodat niet de technische structuur halverwege de procedure hoeft te worden gewijzigd). Daarnaast kan TAM-IMRO ook ingezet worden als een gemeente nog niet klaar is om aan te sluiten op de standaarden van het DSO-LV. TAM-IMRO is bedoeld als vangnet en om te voorkomen dat gebiedsontwikkelingen veel vertraging oplopen door de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De VNG gaat ervoor zorgen dat gemeenten in de oefenomgeving www.ruimtelijkeplannen.nl hiermee kunnen oefenen.

In een eerdere leerkring kwam ook al aan bod waarvoor TAM-IMRO’s bedoeld zijn en hoe ze gebruikt kunnen worden. Jan van der Sommen (VNG) onderstreepte in deze leerkring dat het gebruik van TAM-IMRO het meest geschikt is voor urgente gebiedsontwikkelingen. Bij urgente gebiedsontwikkeling zou ook een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) ingezet kunnen worden. Over het algemeen heeft het gebruik van Standaard officiële publicaties en Toepassingsprofielen voor omgevingsdocumenten (STOPTPOD) de voorkeur. Deze is alleen nu nog niet beschikbaar in de huidige versie van het DSO.

Dus hoe kun je nu het best als gemeente de volgende stap zetten met TAM-IMRO? Van der Sommen raadt aan om een overzicht te maken van ontwikkelingen in uw gemeente, om te bepalen hoe deze ontwikkelingen gefaciliteerd kunnen worden (STOP-TPOD, BOPA of toch TAM-IMRO?) en hierbij een keuzehulp te gebruiken. Als laatste raadt Van der Sommen aan om in het geval van een keuze voor TAM-IMRO de bijsluiter te gebruiken die de VNG daarvoor heeft gemaakt.

Ervaringen met TAM-IMRO

In Deventer heeft de gemeente ervaring opgedaan met het toepassen van een TAM-IMRO. Zo heeft Suzanne Hendriks, juridisch planoloog voor de gemeente Deventer, een plan met TAM-IMRO opgesteld voor een stedelijk gebied. Dit deed ze door middel van een Chw bestemmingsplan om te schrijven naar een TAM-IMRO bestemmingsplan. Ze gebruikte hiervoor de transponeertabel van de VNG. In de leerkring lichtte ze toe welke keuzes ze heeft gemaakt. Sommige keuzes maakte ze omdat de software bepaalde functionaliteiten nog niet bevatte, of omdat de bijsluiter nog ruimte overliet voor interpretatie. Verder geeft Hendriks mee dat om met TAM-IMRO te gaan werken er wel nog verfijning nodig is van de werkwijzen. Zo moeten er nog keuzes gemaakt worden over de formuleringen in de bijsluiter, moet er nog goed naar bruidsschat gekeken worden in combinatie met voorrangsbepalingen en zou er nog een check over de instructieregels gedaan kunnen worden.

Uiteindelijk heeft Hendriks twee dagen gedaan over het opstellen van dit TAM-IMRO omgevingsplan, en viel de hoeveelheid werk haar mee. Daarmee kan het dus als een alternatief werkbaar zijn op het moment dat het DSO nog niet helemaal functioneert met de beoogde functionaliteiten.

Meer informatie

IKT

TAM-IMRO

Neem contact op met de VNG bij vragen of opmerkingen of als je je wilt aanmelden voor de maandelijkse Omgevingswetnieuwsbrief met daarin het laatste nieuws: omgevingswet@vng.nl

Kijk de G40 en G4 – leerkring Omgevingswet van 8 december terug.