Foto: Nanda Sluijsmans
Praktijkvoorbeeld Kwaliteit leefomgeving Wijkaanpak

Waar sociaal en fysiek samenkomen: Eindhoven stuurt op gezondheid met acht indicatoren

18 februari 2026 | Leestijd: 5 minuten
De gemeente Eindhoven heeft de gezondheidsambities stevig in het omgevingsprogramma Gezonde Leefomgeving verankerd. Aan de hand van acht sociale en ruimtelijke indicatoren streeft de stad naar drie extra gezonde levensjaren per inwoner en twintig procent minder gezondheidsverschillen. Gezondheid krijgt zo een stevige plek in alle ruimtelijke plannen.

Auteur(s)

De gemeente Eindhoven staat aan de vooravond van een grote schaalsprong. Tot 2040 komen er naar verwachting ruim 40.000 woningen bij. Deze groei, samen met de sterk oplopende kosten in het sociaal domein, was voor de gemeente aanleiding om leefomgeving integraal onder de loep te nemen en maatregelen te treffen om de kwaliteit ervan te waarborgen.

Van normsturing naar sturen op kwaliteit

Voor 2020 was het beleid binnen de gemeente vooral gericht op normsturing. Er werd gewerkt vanuit losse thema’s en er bestond geen gedeeld beeld van hoe een leefomgeving gezond ingericht kon worden. De gemeente Eindhoven begon in 2020 daarom met het opstellen van een gezamenlijk, integraal gezondheidsbeleid. Dat startte vanuit het fysieke domein, waarna het sociaal domein aansloot. Met het oog op de Omgevingswet besloot de gemeente in die fase ook om gezonde leefomgeving als een van de verstedelijkingsprincipes te hanteren. Zo verschoof het beleid van normsturing naar kwaliteitssturing en het actief bevorderen van gezondheid.

Rob Gerardts, afdelingshoofd van Gezonde Fysieke Leefomgeving, vertelt hoe de gemeente vervolgens te werk ging. “De kwaliteitssturing werd vanuit fysieke thema’s ingestoken. Tegelijk zagen we dat de gezondheidsverschillen tussen plekken toenamen en dat de zorgkosten, waaronder de Wmo-uitgaven, de afgelopen jaren flink waren gestegen. Vanuit het sociaal domein realiseerden we ons dat we met alleen een doelgroep benadering de problemen niet konden oplossen. Door de beoogde schaalsprong groeide bovendien de behoefte om duidelijk te kunnen bepalen waar ruimtelijk het zwaartepunt ligt en hoe sociaal en fysiek precies op elkaar ingrijpen. We moeten echt de hele leefomgeving meenemen. Wij vreesden anders voor een nog grotere tweedeling tussen plekken in de stad, en tussen groepen inwoners.”

Werken met een omgevingsprogramma

Om gericht te kunnen werken aan een gezonde leefomgeving koos de gemeente Eindhoven voor de inzet van een omgevingsprogramma. Een omgevingsprogramma is een beleidsinstrument onder de Omgevingswet dat concrete maatregelen bevat om de ambities uit een omgevingsvisie te realiseren. Het richt zich op specifieke onderwerpen binnen de fysieke leefomgeving, zoals klimaatadaptatie of de energietransitie. 1 Daarmee bracht de gemeente bewust het fysiek en sociaal domein samen en koos zij voor gebiedsgericht werken. Op deze manier kan de gemeente beter vaststellen waar actie nodig is en op welke plekken de meeste winst te behalen valt. Voorheen werkte de gemeente vooral projectgericht: zodra zich ergens een probleem voordeed, probeerde de gemeente het op te lossen.

Gerardts licht toe: “Met alle ontwikkelingen en opgaven, of het nu om stikstof, de energietransitie of het terugdringen van gezondheidsverschillen gaat, redden we het niet meer met een projectmatige aanpak. Daarom beginnen we met de omgevingsvisie en werken we die uit in een beperkt aantal programma’s. Dus geen zestig beleidsstukken meer, zoals eerst, maar zes programma’s per opgaveafdeling, zoals klimaatadaptatie of gezonde leefomgeving De andere vijf opgave afdelingen werken aan mobiliteit, energietransitie, wonen en voorzieningen en integraal ruimtelijk beleid (verdichting). 2 . Die opgaveafdelingen werken aan zeven stedelijke opgaven, waaronder ‘Eindhoven vergroent en wordt gezonder met oog voor mens en dier’, ‘Eindhoven bouwt aan een vitale stad met ruimte voor iedereen en meerdere centra’ en ‘Eindhoven investeert in leefbare, sociale en veilige wijken’.” De andere stedelijke opgaven uit de Eindhovense omgevingsvisie zijn: Eindhoven wordt klimaatneutraal, Eindhoven biedt ruimte aan een sterke, concurrerende en duurzame Brainporteconomie en Eindhoven werkt aan duurzame mobiliteit en bereikbaarheid: vlot, veilig en schoon. 3

Het programma krijgt daarmee ook een plek als kernwaarde binnen gebiedsontwikkeling. De indicatoren sturen bovendien de prioriteiten die de gemeente meegeeft aan ontwikkelaars. Zo kan de gemeente bijvoorbeeld zien waar bijvoorbeeld een mobiliteitsopgave ligt of waar de luchtkwaliteit het meest onder druk staat. Door op deze manier te werken, voorkomt de gemeente dat ontwikkelaars worden overvraagd met een stapeling van ambities en eisen.

Nullen en enen

Concreet betekent dit dat de gemeente haar plannen baseert op acht gezondheidsindicatoren: vier sociale en vier ruimtelijke. De sociale indicatoren zijn eenzaamheid, stress, ervaren jaren in goede gezondheid en de SES-WOA-score. Deze laatste indicator geeft de sociaaleconomische status van een buurt, wijk of gemeente weer op basis van (financiële) welvaart, opleidingsniveau en recent arbeidsverleden. De vier ruimtelijke indicatoren zijn het aantal inwoners per vierkante meter, geluids- en luchtkwaliteit, afstand tot basisvoorzieningen en de afstand tot groen.

Het beleid dat de gemeente ontwikkelt, wordt zo objectief mogelijk met data onderbouwd. Een groot deel van die data komt uit de jaarlijkse inwonersenquête op wijk- en buurtniveau. Op basis van al deze informatie ontwikkelde de gemeente, in samenwerking met TNO en andere organisaties, een gezondheidskaart waarin Eindhoven is opgedeeld in 3.620 zeshoekige vakjes van 100 bij 100 meter.

Elk zeshoekig vakje krijgt een score op basis van de acht indicatoren. Per indicator scoort een vakje nul of één, wat leidt tot een totaalscore van minimaal 0 (alle indicatoren scoren positief of ‘gezond’) of maximaal 8 (alle indicatoren scoren negatief of ‘ongezond’). De gezondheidskaart laat daarbij ook verschillen binnen een wijk zien, zoals de afstand tot groenvoorzieningen zoals een park of een plantsoen. In de praktijk blijken de hoogste scores vaak voor te komen in gebieden waar meer bewoners met een lagere sociaaleconomische status wonen. Hoe donkerder de zeshoek kleurt, hoe meer gezondheidswinst er te behalen valt.

Drie gezonde jaren erbij

In haar integrale gezondheidsbeleid koos de gemeente Eindhoven eerder al voor ambitieuze doelen: in 2030 tot drie extra gezonde levensjaren per inwoner en twintig procent minder gezondheidsverschillen. In het huidige omgevingsprogramma is dit streven opgeschoven naar 2036. De ambities zijn in lijn met die van de provincie Noord-Brabant Brabants Model Positieve Gezondheid 4 en met het Rijk Gezonde leefstijl, maatregelen en samenwerking Rijksoverheid 5 , die beide inzetten op een gezonde leefstijl voor alle Nederlanders en een gezonde leefomgeving voor opgroeiende kinderen.

“Eerlijk gezegd hebben we geen wetenschappelijk onderzoek dat deze doelen precies onderbouwt”, zegt Gerardts. “Maar uit alle metingen die we doen, zien we dat de verschillen alleen groter worden, terwijl we in ons beleid al veertig jaar hebben staan dat we deze verschillen willen verkleinen. Daarom noemen we nu een concreet percentage en aantal jaren waar we binnen een duidelijke periode naartoe werken. Zo kunnen we sturen, meten en maatregelen ontwikkelen die hierop aansluiten.”

Co-creatietraject

Met behulp van de kaart en de acht indicatoren wil de gemeente de voortgang van het omgevingsprogramma gaan volgen. Het idee is dat de zeshoeken geleidelijk lichter kleuren. Dat vergt natuurlijk het voortzetten van metingen, goede interne samenwerking én nauwe samenwerking met allerlei organisaties in de stad.

Anne Grave, beleidsmedewerker Bijzondere Leefomgeving, licht toe: “We zijn continu in de verschillende gebieden in gesprek met bewoners, gebiedscoördinatoren, wijkverbinders, woningcorporaties, welzijnsorganisaties en andere partijen, zoals de politie. In sommige gebieden is het duidelijk waar de knelpunten liggen, terwijl dat in andere delen lastiger te bepalen is. Daar starten we dan een co-creatietraject en geven op die manier de gesprekken met bewoners en relevante partijen vorm.”

Volgens de planning zal het college van Eindhoven het omgevingsprogramma nog voor de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2026 vaststellen. Zo kan de gemeente in het voorjaar voortvarend aan de slag met het verkleinen van de gezondheidsverschillen en het laten toenemen van de gezonde jaren.

Contact

Annette Duivenvoorden 06 35 11 58 12 LinkedIn

Ontvang nieuws van Platform31

Nieuws, publicaties en bijeenkomsten van Platform31 automatisch in jouw mailbox?

"*" geeft vereiste velden aan