Beleids- en stelselwijzigingen

Ten tijde van de afbouw van het wijkenbeleid worstelen veel gemeenten met bezuinigingen en reorganisaties als gevolg van de crisis. In dezelfde periode is de Woningwet grondig herzien en in het sociaal domein vond een ingrijpende decentralisatie en transformatie plaats. In 2015 kregen deze wijzigingen formeel hun beslag. De beëindiging van het wijkenbeleid (GSB/ISV) past binnen een bredere decentralisatietrend bij de Rijksoverheid, die al voor de crisis is ingezet met de gedeeltelijke decentralisatie van het ruimtelijke ordeningsbeleid. Met de invoering van de Omgevingswet wordt de decentralisatie van beleid in het ruimtelijk domein bestendigd. Die wet geeft gemeenten meer mogelijkheden om lokaal maatwerk te leveren bij burgerparticipatie, het versnellen van procedures en meer integrale gebiedsontwikkeling.

Van wijkenbeleid naar City en Regio Deals

Met de beëindiging van het ISV-budget kondigt minister Blok in 2015 aan dat het Rijk via het instrument van ‘City Deals’ steden ondersteunt om tot vernieuwende aanpakken van stedelijke opgaven te komen. In een City Deal worden samenwerkingsafspraken tussen steden, Rijk, andere overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties verankerd. Er zijn diverse City Deals gesloten, onder meer op het terrein van digitalisering van de woonomgeving, klimaatadaptatie, stedelijke veiligheid en de circulaire stad. In 2017 heeft het G32 Stedennetwerk de mogelijkheden om tot een City Deal over wijkvernieuwing te komen verkend. Omdat de opgave in kwetsbare wijken complex en intersectoraal is, biedt het programma echter onvoldoende concrete aanknopingspunten.

In het regeerakkoord van het kabinet Rutte III krijgen de City Deals een vervolg op regionaal niveau. Het kabinet investeert 950 miljoen euro in de zogenaamde ‘Regio envelop’, waarvan een substantieel deel wordt ingezet in de vorm van Regio Deals. De achterliggende gedachte is dat het Rijk, regionale overheden en de bedrijven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties samen moeten optrekken om regionale opgaven aan te pakken. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) coördineert de Regio Envelop, in overleg met het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelatie (BZK) en in samenwerking met andere departementen. Eind 2018 is de tranche van Regio Deals toegekend. In enkele deals, zoals in Rotterdam Zuid, Den Haag Zuid West en Parkstad Limburg, wordt ingezet op de aanpak van stedelijke leefbaarheidsvraagstukken.

Decentralisaties in het sociaal domein (2015)

Vanaf 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van de Jeugdwet (jeugdzorg), de Participatiewet (werk en inkomen) en de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (zorg aan langdurig zieken en ouderen). De budgetten die zijn gekoppeld aan deze beleidsvelden worden, met een bezuiniging van Rijk en provincies, overgeheveld naar gemeenten. De gedachte is dat lokaal maatwerk leidt tot minder schotten en tot meer integrale vormen van werken, wat efficiëntie in de uitvoering ten goede komt.

De decentralisaties hebben als doel beter aan te sluiten bij het zelfoplossend vermogen van de samenleving. De overheid beoogt hiermee ook de eigen kracht van burgers te mobiliseren. Wederom kiezen veel gemeenten de wijk als schaalniveau om de nieuwe werkwijze vorm te geven. In het hele land ontstaan zogenaamde sociale wijkteams die voortborduren op experimenten uit de Stedenbeleid-periode (‘Achter de voordeur’, ‘Eén gezin één plan’). De sociaaleconomisch zwakkere wijken krijgen hierbij wederom een belangrijke rol, omdat zich daar de doelgroepen concentreren die in aanmerking komen voor de inzet van de wijkteams.

Herziening Woningwet (2015)

De economische crisis (2008-2015) en de herziening van de Woningwet (2015) zorgen ervoor dat de woningcorporaties zichzelf en hun activiteiten moeten herijken. Gedurende de economische crisis staken corporaties hun projecten in het commerciële domein. Ook leefbaarheidsbudgetten worden flink teruggeschroefd. De herziening van de Woningwet dwingt de corporaties om terug te gaan naar de kerntaak. Na een periode van twintig jaar waarin de corporaties ruimte krijgen om breed actief te zijn, richten ze zich sinds deze periode voornamelijk op het bouwen en beheren van woningen tot de liberalisatiegrens (vastgesteld op € 710,86 voor de periode 2016-2018). Deze inperking en terugtrekking van de sector lijkt de dynamiek in de stedelijke vernieuwing blijvend te veranderen.