Anders werken in de praktijk

De juridische transitie eist veel aandacht en tijd op. Het is belangrijk om in het oog te houden dat dit slechts middelen zijn, op weg naar het halen van de verbeterdoelen achter de Omgevingswet. Een samenhangende kijk op de leefomgeving, maatwerk, snellere en betere besluiten, meer gebruiksgemak: ze vallen of staan bij de cultuuromslag die de wet beoogt. Een veelgehoorde uitspraak is dat de cultuuromslag voor 80% bijdraagt aan het succes de Omgevingswet, tegenover de 20% die volgt uit nieuwe wetten en regels.

De Omgevingswet is gebaseerd op vertrouwen, samenwerken en samenspel. De vier bestuurslagen van overheden streven ernaar om integraal werken als één overheid. Gemeenten, provincies, waterschappen, omgevingsdiensten, de GGD’s en veiligheidsregio’s en het Rijk gaan meer samenwerken op regionaal niveau. Integraal werken betekent ook meer samenwerking binnen overheden. Dit is nodig om belangen en perspectieven te kunnen afwegen, met het nemen van betere besluiten als doel.

Een belangrijke pijler onder de Omgevingswet is participatie. Het vroegtijdig samenwerken met belanghebbenden en experts kan zorgen voor meer draagvlak, betere besluiten en tijdwinst. De wetgever ziet participatie als maatwerk en schrijft daarom niet voor hoe participatie moet plaatsvinden. Wel is bepaald wie er verantwoordelijk voor is: zo wordt van initiatiefnemers verwacht dat ze zelf het participatieproces opzetten.

Praktijkvoorbeelden