Werkmilieus

Werkmilieus inspireren tot ondernemerschap, innovatie en groei van werkgelegenheid. Het zijn de nieuwe plekken waar ruimte is voor werken, produceren, leisure, onderwijs, recreatie, ecologie en wonen. Mengen van functies zorgt voor de intensivering van economische activiteit in een stad, en daarmee voor minder leegstand.

Iedere situatie is anders. Milieunormen kunnen de functiemenging bijvoorbeeld beperken, daarom vraagt functiemening om maatwerk. En om het centraal stellen van de gebruiker. Regionale afstemming is cruciaal om dit van de grond te krijgen. Private bedrijven als de (toekomstige) beheerders en gebruikers mogen niet worden vergeten in het proces van transformeren, herstructureren of ontwikkelen van reguliere werklocaties als bedrijventerreinen tot gemengde werkmilieus.

Nu er steeds meer zzp’ers zijn, neemt de vraag naar externe en nieuwe werkmilieus toe. Gedeelde werklocaties als de lunchroom om de hoek of het internetcafé worden steeds belangrijker. Lokale netwerken in de woonwijk spelen daarbij een belangrijke rol.

In dit deel van het kennisdossier Economische veerkracht geven publicaties, projecten en nieuwsberichten een overzicht van trends en ontwikkelingen in nieuwe werkmilieus.

Nieuws

Next economy: welke megatrends cruciaal voor bedrijventerreinen?

Next economy is een groot containerbegrip. Niet alle trends hebben substantiële effecten op de locatiekeuze van bedrijven en het economisch perspectief van regio’s, steden en werklocaties. In onze ogen doen vooral de megatrends circulaire economie, smart industry, robotisering, open innovatie en smart logistics er toe. Lees het whitepaper over next economy, de relevante trends die de Stec Groep ziet en het effect hiervan op werklocaties.

Lees meer


Publicaties

Investeringsgerichte aanpak bedrijventerreinen,

Gemeenten beschikken de komende vijf jaar over slechts de helft van de bestaande budgetten voor bedrijventerreinen. Dit blijkt uit benchmarkonderzoek van Stec Groep onder 170 gemeenten naar hun investeringsgerichte aanpak op bedrijventerreinen. Uit het onderzoek blijkt verder dat drie kwart van de gemeenten slechts de helft van het potentieel benut om private investeringen uit te lokken.



Aanpak bedrijventerreinen niet altijd gebaseerd op slechte
economische prestaties

De beslissing om bedrijventerreinen te herstructureren is niet altijd gebaseerd op de slechte economische prestaties van de betreffende terreinen, terwijl het beleid dit wel veronderstelt. Dit betekent dat publiek geld voor herstructurering van verouderde bedrijventerreinen niet altijd wordt gebruikt waarvoor het is bedoeld. Dit is één van de bevindingen van het promotieonderzoek ‘Oorzaken van veroudering van bedrijventerreinen’ waarop Jasper Beekmans op donderdag 4 februari 2016 promoveerde aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.

Lees meer


De markt voor bedrijventerreinen

Bedrijventerreinen worden vaak geassocieerd met leegstand, verloedering en verrommeling. Om van dit imago af te komen, riep de Taskforce (Her)structurering Bedrijventerreinen in 2008 op om de markt van bedrijventerreinen te gaan hervormen. Deze publicatie laat zien wat er de afgelopen jaren is gebeurd: bedrijventerreinen zijn op grote schaal geherstructureerd, de overheid speelt een andere rol en kijkt met een meer zakelijke blik op bedrijventerreinen, terwijl de rol van ondernemers en vastgoedeigenaren belangrijker is geworden. Daarnaast worden er inzichten voor nieuw beleid gegeven. Zo dienen ‘systeemfouten’ in de markt voor bedrijventerreinen gerepareerd te worden en is het de uitdaging om publiek geld op een ‘slimme’ manier in te zetten.


Cluster governance

Clusters worden als de motoren van innovatief Nederland gezien. Een provincie zonder clusters is in deze tijd ondenkbaar, net als een studentenstad zonder sciencepark. Aan belangstelling is er geen gebrek, maar hoe kunnen clusters eigenlijk het best gefaciliteerd worden? Platform31 bespreekt in deze publicatie zeven lessen rondom clusters voor de praktijk. Een van de lessen is het identificeren en inzetten van civic entrepreneurs. Deze personen kunnen een belangrijke rol spelen in een cluster, omdat zij de taal van de verschillende betrokken partijen spreken en op verschillende niveaus snel kunnen schakelen. Ook gaat de publicatie in op het vergroten van de daadkracht van clusters door te blijven leren, in te zetten op institutioneel ondernemerschap en te werken aan hefboomwerking in het overheidsbeleid. Bij elkaar kan dit de internationale concurrentiekracht van een cluster vergroten.


Gezocht: Werklocatie 3.0

Zzp’ers werken steeds minder vanuit huis en zoeken steeds vaker verschillende werklocaties op. De vraag naar externe werklocaties neemt daarmee toe. Deze publicatie brengt in kaart op welke locaties zzp’ers door de jaren heen hun werk verrichten en waar hun behoeften liggen wat betreft werklocaties. Daarnaast brengt de publicatie een nieuw type externe werklocatie onder de aandacht: de zogenaamde coworking spaces. Dit zijn gehuurde ruimtes die worden gedeeld met andere zelfstandigen, flexwerkers en studenten, waar de gebruiker met een laptop aan tafel kan werken. Het uitgangspunt is dat iedereen zich openstelt voor contact met de medegebruikers om tips en kennis uit te wisselen.


Bedrijvige wijken in bedrijvige steden

Platform31 brengt op basis van onderzoek met ondernemers in 15 stedelijke woonwijken uit de steden Amsterdam, Dordrecht, Leiden, Utrecht en Zoetermeer in kaart hoe de ondernemer zich tot zijn wijk verhoudt. Werkt hij aan huis? Heeft hij binding met de buurt? Wat betreft werkmilieus is in deze publicatie terug te vinden in hoeverre de ondernemer gebonden is aan de wijk en gebruik maakt van lokale netwerken. Ook is onderzocht welke betekenis de buurt voor de ondernemer heeft. Zo blijkt bijvoorbeeld dat bedrijven met een inloopfunctie de buurtfactoren doorgaans belangrijker vinden dan bedrijven zonder. Heeft de buurt een goed imago? Hoeveel potentiële klanten zijn er in de buurt?


Handboek wijkeconomie

Volgens het ministerie van Economische Zaken (EZ) kan zo’n 40 procent van de bedrijvigheid in de grote steden van de G32 in woonwijken gevonden worden. Toch bestaat er in het kennisgebied van de wijkeconomie een leemte, signaleerde het G32-stedennetwerk. Om die reden stelden Seinpost Adviesbureau en Onderzoeksinstituut OTB van de TU Delft in opdracht van het ministerie dit handboek op. In de publicatie komen onder meer onderwerpen als zzp’ers, coaching en financiering, creatieve economie en arbeidsmarkt aan bod. Voor elk van deze onderwerpen is een actieprogramma opgesteld. Zo stellen de auteurs dat de (commerciële) vaardigheden en vakkennis van zzp’ers moet worden vergroot, kennis over bedrijfsvoering aan de man moet worden gebracht bij met name startende ondernemers, stimuleringsbeleid voor creatieve economie voor specifieke wijken moet worden opgesteld (niet iedere wijk is geschikt voor creatieve bedrijven) en doen gemeenten er goed aan om bedrijven aan te trekken die passen bij de beroepsbevolking, het aanbod van werkzoekenden en de wijkeconomie.

  • Pijlman, L., & Korthals Altes, W. (2010). Handboek wijkeconomie. Arnhem/Delft: Seinpost Adviesbureau BV/Onderzoeksinstituut OTB/TU Delft.

Practices

Cities of Making

Het project ‘Cities of Making’ draait om het naar de stad terugbrengen van de maakindustrie wat allerlei mogelijke voordelen biedt op het gebied van werkgelegenheid, circulaire economie en economische veerkracht. De onderzoekers richten zich op kennisontwikkeling rond nieuwe slimme technologie, fysieke omgevingen voor de maakindustrie en de rollen die publieke diensten kunnen spelen bij de ‘re-industrialisatie’ van steden. Er zijn casestudies in Brussel, Londen en Rotterdam.


Knooppuntontwikkeling (2008-2013)

Dit onderzoek, dat in het kader van het Platform31-programma ‘Kennis voor Krachtige Steden’ is uitgevoerd, staat in het teken van knooppuntontwikkeling, oftewel Transit Oriented Development (TOD), waarin binnen- en buitenlandse projecten geanalyseerd worden. Er is enerzijds gekeken naar het economische effect van knooppuntontwikkeling en anderzijds naar de institutionele complexiteit.

Belangrijkste conclusies: In Nederland wordt het maatschappelijke debat over TOD nog nauwelijks gevoerd. Terwijl de urgentie er wel degelijk is, gelet op de ruimtelijk-economische uitdagingen die er zijn in stedelijke regio’s.

Bron foto: Mylene Siegers
Foto: Mylene Siegers