Publicaties en onderzoek

‘The Circularity Gap Report – Built Environment, the Netherlands’

Circle Economy, 6 juli 2022

Met een recyclings- en hergebruikpercentage van 88% lijkt Nederland een koploper op het gebied van circulariteit. Toch is hier vooral sprake van downcycling; waardevol bouwafval wordt vooral laagwaardig gebruik als funderingsmateriaal voor wegen. Slechts 8% is circulair en krijgt een gelijkwaardige of zelfs verbeterde toepassing in het bouwproces. Dit blijkt uit het Circularity Gap Report voor de gebouwde omgeving in Nederland, op initiatief van Circle Economy. Het rapport legt niet alleen de vinger op de zere plek, maar legt ook concrete oplossingen voor om toe te werken naar een volledig circulaire bouwsector.

Lees verder


Staat van het mkb 2021

Het Comité voor Ondernemerschap, november 2021

Ondernemers in beweging. Dat is het thema van het Jaarbericht Staat van het mkb 2021. Een groot deel van het mkb van Nederland is vooralsnog veerkrachtig de coronacrisis doorgekomen. Hoewel de impact van de coronacrisis sterk verschilt per bedrijf en sector, roept Het Comité voor Ondernemerschap op om weer vooruit te kijken.

Het Comité voor Ondernemerschap pleit voor ‘gezonde groei’, omdat deze leidt tot meer toegevoegde waarde, winstgevendheid en investeringsmogelijkheden en dus tot continuïteit van het mkb-bedrijf. Er zijn langetermijninvesteringen nodig voor het mkb, met name op het gebied van verduurzaming en digitalisering. Ook moeten bedrijven zich aanpassen met investeringen in menselijk kapitaal en arbeidsbesparende technieken om personeelstekorten te bestrijden.

Lees verder


Onderzoeksprogramma’s met een missie

Rathenau Instituut, september 2021

De grote uitdagingen van deze tijd kunnen we niet oplossen met alleen technologische innovatie. Het Rathenau Instituut pleitte vorig jaar voor opgavegericht innovatiebeleid, een benadering die niet probeert specifieke technologieën of sectoren te stimuleren, maar die een maatschappelijke opgave als vertrekpunt neemt. Met dit rapport wil het Rathenau Instituut een bijdrage leveren aan de verdere ontwikkeling van dit nieuwe genre van opgavegericht innovatiebeleid.

Lees verder



Ecosystemen van Werk in de stad, veiligstellen van ruimte voor werk in stedelijke milieus

Hogeschool van Rotterdam, januari 2021

Samenwerking met nieuwe partijen cruciaal bij het behouden en uitbreiden van betaalbare werkruimte in de stad. De publicatie ‘Ecosystemen van werk in de stad’ laat aan de hand van 20 praktijkvoorbeelden zien hoe het wel degelijk mogelijk is om betaalbare ruimte voor werk in de stad te behouden, uit te breiden en te ontwikkelen.

Het rapport – van Bernardina Borra en Gert Urhahn van SPcitI (The Spontaneous City International) in opdracht van Kenniscentrum Duurzame Havenstad van Hogeschool Rotterdam – laat zien hoe het met behulp van alternatieve planningsaanpakken toch mogelijk is om in deze tijd met een gigantische woningvraag ruimte voor het werken in de stad te behouden. Werken is namelijk net zo’n essentiële intrinsieke waarde voor een aantrekkelijke leefomgeving als het wonen.
Lees verder


Ruimtelijke kwaliteit bedrijventerreinen

Federatie Ruimtelijke Kwaliteit, 2020.

Het ministerie van BZK heeft de Federatie Ruimtelijke Kwaliteit gevraagd om een verkenning te doen naar het vraagstuk van ruimtelijke kwaliteit en welstandsbeleid van bedrijventerreinen, mede in relatie tot energietransitie en klimaatadaptatie. Hiermee wil ze het inzicht vergroten in de motivatie van gemeenten, parkmanagers en andere partijen om hiermee aan de slag te gaan. De Federatie Ruimtelijke Kwaliteit heeft een verkenning uitgevoerd naar:

  • de staat van de ruimtelijke kwaliteit op bedrijventerreinen,
  • de knelpunten en kansen voor vernieuwend ruimtelijk kwaliteitsbeleid in combinatie met energietransitie en klimaatopgaven en met transitie naar woongebieden, mede in het licht van de afwegingsprincipes uit de Nationale Omgevingsvisie;
  • de instrumenten en mogelijkheden om vorm te geven aan vernieuwend ruimtelijk kwaliteitsbeleid, zowel voor bestaande als nieuw te ontwikkelen bedrijventerreinen.

De vijf geselecteerde terreinen in Tiel, Zwolle, Houten, Zevenaar en Capelle aan den IJssel hebben allemaal een revitaliserings- of groeiopgave, waarbij op verschillende manieren gewerkt is of gewerkt wordt aan de ruimtelijke kwaliteit.

Peter Paul Witsen (red.), Verkenning ruimtelijke kwaliteit bedrijventerreinen


Foundries of the Future

VerDUS SURF, 2020

In de publicatie Foundries of the Future laten onderzoekers uit Engeland, België en Nederland zien hoe je de maakindustrie kunt terugbrengen in de stad en welke voordelen dit biedt voor de werkgelegenheid, circulaire economie en economische veerkracht. De onderzoekers richten zich op kennisontwikkeling rond nieuwe slimme technologie en fysieke omgevingen voor de maakindustrie. Ook geven zij praktische tips wat de overheid kan doen om ‘re-industrialisatie’ van steden te realiseren.

Cities of Making is één van de projecten binnen het onderzoeksprogramma VerDUS SURF.

Ben Croxford, Teresa Domenech, Birgit Hausleitner, Adrian Vickery Hill, Han Meyer, Alexandre Orban, Victor Muñoz Sanz, Fabio Vanin, Josie Warden, Foundries of the Future, 2020.

Lees ook het interview met Birgit Hausleitner (TU Delft): Maakindustrie als essentieel onderdeel van de stad


Circulaire economie in verduurzaming van bestaande wijken

Platform31, 2020

Platform31 koppelt de mogelijkheden van circulariteit aan het aardgasvrij maken van wijken. Deze publicatie is het verslag van het eerste experiment binnen het programma ‘circulaire economie bij verduurzaming van wijken’.


Circulaire economie en de gemeente. Rol lokale overheid in het bevorderen van circulaire bedrijvigheid

Platform31, 2019

Hoe zijn de steden van ons land bezig met de circulaire economie? Met deze verkenning geeft Platform31 inzicht in de aanpak van gemeenten om het bedrijfsleven (met name het mkb) te faciliteren in het ontplooien van circulaire activiteiten. We presenteren welke rollen de lokale overheid kan oppakken; namelijk de gemeente als producent en eigenaar, als aanjager en als inkoper. En welke belangrijke lessen al geleerd zijn bij vier koplopers: Almere, Groningen, Zaanstad en Zwolle.


Circulaire economie in kaart

Planbureau voor de Leefomgeving, 2019.

Overheden zoeken naar mogelijkheden om volgende stappen te zetten om de overgang naar een circulaire economie te versnellen. Om dat te kunnen doen is het cruciaal om te weten wat de huidige stand van zaken is. Met deze inventarisatie brengt PBL de circulaire economie in kaart. Voor de volgende stap naar een circulaire economie worden twee aanknopingspunten gegeven. Eén: Geef aandacht aan alle mogelijkheden voor een circulaire economie (o.a. door circulair te combineren met andere maatschappelijke doelen). Twee: Vergroot het draagvlak en de betrokkenheid van bedrijven en burgers o.a. door circulair dichtbij de mensen te brengen.



Themawebsite Circulaire economie (PBL)










Kansrijk innovatiebeleid: update

CPB, 2020

Om innovatie te stimuleren zou Nederland meer gebruik kunnen maken van prijsvragen en innovatieve aanbestedingen. Bedrijven en onderzoeksinstituten gaan waarschijnlijk meer uitgeven aan research & development (r&d) als ze meer subsidie krijgen. Dat zijn enkele bevindingen van het CPB in de update Kansrijk innovatiebeleid.

Bastiaan Overvest, Kansrijk innovatiebeleid: update


Naar een duurzame economie. Overheidssturing op transities

Rli, december 2019

De Nederlandse samenleving gaat de komende decennia ingrijpend veranderen. Dat hangt samen met de verduurzaming die nodig is op tal van terreinen, zoals onze energievoorziening, ons grondstoffenverbruik en ons voedselsysteem. De Nederlandse overheid is onmisbaar om dit transitieproces naar een duurzame economie te begeleiden. De sturingsmogelijkheden die de (rijks)overheid daarvoor heeft staan centraal in dit advies. De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) past in dit advies wetenschappelijke inzichten over sturing op transities toe op de Nederlandse beleidspraktijk rond drie actuele dossiers: de energietransitie, de grondstoffentransitie en de voedseltransitie. Op basis hiervan formuleert het Rli aandachtspunten en aanbevelingen waaronder de volgende drie:

  1. De transitie naar een duurzame economie vraagt om een visie die gebaseerd is op brede welvaart. Een visie waarin verbindingen worden gelegd tussen economische, sociaal-maatschappelijke en ecologische doelstellingen.
  2. De Nederlandse overheid moet op zoek naar een balans tussen het behoud van bestaande economische structuren en het bevorderen van structuurverandering.
  3. De regering zou eerder en vaker moeten kiezen voor beprijzing en regulering, omdat dit effectieve instrumenten zijn om verduurzaming door producenten en consumenten tot stand te brengen.
Naar een duurzame economie. Overheidssturing op transities

Brede Welvaartsindicator (BWI)

Universiteit Utrecht en Rabobank, 2019

De Brede Welvaartsindicator (BWI) 2019 van de Universiteit Utrecht en Rabobank laat de regionale verschillen zien in brede welvaart. De BWI is een integrale graadmeter die inzicht geeft in de ontwikkeling van brede welvaart in Nederland. Anders dan het bruto binnenlands product (BBP) per hoofd van de bevolking, meet en weegt de BWI niet alleen de economische situatie, maar ook andere factoren die de welvaart bepalen, zoals zeker zijn van een baan, onderwijs, gezondheid, milieu, huisvesting, veiligheid en welzijn.

De BWI meet (voor de periode 2003-2018) elf dimensies die de brede welvaart van Nederlanders indexeert. De verschillende dimensies hebben zich de afgelopen paar jaar heel anders ontwikkeld. De dimensies subjectief welzijn, materiele welvaart en vooral arbeid zijn de afgelopen jaren gestegen. Dit kan verklaard worden door de stijgende tevredenheid onder de bevolking, het toegenomen huishoudinkomen en de dalende werkloosheid. Hier staat tegenover dat de balans tussen werk en privé is afgenomen en ook de woontevredenheid is de afgelopen jaren gedaald.
Binnen Nederland bestaan er grote verschillen in brede welvaart tussen regio’s: stedelijke gebieden lopen hierin achter op landelijke gebieden. Dit wordt vooral veroorzaakt door een relatief hoge werkloosheid, de grotere onveiligheid en mindere milieuomstandigheden in steden. De meer landelijke regio’s doen het over het algemeen een stuk beter.

Rogier Aalders, Sjoerd Hardeman, Otto Raspe (RaboResearch, Rabobank) en Bas van Bavel, Tanja van der Lippe, Auke Rijpma, Erik Stam (Universiteit Utrecht), Brede Welvaartsindicator (pdf)


De economische samenhang tussen regio’s in Nederland

PBL, 2019

Op verzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) heeft het PBL in het kader van de Beleidsverkenning Vestigingsklimaat Nederland de ruimtelijk-economische samenhang van Nederlandse regio’s onderzocht. Met deze Policy Brief draagt het PBL bij aan de visievorming over het regionaal-economisch beleid van de Nederlandse overheid en levert het input aan verschillende beleidsprocessen, zoals de REOS (Ruimtelijke Economische Ontwikkelingsstrategie) en de NOVI (Nationale Omgevingsvisie). Voornaamste conclusie is dat regio’s grotendeels economisch zelfstandig functionerende eenheden zijn die slechts in beperkte mate met elkaar samenhangen. Regio specifiek beleid komt met name ten goede aan de betreffende regio zelf. Naast specifiek beleid gericht op regio’s kan ook sectoraal beleid regionale verschillen beïnvloeden.


MKB-bankfinanciering in Europees perspectief

CPB, 2019

Nederlandse mkb’ers doen in Europees perspectief relatief weinig aanvragen voor bankleningen en banken wijzen deze aanvragen relatief vaak af. De financiële gezondheid van Nederlandse bedrijven vorm waarschijnlijk geen verklaring voor dat relatief hoge aantal afwijzingen. Ze zijn namelijk winstgevender dan bedrijven elders en ze beschikken over een gemiddeld niveau aan eigen vermogen.

Andrei Dubovik, Fien van Solinge en Karen van der Wiel, MKB-bankfinanciering in Europees perspectief


Aan de slag voor het brede mkb. Wat steden, regio’s en het Rijk voor het brede mkb kunnen doen.

Platform31, 2019

In het MKB-Actieplan van het ministerie van EZK is extra geld uitgetrokken om het mkb te prikkelen en te ondersteunen bij hun grote uitdagingen. De grote vraag is echter: wat werkt nu eigenlijk en wat kunnen steden, regio’s en het Rijk voor het brede mkb doen? Platform31 onderzocht twintig succesvolle praktijkvoorbeelden van regionale initiatieven die de groei en ontwikkeling van ondernemerschap bevorderen. We keken hierbij specifiek naar initiatieven (interventies, aanpakken, maatregelen, projecten) op het vlak van personeel, financiering en innovatie. Met de lessen, aanbevelingen en praktijkvoorbeelden in deze publicatie kan iedereen die een bijdrage levert aan de ontwikkeling van de economie van steden en regio’s – en actief is op de ondersteuning van het mkb – direct aan de slag om op regionaal niveau te komen tot afspraken en acties voor een gezamenlijke beleidsinzet voor het mkb.



Turbo op toekomstbestendige bedrijventerreinen

STEC Groep, 2019

STEC Groep onderzocht de toekomstbestendigheid van duizend bedrijventerreinen en identificeert de volgende investeringsthema’s:

  1. Energie; er wordt veel energie verbruikt op bedrijventerreinen en dus is er veel te besparen en er is veel opwekpotentieel.
  2. Circulaire economie; bedrijventerreinen zijn onmisbaar voor de circulaire economie maar er is meer tempo nodig. Een regionale visie en aanpak is hierbij essentieel.
  3. Digitalisering; steeds meer bedrijven op bedrijventerreinen automatiseren en robotiseren. Bedrijven werken steeds beter samen aan de uitrol van glasvezel en data-uitwisseling over energie, materialen en reststromen.

Aan de slag met de nieuwe maakindustrie

Platform31, 2019

In samenwerking met verschillende gemeenten voerde Platform31 een verkenning uit naar de (veranderende) vestigingsvoorwaarden van de nieuwe maakindustrie. Gebrek aan geschikte ruimte en personeel zetten de groei van maakbedrijven onder druk. Dit terwijl de maakindustrie veel banen biedt voor zowel laag- als hoogopgeleiden en een belangrijke rol speelt in de transitie naar een circulaire economie. Veel steden hebben een flinke woningbouwopgave en er dreigen tekorten aan geschikte bedrijfslocaties. Daarnaast vragen digitalisering en robotisering in de maakindustrie om nieuwe kennis en vaardigheden en veranderen daarmee de eisen ten aanzien van personeel. In deze verkenning zijn zeven aanbevelingen geformuleerd voor beleidsmedewerkers Economische Zaken en Ruimtelijke Ordening van gemeenten.


Investeren in groeivermogen. Jaarbericht De staat van het MKB

CBS, 2019

Dit Jaarbericht over de Staat van het mkb is een uitgave van het Nederlands Comité voor Ondernemerschap, in nauwe samenwerking met het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), wetenschappers en experts. Het Jaarbericht stelt vast dat de productiviteit van het mkb toeneemt, maar dat er grote verschillen zijn. Slechts een klein deel van de bedrijven groeit door naar een hogere grootteklasse en een groot deel van het mkb is kwetsbaar voor conjuncturele schommelingen. Daarnaast wordt er te weinig geïnvesteerd in de grote transities, zoals verduurzaming, digitalisering en globalisering. Dit Jaarbericht introduceert een model voor duurzame productiviteitsgroei. Dit model geeft succesfactoren weer als ‘knoppen’ waaraan ondernemers kunnen draaien.


Wonen en werken in de Nederlandse binnensteden

Bureau Louter( i.o.v. Fontys Hogescholen en Elsevier Weekblad), 2018

In dit rapport presenteert Bureau Louter een analyse van de woonaantrekkelijkheid en het economisch functioneren van 81 binnensteden in Nederland. Zij maken hierbij een onderscheid tussen verschillende functies; variërend van een bestuursfunctie, kantoorfunctie, winkelfunctie of vrije tijd & cultuur. Het rapport biedt steden inzicht met welke andere binnensteden zij zich kunnen vergelijken en welke functies zij zouden kunnen verbeteren.



Werkende Samenwerking

VNG Denktank, 2018

De bevindingen van de 4e VNG Denktank zijn gebundeld in twee publicaties met dezelfde titel: ‘Werkende Samenwerking’. Het onderzoeksrapport bevat de uitkomsten van een literatuurstudie en tien verhalen uit de regio. In het onderzoek wordt regionale samenwerking vanuit vier perspectieven van overheidssturing besproken. Op basis van het onderzoek formuleert de VNG Denktank een aantal lessen alsmede een routekaart voor regionale samenwerking. In de handreiking voor burgemeesters, wethouders, raadsleden en ambtenaren staat een andere wijze van kijken, denken en handelen centraal bij vraagstukken die de gemeentegrenzen overstijgen.

Lees ook: Routekaart naar regionale samenwerking (pdf) (VNG Denktank, juni 2018)


Groeiers buiten de Randstad

CBS, 2018

In dit onderzoek wordt de ontwikkeling van de economie, de werkgelegenheid en de bevolking gepresenteerd in de jaren 1996-2016 voor 52 zogeheten COROP-plusregio’s. In het bijzonder wordt er gezocht naar regio’s die buiten de Randstad vallen. Van deze regio’s wordt bekeken in hoeverre ze qua werk georiënteerd zijn op de Randstad en of ze qua economische structuur lijken op de Randstad. De snelst groeiende regio’s van Nederland liggen rond Amsterdam en Utrecht en op de as vanuit de Randstad naar het noordoosten. Er is ook een belangrijke groei-as vanuit de Randstad naar het zuidoosten, alleen stijgt de bevolkingsgroep in het Brabantse deel daarvan niet boven het gemiddelde uit. Ook worden vier grote gemeenten (Almere, Amersfoort, Lelystad en Zwolle) die liggen in groeigebieden buiten de Randstad nader geanalyseerd.


Ecosystemen en regionaal DNA

Platform31, 2018

Interview met Erik Stam (Universiteit Utrecht), Bas van der Starre en Jan Peter van den Toren (Birch).

Een regio wordt gevormd door haar geschiedenis en locatie. Dit DNA maakt haar onderscheidend ten opzichte van andere regio’s, geeft inzicht in waar de regio voor staat, maar is ook lastig te veranderen. De ecosysteembenadering geeft ruimte voor de specifieke
regionale omstandigheden en biedt een kader voor interventies om het ecosysteem voor ondernemerschap te verbeteren. Deze benadering is gebaseerd op decennialang wetenschappelijk onderzoek en is een methode om regionale sterktes en zwakten te diagnosticeren. Met deze diagnose start een dialoog met de belanghebbenden van de regionale economie, want je hebt elkaar hard nodig om de regio te versterken.


Circulaire economie: wat we willen en kunnen meten

Planbureau voor de Leefomgeving, (2018

In dit rapport stelt het Planbureau voor de Leefomgeving een monitoringssysteem voor om de transitie naar de circulaire economie te kunnen volgen. Het systeem maakt een onderscheid tussen de effecten die worden nagestreefd en het transitieproces dat daarvoor nodig is. Om de invoering van circulariteitsstrategieën voor elkaar te krijgen zijn de nodige inspanningen nodig, zoals samenwerking tussen ketenpartners, het opruimen van belemmerende regels en het ontwerpen van circulaire producten. Het PBL stelt indicatoren voor waarmee zowel het transitieproces als de bereikte effecten zijn te meten.



Next economy: welke megatrends cruciaal voor bedrijventerreinen?

Stec Groep, 2018

Lees verder (pdf),


MKB-Actieplan

Ministerie van EZK, 2018

Het MKB-actieplan bevat concrete maatregelen om het ‘brede mkb’ in de mogelijkheid te stellen om ook in de toekomst succesvol te kunnen blijven ondernemen. Het plan behandelt zeven thema’s: menselijk kapitaal, financiering, digitalisering, toepassing van innovatie, regelgeving, fiscaliteit en internationale handel. Aan elk thema zijn concrete acties gekoppeld, een planning en een toekenning van EZK-middelen.




Tweedeling binnen Nederlands bedrijf neemt toe: gezond groeien en strategische vernieuwing als antwoord

KvK, 2017

Lees verder


Stedelijke regio’s als motoren van economische groei

PBL, 2017

Volgens deze studie heeft Nederland behoefte aan een nieuwe regionaal economische beleid. Een beleid waarin nationale en regionale agenda’s op elkaar zijn afgestemd en elkaar versterken. Beleid dat zich niet alleen richt op het versterken van de economische structuur maar ook op menselijk kapitaal, woon- en leefomgevingsbeleid en op de infrastructuur.

Lees ook het interview met Otto Raspe in De economische agenda voor stad en regio (2018).


Openbaar Bestuur in Regionale Ecosystemen voor Ondernemerschap

Birch & Utrecht Center for Entrepreneurship, 2017

Lees verder (pdf)


Pas de deux? Het ruimtelijk samenspel van cultuur en economie in Nederland: een beleidsverkenning

Ministeries van OCW en IenM, 2017

In deze studie zijn de mogelijkheden van beleid verkent van een ruimtelijk samenspel tussen cultuur en economie in Nederland.







Regionaal-economische groei in Nederland. Een typologie van regio’s

PBL, 2017

Het PBL heeft in opdracht van het ministerie van BZK onderzoek gedaan naar de karakteristieken van regio’s met verschillende economische groeipaden en kwaliteit van het woon-werkklimaat. Deze studie laat zien dat de verschillen in regionaal-economische groei aanzienlijk zijn.





Advies regionaal samenwerken: leren van praktijken

SER, 2017

Hoe wordt er samengewerkt tussen regio’s en op welke manier kan dit de economische kracht van stad en regio versterken? In dit adviesrapport richt de Sociaal-Economische Raad (SER) zich op de regionale infrastructuren in de driehoek economie, onderwijs en arbeidsmarkt. Het rapport schetst een vijftal spanningsvelden tussen opvattingen over ‘hoe het zou moeten’ en hoe het daadwerkelijk uitpakt in de praktijk. Hieronder vallen de inhoud van de samenwerking, de schaal waarop wordt samengewerkt, urgentie, belangen en regie, democratische verantwoording en de financiering van de samenwerking. Het advies van de SER reikt van het hanteren van een ruimtelijke schaal in de regionale samenwerking die past bij het daily urban system, tot het inzetten van een meerjarige aanpak in het bouwen van een ecosysteem. Tot slot wordt in het advies stilgestaan bij de noodzaak tot goede samenwerking tussen regionaal en nationaal niveau.



Spot on. Het landschap als vestigingsvoorwaarde

Vereniging Deltametropool, 2017

Hoe geven we het landschap als vestigingsvoorwaarde handen en voeten? Deze vraag is door vereniging Deltametropool opgepakt met 12 pilotprojecten in 5 provincies. De auteurs concluderen dat het “een internationaal relevant onderwerp is met een groot potentieel”.






Investeringsgerichte aanpak bedrijventerreinen

Stec Groep, 2017

Gemeenten beschikken de komende vijf jaar over slechts de helft van de bestaande budgetten voor bedrijventerreinen. Dit blijkt uit benchmarkonderzoek van Stec Groep onder 170 gemeenten naar hun investeringsgerichte aanpak op bedrijventerreinen. Uit het onderzoek blijkt verder dat drie kwart van de gemeenten slechts de helft van het potentieel benut om private investeringen uit te lokken.



Hier wordt de toekomst gebouwd

In deze publicatie reizen Antoine van Agtmael en Fred Bakker langs 10 innovatieve hotspots in de Verenigde Staten en Europa. Voormalige ‘rustbelts’ die uitgroeiden tot ‘brainbelts’. Zij poneren de stelling dat deze brainbelts model kunnen staan voor andere regio’s en komen met een reeks aanbevelingen.

Lees verder




Kernelementen van succesvolle innovatiemilieus

Planbureau voor de Leefomgeving- Ruimtevolk, 2016

In wat voor omgeving gedijt innovatie het best? Deze vraag proberen het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en Ruimtevolk te beantwoorden door een verkenning van vijf innovatiemilieus: de High Tech Campus in Eindhoven, Healthy Ageing Campus in Groningen, Kennispark Twente, de Binnenstad van Amsterdam en Rivium in Capelle aan den IJssel. Volgens PBL en Ruimtevolk is er in een succesvol innovatiemilieu sprake van lokale dynamiek, die wordt gevoed door internationale verbindingen en wordt de ondernemersgeest gevoed door een ambitieus ondernemend ecosysteem. Daarnaast ligt een succesvol innovatiemilieu doorgaans in een regio die een diverse stedelijke omgeving biedt, heeft het een sterk merk en vergt het behoorlijke organisatie tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid.


Aanpak bedrijventerreinen niet altijd gebaseerd op slechte
economische prestaties

Radboud Universiteit, 2016

De beslissing om bedrijventerreinen te herstructureren is niet altijd gebaseerd op de slechte economische prestaties van de betreffende terreinen, terwijl het beleid dit wel veronderstelt. Dit betekent dat publiek geld voor herstructurering van verouderde bedrijventerreinen niet altijd wordt gebruikt waarvoor het is bedoeld. Dit is één van de bevindingen van het promotieonderzoek ‘Oorzaken van veroudering van bedrijventerreinen’ waarop Jasper Beekmans op donderdag 4 februari 2016 promoveerde aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.

Lees meer


Hoe regelen we de regio?

Platform31, 2016

Op verschillende terreinen is de gemeente niet langer meer de vanzelfsprekende maat. De beleidsterreinen van onder meer economie, arbeidsmarkt, onderwijs en bereikbaarheid verschuiven naar het regionale niveau en ook beleidsverantwoordelijkheden worden steeds vaker regionaal ingevuld. Denk bijvoorbeeld aan de Veiligheids- en Arbeidsmarktregio’s. Maar welke impact heeft dit op het lokaal bestuur? Deze publicatie van Platform31 maakt een verkenning in acht regio’s. Hieruit volgen aanbevelingen voor samenwerkingspartners, gemeenteraden en bestuurders, ambtenaren en het Rijk. Zo moet er bijvoorbeeld onder samenwerkingspartners hoge prioriteit worden gegeven aan het frequent, transparant en duidelijk informeren van de raden van de samenwerkende gemeenten en dient het Rijk ruimte aan de gemeenten te geven om via experimenten te onderzoeken hoe zij zélf hun lokale opgaven willen aanpakken.


Maak verschil. Krachtig inspelen op regionaal-economische opgaven

Studiegroep Openbaar Bestuur, 2016

Economische opgaven verschillen per regio. Volgens de Studiegroep Openbaar Bestuur (SOB) blijven er door de uniforme en weinig flexibele inrichting van het Nederlandse openbaar bestuur kansen voor economische ontwikkeling liggen. Nu het daily urban system van mensen zich steeds meer op het regionale niveau afspeelt, staan inhoudelijke opgaven op dit niveau voorop. En wordt van het openbaar bestuur meer aanpassingsvermogen gevraagd om verbindingen tussen domeinen, regionaal en internationaal niveau en bestuurslagen te kunnen leggen. Dit vergt differentiatie, deregulering, de-hiërarchisering en minder vrijblijvendheid in het openbaar bestuur.


Het nationale verdienvermogen en de cruciale rol van regio’s

SKBN, 2016

Regionale samenwerking van bedrijven, kennisinstellingen, gemeenten en provincies is cruciaal om het verdienvermogen van Nederland goed te benutten. Maar op rijksniveau is dit besef nauwelijks doorgedrongen. In het nationale topsectorenbeleid ontbreekt de regionale ruimtelijke dimensie nagenoeg volledig, en er is geen nationale ruimtelijk-economische visie op regionale concurrentiekracht. Dit manifest roept op tot de volgende acties: regionale versnellingsagenda’s om het verdienvermogen van de Nederlandse regio’s te vergroten, en versterking van een ‘breed’ fysiek vestigingsklimaat en kansen voor regionale clusters.


Mainports voorbij

Rli, 2016

Mainports als Schiphol en de Rotterdamse haven leverden een belangrijke bijdrage aan de Nederlandse economie. Technologische innovaties, de overgang naar een biobased economy, internationale concurrentie en nieuwe mondiale routes veranderen de bijdrage die mainports aan de Nederlandse economie leveren. De Raad voor de leefomgeving (Rli) adviseert het nieuwe kabinet (2017) integraal beleid te voeren voor economische kerngebieden om de concurrentiepositie en het vestigingsklimaat van Nederland te versterken. Mainports Schiphol en de Rotterdamse haven blijven belangrijk, maar het vestigingsklimaat kent meer factoren. Versterking van de ruimtelijk-economische ontwikkelstrategie is daarom noodzakelijk.


Magazine Midsize NL

Platform31/Ruimtevolk, 2016

De toekomst van de middelgrote stad is meer dan ooit verbonden met haar positie in de regio en samenwerking met andere gemeenten. Het magazine Midsize NL zet de urgentie neer van het nadenken over de toekomst van de (eigen) middelgrote stad aan de hand van een beschrijving van de belangrijke, onvermijdelijke, trends, interviews, artikelen en een introductie op scenario’s voor de toekomst op de middelgrote stad. Het biedt reflectie en prikkelt het denken over het eigen handelingsperspectief.




De bijdrage van het MKB aan de Nederlandse economie
h3. Kernelementen van succesvolle innovatiemilieus

PBL – Ruimtevolk, 2016

In wat voor omgeving gedijt innovatie het best? Deze vraag proberen het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en Ruimtevolk te beantwoorden door een verkenning van vijf innovatiemilieus: de High Tech Campus in Eindhoven, Healthy Ageing Campus in Groningen, Kennispark Twente, de Binnenstad van Amsterdam en Rivium in Capelle aan den IJssel. Volgens PBL en Ruimtevolk is er in een succesvol innovatiemilieu sprake van lokale dynamiek, die wordt gevoed door internationale verbindingen en wordt de ondernemersgeest gevoed door een ambitieus ondernemend ecosysteem. Daarnaast ligt een succesvol innovatiemilieu doorgaans in een regio die een diverse stedelijke omgeving biedt, heeft het een sterk merk en vergt het behoorlijke organisatie tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid.


Kansrijk innovatiebeleid

CPB, 2016

Het CPB geeft in dit rapport een overzicht van nationaal beleid ter bevordering van innovaties in Nederland. Er worden drie beleidsmaatregelen vanuit de overheid besproken: wet- en regelgeving (bijvoorbeeld eigendomsrechten), beleid rondom de financiering van innovaties (onder andere belastinginstrumenten) en beleid waarbij de overheid een organiserende rol heeft (bijvoorbeeld financiering van universiteiten en het topsectorenbeleid). Dit innovatiebeleid van de overheid moet ervoor zorgen dat de toegang tot kennis wordt vergroot, en innovatie de juiste prikkel geeft.



Nederland circulair in 2050

Ministeries van IenM, EZ en BZK, 2016

Het Rijksbrede programma Circulaire Economie ‘Nederland circulair in 2050’ richt zich op de ontwikkeling en realisatie van een circulaire economie voor 2050. Concreet betekent dit dat in 2050 grondstoffen efficiënt worden ingezet en hergebruikt, zonder schadelijke emissies naar het milieu. Deze transitie biedt economische kansen voor Nederland, maakt Nederland minder afhankelijk van de import van schaarse grondstoffen en draagt bij aan een schoner milieu.




Zzp’ers in de G32-steden

Platform31, 2016

Welke positie hebben zzp’ers binnen de gemeenten? En welke rol heeft de gemeente ten aanzien van de zzp’ers? Dit onderzoek van Platform31 in opdracht van het G32-stedennetwerk draagt bij aan de kennisontwikkeling op dit gebied. Ook biedt het rapport aanbevelingen. Zo wordt er onder meer geopperd dat de gemeente haar aanbestedingsprocedures zo inricht dat het voor zzp’ers makkelijker wordt om hier met succes aan deel te nemen. Ook wordt gesuggereerd dat de verbinding tussen ambtenaren van Economische Zaken en van Sociale Zaken sterker moet worden, zodat een zzp’er snel geholpen kan worden als die in financiële problemen dreigt te geraken.


Panteia, Research voor Beleid, 2015

Een dynamisch en innovatief MKB speelt in de huidige ondernemende economie een grote rol. Toename van ICT en globalisering vragen om innovaties, ook bij het grootbedrijf. Bijvoorbeeld door uitbesteding aan het MBK. Op die manier kan het grootbedrijf flexibeler opereren, gespecialiseerde kennis of producten inkopen en kan de productiviteit toenemen. Panteia onderzocht de daadwerkelijke bijdrage van het MKB aan de Nederlandse economie en kwam tot de conclusie dat de helft van het MKB inderdaad een innovatieve rol speelt, zestig procent van het MBK een economische bijdrage levert en de dynamische rol van het MKB is afgenomen.


Burgercoöperaties. Speler of speelbal in de nieuwe verhoudingen tussen overheid, markt en samenleving?

Bestuurskunde, 2015

Steeds meer burgers richten in verschillende sectoren initiatieven op waarmee ze proberen zelf voorzieningen en diensten te leveren. Denk bijvoorbeeld aan energie- en zorgcoöperaties. Daarmee nemen ze een nieuwe plaats in binnen de bestaande verhoudingen tussen de overheid, markt en maatschappelijke organisaties. Dit wetenschappelijke artikel van Bokhorst en haar collega’s gaat na in hoeverre deze coöperaties effectief en duurzaam zijn, en hoe ze zich positioneren binnen het bestaande veld. Er wordt onder andere besproken hoe, in de ontwikkeling van de coöperatie, professionalisering tot stand komt – de overstap van burgerinitiatief naar burgercoöperatie – en hoe de coöperatie zich verhoudt tot partijen in de omgeving. Zo signaleren de onderzoekers dat er een nieuwe vorm van publiek-privaat-maatschappelijke samenwerking kan ontstaan. Tegelijkertijd, waarschuwen ze, “moeten de coöperaties het samenwerkingsspel leren spelen, anders bestaat het gevaar dat andere partijen de spelbepalers worden en de coöperaties worden ingezet voor doelstellingen van anderen” (bijvoorbeeld voor het behalen van energieafspraken, bezuinigen in de zorg).

  • Bokhorst, M., Edelenbos, J., Koppenjan, J., & Oude Vrielink, M. (2015). Burgercoöperaties. Speler of speelbal in de nieuwe verhoudingen tussen overheid, markt en samenleving? Bestuurskunde, 24(2), 3-16.

De economie van de stad

PBLCBS, 2015

Hoe werkt de economie van de stad en hoe kan (rijks)beleid de kracht van de stad versterken? In deze notitie wordt door het CPB en PBL een basis voor beleid geboden om de economische Agenda Stad gerichter uit te werken en te concretiseren. Hierbij gaan het CPB en PBL in op 1) agglomeratie-effecten en de achterliggende mechanismen van deze effecten; 2) de mogelijkheden voor beleid op het gebied van agglomeratie-effecten in Nederland; 3) de mogelijke rol die rijksbeleid kan spelen in steden; 4) de belangrijkste kennisvragen die voor de economische agenda voor de stad in de komende periode gelden.


De veranderende geografie van Nederland

Ruimtelijk Economisch Atelier Tordoir/Regioplan (in opdracht van het ministerie van BZK), 2015

Nieuwe patronen van wonen, werken en recreëren zorgen voor nieuwe opgaven in het ruimtelijk-economisch beleid. Dit mozaïek van bovenlokale netwerken wordt gedreven door de opkomende kennis- en diensteneconomie en door toenemende mobiliteit. Langzaam, maar zeker ontwikkelt zich een geïntegreerd interregionaal, interstedelijk systeem. Daarnaast zijn drie typen gebieden te herkennen: 1) Krachtige sociale, economische en culturele verbanden; 2) leisure class en private consumptie- en zorgeconomie; 3) de mazen in het netwerk waar economische activiteiten vertrekken.
Beleidsopgaven worden daardoor steeds meer intersectoraal en interregionaal en vragen van het middenbestuur samenwerking én oplossingen voor mogelijke conflicten.


De economische stad

Platform31, 2015

Hoe kan de economie in de regio zich zo ontwikkelen dat bedrijvigheid en werkgelegenheid toenemen, terwijl er tegelijkertijd extra uitdagingen ontstaan door globalisering, demografische ontwikkelingen en ICT? En hoe liggen de kansen op arbeid en inkomen voor de steeds groter en diverser wordende groep werklozen in de stedelijke samenleving van morgen? Het e-book De stad kennen, de stad maken van Platform31 geeft hier in acht hoofdstukken antwoord op. Tot slot volgt een aantal aanbevelingen, reikend van het beter benutten van verschillen tussen steden en regio’s en het vergroten van de samenhang in het beleid tot het plaatsen van de arbeidsmarkt in het hart van het economisch beleid.


De markt voor bedrijventerreinen

Platform31 – Radboud Universiteit Nijmegen, 2015

Bedrijventerreinen worden vaak geassocieerd met leegstand, verloedering en verrommeling. Om van dit imago af te komen, riep de Taskforce (Her)structurering Bedrijventerreinen in 2008 op om de markt van bedrijventerreinen te gaan hervormen. Deze publicatie laat zien wat er de afgelopen jaren is gebeurd: bedrijventerreinen zijn op grote schaal geherstructureerd, de overheid speelt een andere rol en kijkt met een meer zakelijke blik op bedrijventerreinen, terwijl de rol van ondernemers en vastgoedeigenaren belangrijker is geworden. Daarnaast worden er inzichten voor nieuw beleid gegeven. Zo dienen ‘systeemfouten’ in de markt voor bedrijventerreinen gerepareerd te worden en is het de uitdaging om publiek geld op een ‘slimme’ manier in te zetten.


Cluster governance

Platform31, 2015

Clusters worden als de motoren van innovatief Nederland gezien. Een provincie zonder clusters is in deze tijd ondenkbaar, net als een studentenstad zonder sciencepark. Aan belangstelling is er geen gebrek, maar hoe kunnen clusters eigenlijk het best gefaciliteerd worden? Platform31 bespreekt in deze publicatie zeven lessen rondom clusters voor de praktijk. Een van de lessen is het identificeren en inzetten van civic entrepreneurs. Deze personen kunnen een belangrijke rol spelen in een cluster, omdat zij de taal van de verschillende betrokken partijen spreken en op verschillende niveaus snel kunnen schakelen. Ook gaat de publicatie in op het vergroten van de daadkracht van clusters door te blijven leren, in te zetten op institutioneel ondernemerschap en te werken aan hefboomwerking in het overheidsbeleid. Bij elkaar kan dit de internationale concurrentiekracht van een cluster vergroten.


Aandacht voor het MKB in het bedrijvenbeleid

Panteia, 2015

Deze publicatie van Panteia bekijkt generiek en specifiek bedrijvenbeleid en houdt drie regelingen tegen het licht: de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO), de Garantie Ondernemingsfinanciering (GO) en de MKB-Innovatiestimulering Topsectoren (MIT). De WBSO heeft de bedoeling om het innovatievermogen en de concurrentiepositie van bedrijven te versterken. De GO-regeling is gericht op het stimuleren van de verstrekking van bancaire leningen aan middelgrote bedrijven. Tot slot, is de MIT-regeling in het leven geroepen om het MKB meer bij de innovatieplannen en -activiteiten van de topsectoren te betrekken. Meer dan 50 procent van het MIT-budget, 72 procent van het WBSO-budget en 92 procent van het GO-budget komt bij het MKB terecht.


Boosting the development of efficient SMEs in the Netherlands

OECD, 2014

De Organisation for Economic Co-operation and Development (OECD) geeft in deze publicatie de stand van zaken rondom het Nederlandse MKB weer en doet een aantal beleidsaanbevelingen. In eerste plaats benadrukt de OECD de financieringsproblemen voor het MKB. Daarna geeft het een kader ter ondersteuning van MKB-bedrijven. Hierin worden mogelijkheden voor financiering, het aanjagen van innovatie, de hervorming van wetgeving met betrekking tot sociale zekerheid, de hervorming van het belastingstelsel en het reduceren van obstakels voor ondernemerschap genoemd. Zoals overtollige bureaucratie en wet- en regelgeving voor het starten van een onderneming.


Duurzaam werken aan ondernemerschap – inspiratiegids voor gemeenten

VNG, 2014

Hoe kunnen gemeenten ondernemende gemeenten worden? En wat betekent dit voor hun aanpak van ondernemerschap, arbeidsmarkt en andere sociale kwesties? De VNG geeft acht aanbevelingen, beginnend bij integrale samenwerking tussen Economische Zaken en Sociale Zaken op het hoogste niveau. Daarnaast pleit de VNG onder andere voor de creatie van ondernemerspleinen en -loketten, de stimulering van ondernemerschap door bijvoorbeeld netwerken, financiering en advies voor starters te faciliteren en voor het behoud van levensvatbare bedrijven en hun werkgelegenheid.


Naar een lerende economie

WRR, 2013

“Innoveren is (…) een permanent proces van schaven en bijstellen waarbij iedereen betrokken is: werknemers van hoog tot laag, toeleveranciers, en zelfs klanten”, zo stelt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) in dit rapport. Constante veranderingen vragen om een transitie naar een economie waarin voortdurend wordt geleerd. De eerste hoofdstukken schetsen een kader waarin de stand van zaken op het gebied van leren in de Nederlandse economie, en specifiek in de overheid, wordt behandeld. Daarna volgt een analyse van het innovatievermogen van Nederland en wordt een nieuw innovatiebegrip geopperd, waarin onder meer absorptievermogen en netwerken als middelen worden genoemd. In het laatste deel van het rapport volgen vier aanbevelingen: 1) kennis moet meer kunnen circuleren; 2) het onderwijs moet in kwaliteit worden verbeterd en meer differentiëren; 3) leren moet centraler komen te staan binnen werkorganisaties; 4) om voorgaande punten te kunnen verwezenlijken moet er meer speelruimte komen op regionaal niveau, moeten landelijke instituties beter worden ingericht naar de opgaven van de komende tijd en moeten de instituties responsief zijn ten opzichte van grensoverschrijdende risico’s.


Kansen voor de circulaire economie in Nederland

TNO, 2013

In dit rapport inventariseert TNO de kansen en belemmeringen voor stappen richting een meer circulaire economie. Het biedt een handelingsperspectief voor met name de overheid om deze stappen te versnellen. De gesuggereerde acties voor de overheid lopen uiteen van het creëren van interdepartementale, consistente strategieën en maken van integrale afwegingen van voor- en nadelen van bestaande (afval)wet- en regelgeving tot het onderzoeken van de effectiviteit van fiscale en financiële prikkels om circulair gedrag te bevorderen en het verhogen van kennis en bewustzijn van grondstofaspecten in de waardeketen.