Publicaties

Kernelementen van succesvolle innovatiemilieus

In wat voor omgeving gedijt innovatie het best? Deze vraag proberen het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en Ruimtevolk te beantwoorden door een verkenning van vijf innovatiemilieus: de High Tech Campus in Eindhoven, Healthy Ageing Campus in Groningen, Kennispark Twente, de Binnenstad van Amsterdam en Rivium in Capelle aan den IJssel. Volgens PBL en Ruimtevolk is er in een succesvol innovatiemilieu sprake van lokale dynamiek, die wordt gevoed door internationale verbindingen en wordt de ondernemersgeest gevoed door een ambitieus ondernemend ecosysteem. Daarnaast ligt een succesvol innovatiemilieu doorgaans in een regio die een diverse stedelijke omgeving biedt, heeft het een sterk merk en vergt het behoorlijke organisatie tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid.


Kansrijk innovatiebeleid

Het CPB geeft in dit rapport een overzicht van nationaal beleid ter bevordering van innovaties in Nederland. Er worden drie beleidsmaatregelen vanuit de overheid besproken: wet- en regelgeving (bijvoorbeeld eigendomsrechten), beleid rondom de financiering van innovaties (onder andere belastinginstrumenten) en beleid waarbij de overheid een organiserende rol heeft (bijvoorbeeld financiering van universiteiten en het topsectorenbeleid). Dit innovatiebeleid van de overheid moet ervoor zorgen dat de toegang tot kennis wordt vergroot, en innovatie de juiste prikkel geeft.



Naar een lerende economie

“Innoveren is (…) een permanent proces van schaven en bijstellen waarbij iedereen betrokken is: werknemers van hoog tot laag, toeleveranciers, en zelfs klanten”, zo stelt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) in dit rapport. Constante veranderingen vragen om een transitie naar een economie waarin voortdurend wordt geleerd. De eerste hoofdstukken schetsen een kader waarin de stand van zaken op het gebied van leren in de Nederlandse economie, en specifiek in de overheid, wordt behandeld. Daarna volgt een analyse van het innovatievermogen van Nederland en wordt een nieuw innovatiebegrip geopperd, waarin onder meer absorptievermogen en netwerken als middelen worden genoemd. In het laatste deel van het rapport volgen vier aanbevelingen: 1) kennis moet meer kunnen circuleren; 2) het onderwijs moet in kwaliteit worden verbeterd en meer differentiëren; 3) leren moet centraler komen te staan binnen werkorganisaties; 4) om voorgaande punten te kunnen verwezenlijken moet er meer speelruimte komen op regionaal niveau, moeten landelijke instituties beter worden ingericht naar de opgaven van de komende tijd en moeten de instituties responsief zijn ten opzichte van grensoverschrijdende risico’s.


cover-de-economische-agenda-voor-stad-en-regio
download de publicatie