Besluitvorming

Uiteindelijk moeten alle wijken in een gemeente aardgasvrij worden, maar dat gaat natuurlijk niet allemaal tegelijk. Daarom is het belangrijk om als gemeente te bepalen welk alternatief per wijk wordt toegepast en in welke volgorde de wijken worden opgepakt. De gemeente maakt samen met bewoners en gebouweigenaren een afweging wat per wijk de beste oplossing is. Eind 2021 moeten alle gemeenten dit in een warmtetransitie visie en uitvoeringsplannen aangeven. Het Klimaatakkoord geeft hier aanwijzingen voor.

Programma Aardgasvrije Wijken (PAW)

Het interbestuurlijke Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) biedt ondersteuning aan gemeenten. Binnen het programma werken het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, het Interprovinciaal Overleg, de Unie van Waterschappen en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten samen. Het doel is om samen te leren over de wijzen waarop de wijkgerichte aanpak kan worden ingericht en opgeschaald. Dit gebeurt middels een Kennis- en Leerprogramma (KLP) en 27 grootschalige proeftuinen. Het KLP en de proeftuinen zorgen voor een vliegwiel, zodat gemeenten samen met de betrokken partijen op een steeds grotere schaal in staat zijn te starten met de wijkgerichte aanpak.

Expertise centrum warmte (ECW) & De leidraad

Het Expertise Centrum Warmte (ECW) is een kenniscentrum dat gemeenten ondersteunt bij het komen tot de Warmtetransitie visie en de uitvoeringsplannen. Dit gebeurt op technisch, economisch en duurzaamheidsvlak. Binnen dat kader is een leidraad ontwikkeld. Deze leidraad biedt objectieve en feitelijke data digitaal aan waar stakeholders vrij gebruik van kunnen maken.

De leidraad bestaat uit een startanalyse en een handreiking voor lokale analyse. De startanalyse is nu beschikbaar en biedt een technisch-economische analyse op basis van landelijke data (gemaakt door het Planbureau voor de Leefomgeving). De analyse biedt op buurtniveau voor vijf aardgasvrije warmtestrategieën een eerste beeld van de technisch-economische en duurzaamheidsgevolgen (zoals nationale kosten, energievraag, CO2 -uitstoot). Via een mail aan het ECW kun je een wachtwoord opvragen waarmee je inlogt op de website van het PBL. Daar kun je de Startanalyse bekijken.

De handreiking voor lokale analyse geeft tips en richtlijnen om gemeenten en modelmakers te ondersteunen bij het lokaal specificeren van data – afkomstig van de gemeente en (lokale) stakeholders. Zo kunnen meerdere opgaven strategisch gekoppeld worden en meerjarige onderhoudsplannen van woningcorporaties en de openbare ruimte kunnen worden vergeleken.

Regionale Energie Strategieën

Het kiezen voor een alternatief hangt samen met de beschikbaarheid van energiebronnen. Regionale Energiestrategieën (RES) bevatten regionale afspraken over elektriciteit, (groen) gas en warmte, want deze bronnen overstijgen gemeentegrenzen. In de RES komt een verdeling van het landelijke doel voor de opwek van duurzame elektriciteit te staan. Het Rijk, VNG, IPO en de Unie van Waterschappen hebben de Handreiking Regionale Energie Strategieën gepubliceerd. De publicatie gaat in op het waarom, hoe en wat van een RES inclusief een stappenplan, handreikingen en een overzicht van beschikbare data. De indeling van Nederland in RES-regio’s vindt u hier.
Daarnaast deed Platform31 onderzoek naar de ondersteuning die de energieregio’s nodig hebben om hun energiestrategieën te realiseren, de resultaten vindt u hier.

Meer lezen: publicaties rondom dit thema

  • Op zoek naar koppelkansen
    In het experimentenprogramma Verduurzaming van kwetsbare wijken zetten Platform31 en Nyenrode Business Universiteit in op een dubbelslag, door de energietransitie in kwetsbare wijken te verbinden met het verbeteren van de leefbaarheid. In het programma wordt gezocht naar zogenaamde ‘koppelkansen’ of ‘fusies van belangen’: er liggen namelijk grote kansen in een samenhangende aanpak van de duurzaamheids- en leefbaarheidsopgave. Niet alleen groeit daarmee het draagvlak onder bewoners, ook levert het op lange termijn betere wijken op.
    In deze eerste publicatie van het experimentenprogramma wordt in beeld gebracht hoe vijftien koplopergemeenten invulling geven aan de ambitie om aardgasvrije, duurzame, leefbare én toekomstbestendige wijken te realiseren.
  • Rolverdeling stakeholders
    Wie moet wat wanneer doen om al die woningen in 2050 aardgasvrij te krijgen? Er zijn rollen weggelegd voor de rijksoverheid, gemeenten, netbeheerders, marktpartijen, huiseigenaren. Die rolverdeling moet duidelijk zijn en goed op elkaar aansluiten. ECN (Energieonderzoek Centrum Nederland) heeft hier onderzoek naar gedaan en komt met aanbevelingen.
  • Gemeentelijke bestuurskracht
    Het zwaartepunt van de energietransitie komt meer bij decentrale overheden te liggen, met name bij gemeenten. Vanuit gemeenten is er behoefte aan extra ondersteuning door het Rijk bij zowel het uitvoeren van nationaal klimaatbeleid als het opstellen van eigen beleid. Daarnaast onderzocht PBL hoe de capaciteit van een gemeente om taken op te pakken en uit te voeren verbeterd kan worden.
DSC 0932