Inhoud kennisdossier

Dit kennisdossier krijgt binnenkort verder invulling met de volgende deelthema’s:

Energiearmoede

Energie is van fundamenteel belang voor iedereen. Van het verwarmen van je woning tot het opladen van je mobiele telefoon: je hebt het overal voor nodig. Echter is toegang tot betaalbare energie niet voor iedereen vanzelfsprekend. Zo’n 7% van de huishoudens in Nederland (TNO, 2021b) heeft moeite met rondkomen en het betalen van de energierekening. Deze mensen zijn een relatief groot deel van hun inkomen kwijt aan de energiekosten, of houden na het betalen van woon- en energielasten onvoldoende bestedingsruimte over voor andere noodzakelijke uitgaven. We spreken in zulke gevallen van energiearmoede.

De voorspelling is dat deze groep de komende jaren groter zal worden (TNO, 2020), mede door de stijgende energiebelasting op fossiele brandstoffen. Dit maakt dat degenen die verduurzaming van hun energievoorziening het hardst nodig hebben ook het hardst worden geraakt door stijgende (fossiele) energieprijzen.

Energiearmoede in Nederland

Er zijn verschillende indicatoren beschikbaar waar energiearmoede mee kan worden vastgesteld en gekwantificeerd, zoals het huishoudensinkomen, de hoogte van de energierekening en de mate waarin een huis is geïsoleerd. Een alom bekend – maar volgens sommigen ook achterhaald – criterium voor de definitie van energiearmoede is de zogenaamde 10%-norm: wanneer een huishouden minimaal 10% van het totale inkomen besteedt aan energiekosten, is er sprake van energiearmoede. Op basis van deze indicator bevinden zich in Nederland naar schatting 550.000 huishoudens (TNO, 2021b) in energiearmoede en wanneer geen maatregelen worden getroffen, is de verwachting dat dit aantal zal stijgen tot 18% in 2030.

Hier komt bij dat huishoudens in energiearmoede vaak in huizen wonen die in een relatief slechte bouwkundige staat verkeren. Voor de gehele Nederlandse woningvoorraad geldt dat vocht voorkomt in 6% tot 16% van de woningen, afhankelijk van het bouwjaar. Ook zichtbare schimmel (9%, afhankelijk van bouwjaar) en een CO¬2-concentratie boven de 1200 ppm (59% verblijfsruimten, 47% slaapkamers) komen veel voor. Dit heeft alles een negatieve invloed op de gezondheid van de bewoner.

In een steeds verder opwarmend klimaat komt het bovendien steeds vaker voor dat energiearmoede niet alleen slaat op een gebrek aan warmte, maar ook op een gebrek aan koeling gedurende de zomer. Tegenwoordig warmen 17% van de woningen in Nederland gedurende warme periodes dermate sterk op, dat het in de woning nog maar moeilijk uit te houden is: bewoners lijden onder hittestress.

Energiearmoede is een complex vraagstuk

Hoewel energiearmoede aan de oppervlakte een relatief simpel probleem van te hoge energieprijzen en te weinig inkomen lijkt, blijken er bij nader inzien veel meer factoren te zijn die invloed hebben op de vraag wat energiearmoede precies is. Het is een complex vraagstuk, waarin niet alleen geld(gebrek) centraal staat, maar ook zaken als de algemene sociaaleconomische positie van een persoon, de bouwkundige staat van zijn/haar woning, de energiebron(nen) waar zijn/haar wijk in de toekomst op zal worden aangesloten en de sociale omgeving.

Ook is het belangrijk te weten dat energiearmoede en inkomensarmoede weliswaar vaak met elkaar te maken hebben, maar niet altijd samenvallen. Een huishouden met een hoog inkomen in een slecht geïsoleerd huis kan bijvoorbeeld een relatief groot deel van het inkomen aan energie besteden, maar onder de streep niets tekort komen.

Bij degenen die daadwerkelijk in energiearmoede leven, is dat niet altijd even makkelijk te zien. Wanneer mensen zich in een financieel kwetsbare positie bevinden en niet nog verder in de problemen willen raken, kan het voorkomen dat zij bezuinigen op hun energiegebruik: ze zetten de verwarming bewust uit en trekken in plaats daarvan een dikke trui aan. Dit noemen we verborgen energiearmoede. De focus op een hoge energierekening, waar men vaak van uitgaat, geeft daarom een “vertekend beeld” (TNO 2021, p.16).

Er wordt echter gewerkt aan het goed kunnen vatten van energiearmoede in Nederland. Zo heeft TNO in 2021 de meest nauwkeurige energiearmoedemonitor gepresenteerd die tot nu toe in Nederland beschikbaar is. Tot op buurtniveau is daarin zichtbaar hoe sterk energiearmoede aanwezig is in elke Nederlandse plaats. Dit komt nog bovenop de verschillende onderzoeken die in de afgelopen jaren zijn gepubliceerd door TNO, PBL, CBS en andere onderzoekspartijen in Nederland (zie ook onze bibliotheek met relevante publicaties).

Aanpak van energiearmoede

De urgentie om energiearmoede aan te pakken is sinds de nazomer van 2021 verder toegenomen door de sterk gestegen gasprijzen op de internationale markt. Het onderzoek dat in de afgelopen decennia binnen en buiten Nederland is gedaan, kan hier een goede bijdrage aan leveren. Er zijn al enkele aandachtspunten vastgesteld waar een effectieve energiearmoede-aanpak zeker bij stil moet staan.

Ten eerste moeten overheden op alle niveaus, van het Rijk tot aan de gemeenten, nauwer met elkaar samenwerken. Energiearmoede valt namelijk niet onder de verantwoordelijkheid van een ministerie of afdeling, maar heeft raakvlakken met zowel het sociale zaken, energie als de gebouwde omgeving (TNO, 2020).

Daarnaast moet een manier worden gevonden om de bewoners, of ze in energiearmoede leven of niet, te betrekken bij de veranderingen in hun wijk, straat en woning. Dit vereist maatwerk, waarbij de mensen die namens de overheid of andere instanties in contact komen met de bewoners, over gedegen en uitgebreide kennis moeten beschikken. Deze kennis mag zich niet alleen van technische aard zijn, maar moet juist ook het sociale aspect van de energietransitie (communicatie, schuldhulpverlening, psychische problematiek) omvatten.

Ten derde is het van belang om te weten in welke bredere context de energietransitie bij lage inkomens past. TNO stelt in een witboek (2020) dat de energietransitie door sommigen als een obstakel wordt gezien dat energiearmoede nog verder verergert, maar andersom geldt ook dat de energietransitie juist een kans vormt om energiearmoede effectief aan te pakken. De inzet van energietransitie als wapen tegen energiearmoede leidt volgens TNO “tot een scala aan sociaal-economische voordelen” (2020, p.2) en kan ook de energietransitie zelf vooruit helpen. Zo ontstaat een positieve wisselwerking waar alle betrokkenen baat bij hebben.

Om deze redenen heeft Platform31, in samenwerking met het ministerie van BZK en RVO, een masterclass ontwikkeld waarin de onderwerpen uit dit kennisdossier aan bod komen.

energiearmoede