GezondIn ondersteunt gemeenten met het versterken van lokale aanpak van gezondheidsachterstanden. Het gaat daarbij niet om blauwdrukken maar om het aansluiten bij wat gemeenten al doen. Pharos en Platform31 voeren uit, met financiering van het ministerie van VWS.

Projectpagina Gezond In

Martijn krabbelt met hulp van een beweegmakelaar en buddy weer op. Hij staat een stuk positiever en actiever in het leven.

Participatie & Gezondheid deel 5: het verhaal van Martijn

Mensen met een lage sociaaleconomische status hebben vaak gezondheidsproblemen. Meedoen in de maatschappij kan daarop een positieve impact hebben. De weg naar maatschappelijke of arbeidsparticipatie is niet makkelijk, maar wel mogelijk. Met aandacht en persoonlijke begeleiding maak je het verschil. Hoe ziet dat er in de praktijk uit?

Martijns leven ziet er nu heel anders uit dan een aantal jaar geleden. Zes jaar geleden verloor hij zijn baan. Die klap kwam hard aan. Martijn* werd (tijdelijk) thuisloos, kreeg schulden, raakte in psychische problemen en in een sociaal isolement. Met hulp van ‘beweegmakelaar’ Jolanda Mikic van de gemeente Vaals én een fijne buddy krabbelt Martijn weer op. Hij staat een stuk positiever en actiever in het leven. Bovendien wil Martijn weer aan het werk. Hij start binnenkort waarschijnlijk met vrijwilligerswerk.

“Ik had geen baan, geen huis en financiële en psychische problemen”

Martijn (47) volgde verschillende opleidingen, maar maakte die niet af. Zes jaar geleden verloor hij door een faillissement zijn werk. Door een fout van zijn voormalig werkgever kreeg Martijn pas ruim een half jaar daarna een WW-uitkering. Tot dat moment zat Martijn zonder inkomen en kon hij de huur van zijn appartement niet betalen. Hierdoor verloor hij zijn huis. In dezelfde periode bouwde Martijn schulden op, waarvoor hij later in de schuldsanering terechtkwam.

Martijn kreeg ook hij te maken met psychische problemen, waaronder een depressie en agressieproblemen. Hij zocht hulp van een psycholoog, die hem medicatie voorschreef. Die medicatie was (op termijn) niet goed voor hem, vertelt hij “Ik slikte 23 tabletten per dag. Die medicijnen hielden me rustig, maar ik werd ook ‘stilgelegd’; er kwam niets meer van me uit. Als je zo wordt platgelegd, komt een sociaal isolement vanzelf. Je hebt nergens meer zin in.”

“Weer wat in beweging komen”

Een aantal jaar geleden raakte beweegmakelaar Jolanda Mikic van de gemeente Vaals bij Martijn betrokken. Dat gebeurde via een gemeentemedewerker (van de afdeling Sociale Zaken) die toen contact had met Martijn. Zij vroeg Jolanda om Martijn te helpen ‘weer wat in beweging te komen.’ Tijdens hun kennismaking merkte Jolanda dat Martijn behoefte had om fysiek in beweging te komen en zo zijn energie kwijt te kunnen. Omdat sporten voor Martijn destijds om financiële redenen (hij zat toen in een schuldsaneringstraject) geen optie was, regelde Jolanda dat hij gratis kon sporten bij de tennisclub in de buurt.

Meer weten over Jolanda Mikic en haar werk als beweegmakelaar?

  • Bekijk hier het goede gesprek van Jolanda waarin zij een beeld krijgt van wat er speelt bij inwoners, op meerdere leefgebieden.
  • Lees meer over wat een beweegmakelaar doet in dit praktijkvoorbeeld op Gezond In.

“Het gevoel dat je er niet meer alleen voor staat”

Maar Martijn had meer nodig dan alleen sporten, zag Jolanda: “Toen ik bij Martijn thuiskwam, vertelde hij dat dat de eerste keer in jaren was dat er iemand bij hem thuiskwam. Martijn zei dat hij niet meer wist hoe hij naar buiten moest gaan en met mensen omgaan. Dat is me zo bijgebleven. Ik dacht: hier is meer nodig, en ik moet doorvragen.” Jolanda koppelde Martijn aan een buddy: Sanne. Jolanda kent Sanne al langer, en zet haar in bij mensen die iemand nodig hebben die hen bij de hand neemt en helpt weer actief te worden.

De kennismaking en eerste activiteiten met Sanne waren voor Martijn spannend. “Jarenlang was ik niet onder de mensen gekomen. Ik heb alleen maar thuisgezeten. Voor mij was dat toen zó moeilijk.” Sindsdien komt Sanne één of twee keer per twee weken bij Martijn langs. Samen voeren ze veel gesprekken en ondernemen ze allerlei activiteiten. Vooral het weer buiten en onder de mensen komen doet Martijn goed: “Dat brengt ook een bepaald gevoel met zich mee; dat je er niet meer alleen voor staat.”

Sanne hielp Martijn ook bij het omgaan met zijn psychische problemen, bijvoorbeeld door creatief bezig te zijn. Bovendien moedigde ze hem aan om zijn psycholoog te betrekken bij de afbouw van zijn medicatie – iets wat hij graag wilde en eerst zelfstandig deed. Ook nam Martijn samen met Sanne zijn eetpatroon onder de loep, om vervolgens een stuk gezonder te gaan eten.

“Vrijwilligerswerk en betaald werk in zicht”

Martijns leven ziet er nu een stuk positiever en actiever uit dan een aantal jaar geleden. Hij komt weer buiten, onderneemt activiteiten en heeft wat meer contact met zijn kinderen en ouders. Maar het eindstation is nog niet bereikt, vinden zowel Martijn als Jolanda. Martijn wil graag werken: “Je moet ergens je voldoening uithalen. Dat heb ik nu nog niet. Dat mis ik wel.” Binnenkort gaan Martijn en Jolanda mogelijkheden voor vrijwilligerswerk bespreken. “Vrijwilligerswerk zou voor Martijn een mooi opstapje naar betaald werk kunnen zijn”, vertelt Jolanda. Op dit moment ontvangt Martijn nog een bijstandsuitkering.

De hulp van Jolanda en Sanne is volgens Martijn een belangrijke reden voor zijn positieve ontwikkeling. Vooral hun ongedwongen en persoonlijke insteek vindt Martijn goed: “Vroeger waren ze bij Sociale Zaken bij de gemeente heel strikt: je moest alleen dingen, en er werd niet naar de mensen zelf gekeken, niet naar de persoon. Zo van: dit is nummer 27 en die moet dit doen. Maar bij Jolanda is dat anders. Zij ziet jou als persoon, niet als nummer.” Jolanda sluit hierop aan: “Eerst lag de nadruk erg op een tegenprestatie en het moeten. Nu hebben consulenten een bredere kijk, en wordt iedere activering als winst gezien.” Verder is Jolanda’s brede netwerk volgens Martijn erg behulpzaam.

*Om zijn privacy te waarborgen hebben we Martijn een andere naam gegeven.

Zes interviews

Dit is het vijfde portet in een serie van zes interviews over participatie en gezondheid. Ieder verhaal is anders, maar er is één belangrijke overeenkomst: mensen zijn het best geholpen met een persoonsgerichte aanpak. Hiervoor is samenwerking nodig, bijvoorbeeld tussen werk en inkomen en gezondheid.

Lees ook: