“Voorkom dat de gedeelde stad een verdeelde stad wordt”

Interview met programmamaker Felix Rottenberg

Felix Rottenberg heeft een zoete en zure nasmaak overgehouden aan het landelijke congres Vooruit met de wijk! op 11 oktober in Groningen. “Ik zie mooie, volhardende initiatieven voor vergeten wijken en probleemwijken. Tegelijkertijd zie ik ook dat institutionele organisaties nog veel ontwikkeling blokkeren; gemeenten lopen nog niet voorop in de vernieuwing.” Volgens de bestuurder van sociale en culturele instellingen en (incidenteel) programmamaker is het tijd voor visionaire wijkvernieuwers. “Want we leven in een gevaarlijke tijd, waarin de gedeelde stad een verdeelde stad kan worden. En dat moeten we voorkomen.”

In 2002 maakte Felix Rottenberg een driedelige documentaire over de Akbarstraat in de wijk Amsterdam-West. Hij toonde straten vol zwerfvuil, kleine criminaliteit, waar gebrekkig Nederlands werd gesproken en de kwaliteit van scholen en publieke voorzieningen erbarmelijk was. Dit jaar keert hij terug naar de Akbarstraat, om opnieuw de geïnterviewden en de straat in beeld te brengen. “Daar heeft de wijkvernieuwing ook toegeslagen. Na de eerste documentairereeks is de straat gerenoveerd en zijn bijvoorbeeld etages samengetrokken en verkocht aan yuppen. Maar er zijn ook huizen gesloopt en sociale huurwoningen verrezen voor de oorspronkelijke bewoners, al zijn die huizen niet ingesteld op de wensen van die grote gezinnen.”
In ‘Akbarstraat, 15 jaar’ later, dat najaar 2019 moet uitkomen, kijkt Rottenberg door de ogen van oude en nieuwe bewoners: wat hebben de vernieuwingen in de buurt teweeggebracht? Hoewel de documentaire nog niet af is, ziet hij net als wethouder Roeland van der Schaaf in Groningen inmiddels een segregatie. “De samenleving is flink veranderd. Daardoor merken we dat mensen nu minder snel willen meewerken aan de documentaire; ze hebben niet meer het gevoel dat ze onderdeel zijn van de Nederlandse samenleving. Bij de Bos en Lommerschool zagen we bijvoorbeeld ook segregatie binnen de klassen. Heel zorgelijk.”

Stevig de weg wijzen

Rottenberg was zelf betrokken bij het ‘repareren’ van het Calvijn College, een Amsterdamse vmbo-school die jarenlang werd gezien als het afvoerputje van Nieuw-West. “Dat repareren duurde idioot lang, bijna 12 jaar”, zegt hij. “Je kunt wel relativeren dat dat nu eenmaal zo lang duurt, maar je hebt het wel over kinderen die dan minder kansen krijgen. Als de wethouder zich niet ermee had bemoeid, had het nog veel langer geduurd.” Wethouders vormen volgens Rottenberg dan ook een belangrijke sleutel voor wijkvernieuwing. “Zij zijn doorslaggevend: ze kunnen richting geven en hun ambtenaren zeggen ‘die kant gaat het op’ en ‘zo gaan we het doen’. In Amsterdam doet SP-wethouder Ivens dat heel goed. Hij is echt een voorbeeld van stevig de weg wijzen, omdat hij tegen zowel ontwikkelaars als woningcorporaties zegt dat hij ten minste 40 procent sociale woningen wil. Want hij ziet ook: als we dat percentage loslaten, wordt het nog meer een eenzijdige of gesplitste stad. Die segregatie aan de basis kan niet. Bij wijkvernieuwing moet je als overheid echt een richtinggevende rol spelen. Anders worden steden onbewoonbaar voor lagere inkomens en krijg je toestanden zoals in Parijs of Londen.”

Blijf bij je taak

Zowel gemeenten als burgers hebben volgens Rottenberg een rol als aanstichter van wijkvernieuwing. “Gemeenten kunnen als geen ander sturen op wat nodig is. Ze kunnen, als ze goed bij kas zijn, investeringsfondsen in het leven roepen of daarmee samenwerken. Met name not for profit-investeringen zijn essentieel. In bijvoorbeeld Amsterdam kan het erfpachtstelsel fungeren als sturingselement voor culturele en sociale cohesie, maar het is nu veel te complex en wordt vooral ingezet om maximale opbrengsten te genereren. Daarnaast zit het vernuft echt op het lokale niveau. Niet alleen ambtelijk, maar ook wijkorganisaties, maatschappelijke organisaties en burgers kunnen bijdragen aan wijkvernieuwing, bijvoorbeeld met wooncoöperaties. Daarmee kan de gemeente taken overdragen aan burgers en zij kunnen die taken ook opeisen bij de gemeente. En om segregatie tegen te gaan, kunnen blanke ouders ook hun kinderen expres inschrijven bij een zwarte school.”
Rottenberg betreurt het dat de rol van woningcorporaties aan banden is gelegd, omdat daardoor een essentiële speler voor wijkvernieuwing eigenlijk op de bank moet zitten. ‘Softe wijkvernieuwing – alles wat met het sociale te maken heeft – is hierdoor veel moeilijker geworden. Woningcorporaties zijn bij uitstek de investeringsmachine voor dit soort vernieuwing en extreem belangrijk voor de woningbouwopgave. Er zijn natuurlijk schandalen geweest, maar je hebt investerende woningcorporaties in de wijk hard nodig.”

Tijd voor alliantievorming

“Voor wijkvernieuwing zijn visionaire wijkvernieuwers nodig”, vindt Rottenberg, “mensen die radicale keuzes durven maken en vooral ook durven uitvoeren. De transformatie van de Merwedekanaalzone in Utrecht is daarvan een goed voorbeeld. Visionaire vernieuwing vraagt om coalities van ontwikkelaars, gemeente en woningcorporaties. Ook bewoners kunnen mini-ontwikkelaars zijn, maar het gaat vooral erom dat we gezamenlijk optrekken en kijken naar wat nodig is op wijkniveau. Denk aan stadstuinen, kunst, cultuur, onderwijs, esthetiek, duurzaamheid, mobiliteit, sociale cohesie, leefbaarheid en gezamenlijkheid. Juist door bijvoorbeeld in te zetten op duurzame mobiliteit, kun je bijdragen aan sociale cohesie. En dat zie je bijvoorbeeld in Utrecht terug, waar mensen elkaar straks vaker en meer op straat tegenkomen doordat hier wordt ingezet op meer loop-, fiets- en ov-verkeer.”
Rottenberg erkent dat wijkvernieuwing makkelijk bedacht en moeilijk gedaan is. “Het is een gevaarlijke, maar ook een kansrijke tijd. In Groningen zag ik wel honderden goede voorbeelden – minister Ollongren moet dat verhaal meer vertellen. Elke stad genereert energie; er zijn heel veel getalenteerde mensen en het stikt van de ideeën! Daarvan moet de gemeente gebruikmaken. Met de nieuwe documentaire over de Akbarstraat laten we onder andere zien wat wijkvernieuwing teweegbrengt en dat segregatie een rol speelt in onze wijken. En we gaan hem ook op verschillende plaatsen in Nederland laten zien. Niet om belerend de weg te wijzen, wel om het gesprek op gang te krijgen. We willen die energie binnen en bij gemeenten loskrijgen: waar zien wij als samenleving en beleidsmakers kansen voor wijkvernieuwing? Segregatie tegengaan begint namelijk met een goed gesprek.”

Meer weten?

In het najaar van 2019 komt de nieuwe documentaire Akbarstraat, 15 jaar later van Felix Rottenberg uit. Het gesprek met Rottenberg tijdens het congres Vooruit met de wijk! kunt u online terugkijken. Dat geldt ook voor andere delen van het plenaire programma en de talkshow.

Vooruit met de wijk!

Meer weten over het project ‘Vooruit met de wijk!’? Platform31 bundelt de belangrijkste ontwikkelingen, interessante bijeenkomsten en geboekte resultaten voor u op een overzichtelijke projectpagina.