Uitstroom beschermd wonen en maatschappelijke opvang: Bestuurlijke tijgers gevraagd

De meerderheid van de dertien koplopers van het experiment Weer thuis in de wijk slaagt in een gestage uitstroom uit het beschermd wonen en de maatschappelijke opvang met een ‘zachte’ landing in de wijk. Voorwaarden voor goed wonen, flexibele begeleiding en een verwelkomende wijk? Bestuurlijke vastbijters en een intensieve samenwerking tussen gemeente, woningcorporaties, ggz-ondernemers, uitstromers en wijkbewoners. Want belangrijk is dat je elkaar weet vast te houden als dromen over de inclusieve samenleving uiteenspatten in de weerbarstige praktijk.

Mensen met een psychiatrische kwetsbaarheid blijken de ultieme testcase voor de nodige samenwerking tussen woningcorporatie, zorgaanbieder, gemeente en inwoners om zelfstandig wonen van zorgdoelgroepen goed te laten verlopen. Afgelopen week verscheen op LinkedIn het pleidooi van de bestuurder van de Rotterdamse woningcorporatie Havensteder, Hedy van de Berk, om werk te maken van een gedeelde verantwoordelijkheid voor een maatschappelijk probleem dat geen van de partijen in zijn eentje kan oplossen. Bestuurlijk netwerk-leiderschap is vereist, vindt Van de Berk.

Dit pleidooi past bij de uitkomsten van het experiment Weer thuis in de wijk. Goed wonen in de wijk slaagt alleen wanneer maatschappelijke organisaties intensief samenwerken op bestuurlijk (institutioneel) niveau, rond de casus en in de wijk. Een succesvolle uitstroom vraagt om een veelomvattende, integrale aanpak van professionals uit verschillende domeinen en om een samenwerking die verder reikt dan de eigen organisatiegrenzen. Alleen op die manier kan de potentiële uitstromer daadwerkelijk uitstromen en zacht landen in de wijk. Denk bijvoorbeeld aan: een huurder met schulden accepteren, begeleiding geven zonder indicatie of afwijken van de regels waarmee je inkomensondersteuning krijgt.

Eigenaarschap en 24/7 bereikbaar

Ruimte om buiten de standaardwegen te treden ontstaat wanneer dit wordt gedragen door een gezamenlijke bestuurlijke coalitie die ook benaderbaar is. In bijvoorbeeld de regio ‘s-Hertogenbosch sloten bestuurders afgelopen week een deal met bewoners over ggz in de wijk. Eén van de vijf beloftes aan de uitstromers met psychische kwetsbaarheden en wijkbewoners is een fijne leefomgeving voor en met iedereen. En dat betekent eigenaarschap bij hulpvragen, 24/7 bereikbaar zijn en binnen een halve dag hulp leveren.
Bestuurders kunnen binnen het huidige stelsel zorgen dat er voldoende voorwaarden aanwezig zijn voor professionals om aan de slag te kunnen. Dat is een regelopgave met afspraken over en weer, met vastgelegde budgetten en garanties aan elkaar. Ook is het nodig dat bestuurders willen blijven werken aan een gezamenlijk geformuleerde toekomstvisie. En dat vraagt best veel van bestuurders. Impliciet is de vraag: verbind ik mij aan een opgave die vaak nog onduidelijk is, verkeerd kan uitpakken of als een hete aardappel tussen bestuurders en organisaties in kan liggen? Kortom, bestuurlijke terriërs gevraagd.

Wat is nodig in de wijk?

Naast bestuurlijke samenwerking is het nodig dat organisaties de hulp aan de individuele uitstromer op elkaar afstemmen. Nu komt het vaak voor dat toegangseisen elkaar tegenspreken: voor een woning is een stabiel inkomen nodig, om een uitkering aan te vragen is een woonadres nodig. Om te voorkomen dat de uitstromer verdwaalt in het bureaucratische moeras moeten organisaties onderling afspraken maken wie wat oppakt. Naast bestuurlijke samenwerking is er dus ook samenwerking nodig tussen alle betrokken organisaties rondom degene met psychische kwetsbaarheden. Op dit vlak hebben de samenwerkingsverbanden grote stappen gemaakt. De meeste experimentdeelnemers werken aan een afgestemd aanbod voor de uitstromer of hebben zelfs al een centraal klantproces ingericht. Wel ontbreekt nog vaak de monitoring van de uitstromers over een langere tijd.

Naast regie op de casus is regie op de leefomgeving noodzakelijk. Ofwel: wat is nodig in de wijk? De samenwerking is hier vaak versnipperd over verschillende projecten en valt onder aansturing van verschillende (groepen) medewerkers. Een integrale visie op en kennis van wat nodig is ontbreekt. Verschillende koplopers experimenteren daarom met gebiedsgericht werken en het uitbreiden van algemene voorzieningen zodat deze geschikt zijn voor uitstromers. Leefbaarheid is niet langer van de woningcorporatie alleen, maar een opgave voor alle partijen in de wijk. Want naast de bestuurlijke samenwerking is in de samenwerking in de wijk nog een wereld te winnen.

Meer informatie

Het experiment Weer Thuis in de Wijk is een van de activiteiten in het kader van het programma Langer Thuis dat Platform31 uitvoert in samenwerking met het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg in opdracht van de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS).

Bekijk ook:

Of lees de digitale samenvatting: Zelfstandig wonen na uitstroom uit beschermd wonen of opvang: lessen uit het experiment Weer thuis in de wijk