Transitie en transformatie in Zaanstad: mitsen, maren én momentum pakken!

De binnenstedelijke woningbouwopgave en de transitie naar energieneutraal gaan in de transformatielocaties in Zaanstad-Midden en Zaandam-Oost hand in hand. Waar opgaves samenkomen en wrijven, ontstaat warmte. Of in het geval van Zaanstad: een open warmtenet, in eerste instantie gevoed door een nieuwe biomassacentrale. Marie-Louise Sanders (gemeente Zaanstad) en Leonie Schaart (ontwikkelaar Firan) vertellen hoe Zaanstad complexiteit, onzekerheid én momentum benut.

“Zo’n 100.000 nieuwe woningen binnen 20 reisminuten vanaf Amsterdam Sloterdijk, waarvan 20.000 in onze gemeente. Niet aan de rand, maar in het hart van de stad. In het gebied waar de Zaanstreek haar reputatie aan dankt als oudste industriegebied van Europa.” Marie-Louise Sanders, programmamanager MAAK.Zaanstad, schetst de contouren van de complexe opgave waaraan zij dagelijks werkt. Althans, één van de opgaves. “Duurzaam wonen en werken is het streven en dat is hard nodig. We zien dat de bestaande voorraad een slechte energieprestatie heeft. Jaarlijks staan we voor de opgave om 3.300 woningen van het gas te halen. Het besteedbaar inkomen ligt in Zaanstad onder het MRA-gemiddelde en we kennen veel grootgebruikers, zoals de foodindustrie. Tel hierbij op dat de gemeente beperkte middelen heeft en je ziet dat de uitdaging groot is.”

Momentum voor een Zaans warmtenet

Het Zaanse gemeentebestuur gaat de uitdaging te lijf met een duidelijke rolopvatting. Onzekerheid en complexiteit worden door de coalitie beantwoord met een flexibele houding. “Rechtlijnig van A naar B is passé”, zegt Sanders. “We kunnen niet zonder de krachten uit de samenleving. De gemeente kan ze bundelen, richting geven en zelf het goede voorbeeld laten zien.” Voor de verduurzaming van de Zaanse energievoorziening wil de gemeente vooral stimuleren, zonder taken over te nemen. “We helpen collectiviteit organiseren en proberen partijen te verbinden, met elkaar én met de maatschappelijke opgave.”
De vraag naar duurzame warmte in Zaandam-Oost groeit de komende jaren sterk, dat komt ook door de roep om aardgasvrij: dit momentum willen ze in Zaanstad beslist niet laten lopen. Deze keuze is ingegeven door harde lessen uit 2009, toen serieuze plannen voor een warmtenetwerk op basis van restwarmte van de aanwezige industrie en – op termijn – geothermie door de crisis in de ijskast belandden. De plannen bleven daar bijna een decennium onaangeroerd, maar inmiddels is de realisatie van een Zaanse warmtenet aanbesteed en is gestart met de aanleg van de hoofdtransportleiding.

Open warmtenet

Het Zaans warmtenet is een marktinitiatief van ENGIE, Bio Forte en Firan. “Een open warmtenet, met ENGIE als eerste warmteleverancier en Bio Forte als eerste warmteproducent. Firan is als netwerkbedrijf betrokken als ‘transporteur’; de gemeente heeft een regisserende rol en is aandeelhouder van het warmtenetbedrijf”, vertelt Leonie Schaart, businessontwikkelaar bij Firan.

Met het warmtenet worden in de nabije toekomst zo’n 2.200 woningequivalenten verwarmd, terwijl de potentie van de infrastructuur die nu wordt aangelegd nog veel groter is. Onder de eerste afnemers zijn onder meer woningcorporaties, VvE’s én projectontwikkelaars van nieuwbouwprojecten. Als alles volgens planning verloopt, worden de eerste inwoners in de winter van 2019-2020 voorzien van duurzame warmte. Ook moet dan de biomassacentrale af zijn die in eerste instantie als warmtebron fungeert. De bouw van deze centrale was cruciaal, vertelt Sanders. “Als we moeten wachten totdat restwarmte en geothermie kunnen worden ingezet, zijn we zo vijf jaar verder, terwijl we juist nú voldoende massa zien voor de aanleg van het warmtenet.”

Lessen en inzichten

De inkijk die Sanders en Schaart geven in de Zaanse opgaves en afwegingen wekt ook in de zaal energie op. Samen komen de aanwezigen tot een aantal wezenlijke aspecten waarmee je bij het duurzaam transformeren van stedelijke gebieden rekening moet houden:

  • Analyseer de omgeving
    Bij de keuze voor welke duurzame energievoorziening voor een woongebied, is een integrale omgevingsanalyse essentieel. Vaak liggen nieuwbouwwijken nabij industrie, zoals ook in Zaanstad. Collectieve oplossingen als een warmtenet zijn dan erg geschikt, terwijl individuele oplossingen als all-electric in delen van de stad met een lage bebouwingsdichtheid juist voor de hand liggen.
  • Vergroot de businesscase
    Ook voor de financiële haalbaarheid is het uitstijgen boven het schaalniveau van een wijk van waarde. Van infrastructuur als een warmtenet, nodig voor het aardgasloos realiseren van nieuwbouw, kun je de bestaande voorraad mee laten profiteren. Begin klein, maar zorg voor visie hoe de totale gemeente verduurzaamd wordt.
  • Kijk naar de ondergrond
    Ook de Nederlandse ondergrond is steeds dichter ‘bebouwd’. Daarbij is het aanleggen van een warmtetransportleiding naast een drinkwaterleiding niet handig. Is een masterplan voor de ondergrond nodig?
  • Open of gesloten net?
    Schaart van Firan is warm pleitbezorger van open netten. “Gesloten warmtenetten hebben één eigenaar die als enige het recht op warmtelevering heeft. Een open net biedt producenten, leveranciers en afnemers op gelijke wijze toegang. Daar hoort een strikte splitsing van rollen bij. Open netten komen bovendien de betaalbaarheid, bereikbaarheid en betrouwbaarheid ten goede.” De vraag is of in de warmtemarkt een soortgelijke regulering en splitsing van rollen nodig is als in de gas- en elektramarkt. Minister Wiebes is daar géén voorstander van. Wel kunnen betrokken partijen zelf kiezen voor een splitsing – en daarmee een open warmtenet – zoals in Zaanstad. Schaart: “In de praktijk beginnen we met één leverancier en één producent. Maar wanneer straks restwarmte en geothermie als warmtebronnen beschikbaar komen, biedt een open net ook aan nieuwe leveranciers en producenten de mogelijk om hun warmte te transporteren.”
  • Hoe bied je verkoeling?
    Met de huidige klimatologische ontwikkelingen is ook het koelen van de (dicht)gebouwde omgeving een relevant vraagstuk. Liever niet door airconditioners aan het stopcontact, maar ook koude-netten lijken niet de ideale oplossing. In Zaanstad vormt rivier de Zaan voor een natuurlijk koude-transport, wat bij de inrichting van nieuwbouwlocaties zo goed mogelijk wordt benut.
  • Verwarmen zonder verspilling
    Restwarmte van een bedrijf kan een ‘slecht’, energieverspillend bedrijfsproces in stand houden. Volgens Schaart geldt ook voor bijvoorbeeld woningcorporaties dat het gebruik van restwarmte je niet mag vrijwaren van het energiezuinig maken van je voorraad.

Het vervolg

De deelsessie over de Zaanse casus laat zien dat openhartigheid werkt. Zaanstad oogst, naast constructieve mitsen en maren, vooral complimenten voor hun daadkrachtige aanpak. Ook de reflectie van nieuwe partijen als Firan op de te maken keuzes in duurzame gebiedsontwikkeling werkt verfrissend. De vraag over de warmtevoorziening blijft een lastige. Daarom is de energietransitie één van de thema’s waar het programma Stedelijke Transformatie in 2019 in haar themabijeenkomsten op inzoomt. Aan de hand van twee concrete casussen wordt uitgewerkt welke aanpakken werken of geschikt zijn voor andere transformatiegebieden. Kortom: achterhalen wat werkt als je, ondanks mitsen en maren, vastbesloten bent momentum te pakken!

Op het jaarcongres Stedelijke Transformatie gingen de deelnemers in bijna 25 themasessies aan de slag met met het verbinden van opgaven en trajecten die lopen op het gebied van binnenstedelijke transformatie. Op www.stedelijketransformatie.nl publiceren we van elke sessie een korte terugkoppeling. Wilt u al meer weten over de verschillende thema’s waaraan we werken met het programma? Bekijk dan onze themapagina’s.

Wilt u automatisch op de hoogte blijven? Meld u dan aan voor onze nieuwsbrief of volg ons op Twitter.

Logo's Stedelijke Transformatie