Thuis in de wijk vraagt om investeren in kwetsbare mensen én in wijken

Mohamed Acharki – bestuurder van woningcorporatie Zayaz – raakt in zijn blog een kernpunt aan, waar ik graag op verder ga: samenwerken.

‘Wederkerigheid’, iets terugdoen voor wat je ontvangen hebt, is in de huidige samenleving van grote en toenemende betekenis om beleidsmaatregelen begrepen en geaccepteerd te krijgen. Hulp die mensen krijgen, vindt in de samenleving beter draagvlak als die mensen er ook wat voor terug doen. Een bijstandsuitkering zonder tegenprestatie in de vorm van ‘vrijwilligerswerk’ is bijna niet meer denkbaar. Daklozen die meehelpen bij het schoonhouden van een buurt, worden positiever bejegend.

In dit licht is het merkwaardig, dat het belang van ‘wederkerigheid’ nogal eens over het hoofd wordt gezien als het gaat om ‘inclusief wonen’ of ‘sociale inclusie’ in de breedte. Terwijl er toch harde bewijzen zijn, dat als je tegelijk met het huisvesten van kwetsbare mensen ook de problemen in die wijk aanpakt of het leefklimaat verbetert, het totale resultaat veel beter en duurzamer is. Op die wijze is het gelukt om in zogenaamde probleemwijken grote huizen voor beschermd wonen voor verslaafden en psychiatrische patiënten te plaatsen én geaccepteerd te krijgen door 1) zichtbare begeleiding van deze mensen en 2) door die wijken tegelijk qua leefbaarheid te verheffen. Soortgelijke successen zijn geboekt bij individuele huisvesting van kwetsbare mensen. De voor alle wijkbewoners zichtbare begeleiding gaf rust en veiligheid. Aandacht voor de noden van de oorspronkelijke wijkbewoners voorkwam dat ze zich als ‘tweederangs’ behandeld voelden. Het geheel vormde het succes.

Dat lukt alleen als een gemeente (politiek bestuur en ambtelijke diensten), instellingen voor hulpverlening en politie ‘wederkerigheid’ niet alleen als een opgave zien voor degene die hulp nodig heeft, maar ook voor henzelf als instituties. Zij moeten niet alleen opkomen voor de te huisvesten, kwetsbare mensen, maar ook voor de belangen van die wijken. En dat laatste moet tastbaar zijn, geen papieren beloften. Gewoon een nuchtere, zakelijke uitruil van belangen, die meer effect heeft dan louter een moreel appel. Daar gaat meestal een indringend traject aan vooraf met stevige discussies, maar met daden wordt stap voor stap het vertrouwen verkregen.

‘Wederkerigheid’ is mijns inziens een essentiële opgave voor alle instellingen in de publieke sector. Niet één uitgezonderd. In tijden waarin die instellingen op financiële gronden eerder gedwongen worden om smal te kijken en zich op kerntaken te concentreren, is het juist een maatschappelijk belang breed te handelen. Dat vraagt om bestuurskracht om tegen de stroom in te gaan en dat lukt beter als instellingen dat in samenwerking doen. Tot die instellingen reken ik ook de woningcorporaties, die voor goede huisvesting en een rustige woonomgeving van groot belang zijn. Daarom vraag ik Bert Halm – bestuurder van corporatie Eigen Haard in de regio Amsterdam – het stokje van me over te nemen.

Sjef Czyzewski (oud-bestuurder van Antes GGZ en voorzitter van de RvT van Frion)