Sturen op gemengde wijken?

Nieuw onderzoek Platform31

Al decennia sturen we in Nederland direct en indirect op de sociale compositie van wijken. De laatste jaren lijkt dit ideaal echter aan kracht in te boeten. Tegelijkertijd groeit de zorg over toenemende concentraties van kwetsbare groepen in de betaalbare woningvoorraad. Hoe zit dat? Is de gemengde wijk nog een relevant beleidsconcept voor stedelijke partijen anno nu? In het rapport ‘Sturen op gemengde wijken? Verkennend onderzoek in zes steden’ verbindt Platform31 de beleidspraktijk van zes steden met de beleidshistorie van de gemengde wijk en inzichten uit de wetenschap.

Bezorgdheid over concentratie kwetsbare groepen

Sinds de Tweede Wereldoorlog wordt het beleidsideaal van de gemengde wijk ingezet om de negatieve gevolgen van concentraties van bepaalde bewonersgroepen in buurten tegen te gaan: via nieuwbouw, stadsuitbreiding, herstructurering en transformatie. De laatste jaren lijkt dit ideaal aan kracht in te boeten. Door de economische crisis, de beëindiging van het Wijkenbeleid en herziening van de Woningwet, kwam de stedelijke herstructurering tot stilstand. Inmiddels maken gemeenten en corporaties zich zorgen over de concentraties van kwetsbare mensen in buurten met goedkope woningen. Tegelijkertijd zijn er zorgen over te krappe naar gemeenten gedecentraliseerde taken in het sociaal domein en doen zich – als gevolg van Europese wetgeving en de herziene Woningwet – majeure veranderingen in de corporatiesector voor. De combinatie van deze ontwikkelingen werpen nieuw licht op het denken over gemengde wijken.

Verkennend onderzoek in zes steden

Is de gemengde wijk nog een relevant beleidsconcept voor stedelijke partijen in dit tijdsgewricht? In het rapport ‘Sturen op gemengde wijken?’ verbindt Platform31 de beleidspraktijk van zes steden anno nu met de beleidshistorie van de gemengde wijk in Nederland en inzichten uit de wetenschap. Platform31 interviewde bijna 40 strategen en bestuurders over de gemengde wijk in zes steden: Breda, Ede, Groningen, Leeuwarden, Nijmegen en Tilburg. Vanuit drie perspectieven zijn de doelen, ambities en praktijken van menging in kaart gebracht: de lokale overheid, de corporatiesector en het sociaal domein. Signaleren lokale beleidsmakers, vertegenwoordigers van corporaties en zorgorganisaties in toenemende mate segregatie? Wat is hun visie op deze ontwikkeling en welke stedelijke afspraken komen hieruit voort? In hoeverre speelt het beleidsconcept van de gemengde wijk nog een rol in de aanpak van segregatie? En welke interventies worden hiervoor ingezet?

Gemengde wijken of ongedeelde stad?

In alle zes onderzochte steden onderschrijven partijen nog steeds – zij het goeddeels impliciet – een mengingsideaal, maar meestal ontbreekt een concrete vertaalslag naar doelen, maatregelen en beoogde resultaten. Andere beleidsthema’s krijgen in dit tijdsgewricht prioriteit: betaalbaarheid, beschikbaarheid en verduurzaming. De ongedeelde stad was de afgelopen jaren een belangrijker ideaal dan de gemengde wijk. Tegelijkertijd verkiezen corporaties veelal een behoedzame aanpak die de sociale structuren in de wijk intact houdt. Dit heeft deels te maken met verminderde investeringscapaciteit bij zowel corporaties als gemeenten, als ook een heroriëntatie op de eigen doelgroep en een meer kritische blik op de meerwaarde van herstructurering. Ging het vroeger bij gemengde wijken om menging naar inkomen en etniciteit, tegenwoordig draait het om de juiste mix tussen kwetsbaren en weerbaren, tussen ‘dragende’ en ‘vragende’ buurtbewoners.

In de verkenning komen twee perspectieven naar voren hoe partijen anticiperen op de ervaren toenemende concentraties van kwetsbare mensen in kwetsbare buurten:

  1. Bestrijden van segregatie. In dit perspectief maakt men zich zorgen over het ontstaan van ruimtelijke concentraties van kwetsbare mensen, omdat dit het leefklimaat in kwetsbare buurten kan bedreigen. Om te sturen op de sociale compositie wordt belang gehecht aan ruimtelijk-fysieke instrumenten (vastgoedsturing) en aan woningruimteverdeling.
  2. Beheersbaar houden van concentraties. In dit perspectief richt men zich vooral op het beperken van eventuele negatieve effecten van de instroom van kwetsbare mensen in specifieke buurten. Oplossingen worden gezocht in goede samenwerking tussen actoren en in een passend aanbod zorg- en hulpverlening.

Spanning tussen de domeinen wijken en wonen & zorg

Om te komen tot ongedeelde, inclusieve steden, en om wijken ook op langere termijn leefbaar, veilig en aantrekkelijk te houden voor nieuwe (kansarme en kansrijke) instromers, moet op beide sporen worden ingezet. Vooral op het tweede spoor moet het instrumentarium nog grotendeels van de grond komen. De gevoerde interviews maken duidelijk dat de domeinen wijken, wonen en zorg op lokaal niveau steeds sterker vervlochten raken. Daardoor ontstaat overlap tussen beleidsidealen die elkaar kunnen versterken in hun integraliteit, maar die ook op gespannen voet met elkaar kunnen staan: het welzijn en woongenot van individuele bewoners en het verbeteren van het leefklimaat van kwetsbare wijken.

Publicatie