Lokale samenwerking: (over)ambitieus en (onder)georganiseerd?

Ervaringen van corporaties over het samenwerken met zorgorganisaties en gemeenten

Rond steeds meer maatschappelijke opgaven zijn corporaties afhankelijk van de kwaliteit van hun werkrelaties met andere organisaties. Langer Thuis en Weer Thuis in de wijk zijn voorbeelden van deze meerpartijensamenwerking. Platform31 organiseert praktijklabs waarbij samenwerkende partijen aan hun eigen praktijkpuzzel werken onder begeleiding van een expert. Deelnemers van woningcorporaties aan een praktijklab delen hun ervaringen.

Decentralisatie in het sociaal domein heeft steeds meer vorm gekregen en daarmee een prominente plek op lokaal niveau. Met de ‘verbreding’ van het speelveld van woningcorporaties rond verschillende vraagstukken als zorg, verduurzaming en ondermijning komen nieuwe partners in beeld. Je moet met ‘die anderen’ aan de slag maar hoe doe je dat als onderwerpen niet bij iedereen al op de agenda staan? Of als een eerdere ervaring de verhoudingen met die andere organisatie hebben geschaad of nieuwe partijen zich melden rond het onderwerp? Het kan ook zijn dat we allemaal wel willen maar nog niet goed begrijpen wat we aan elkaar hebben, van elkaar kunnen verwachten en hoe we de kosten en opbrengsten verdelen? Hoe ontwikkel je in zo’n situatie effectieve samenwerking?

Praktijkpuzzels van corporaties over meerpartijen-samenwerking

In het praktijklab lag de focus op hoe organisaties elkaar leren kennen en hoe dan samenwerkingsrelaties opgebouwd worden. Deelneemster José Moonen, strategisch beleidsadviseur bij woningcorporatie Area werkt veel samen met zorgorganisaties. Een aantal daarvan werkt nog erg intern gericht. Moonen: “Bij Area zijn we een stap verder: we stellen ons steeds meer op als maatschappelijke partner, willen allianties maken met de zorg. en zijn op zoek naar een gezamenlijk agenda. Maar niet al onze samenwerkingspartners staan daar al voor open, zij moeten die stap nog maken.” Anderzijds ervaart ze ook dat de corporatie ook zijn eigen (organisatie-)belangen en kaders heeft waardoor samenwerken misschien wel logisch lijkt maar niet altijd vanzelfsprekend is.

Frans Grobbe, expert op het gebied van meerpartijensamenwerking en begeleider van dit praktijklab, ziet vaker dat organisaties samen een complexe opgave aan willen gaan, maar ze daarbij minder houvast hebben dan ze gewend zijn binnen onze organisaties. “Tussen organisaties werk je aan ambitieuze doelen maar met minder stevige structuren dan je gewend bent. Je ziet dat bijvoorbeeld dat organisaties zich gemakkelijk terugtrekken in de vertrouwdheid van de eigen organisatie ‘als het lastig’ wordt. Er moet ook wel veel tegelijkertijd kloppen om met elkaar aan de slag te kunnen gaan en te blijven. Meestal verloopt een beginsituatie wat rommelig, dat is juist ook kenmerkend aan een beginnende samenwerking.”

Uitnodiging en start

Voor het aangaan van een samenwerking is er altijd een startmoment aan te wijzen. Deelneemster Elle van de Wall, beleidsadviseur bij Talis stelde zich vragen over zo’n startmoment. “Is het voor het verbinden van activiteiten in de wijk slim om eerst zélf op papier te krijgen wat een inclusieve wijk is of betrek je juist alle beoogde partijen (welzijn, politie etc.) hier al bij? Ze voorziet een risico dat als de corporatie haar visie duidelijk formuleert andere partijen er juist wat verder af komen te staan en zich daardoor niet betrokken voelen.

Grobbe benadrukt het belang van de ‘uitnodiging’ en de verwachtingen die daarmee in het lokale netwerk worden gewekt worden. “Wees je bewust wie je waarop uitnodigt. In een eerste bijeenkomst krijg je vaak al een indruk of partijen mee willen doen, nog aarzelen, of eerst nog iets anders nodig hebben voordat ze voluit mee kunnen doen. Omdat de organisaties op het lokale speelveld elkaar vaker tegen zullen komen zijn ze vaak wat voorzichtig om ideeën te bekritiseren die ze toch eigenlijk niet zo zien zitten. Ze moeten uitgenodigd of uitgedaagd worden duidelijk te maken hoe dat zit en of ze wensen aan te sluiten.”

Een gezamenlijke werkstructuur

Als organisaties met elkaar van wal willen komen is vervolgens de vraag hoe ze met elkaar aan het werk willen. Deelnemer Frits Vogels, beleidsadviseur Brabant Wonen, schetst het voorbeeld van een project om de leefbaarheid in een wijk te vergroten.” Brabant Wonen kreeg hiervoor ‘de regie’ toebedeeld. De gemeentebestuurders waren enthousiast, maar de verschillende afdelingen binnen de gemeente hadden net wat anders aan hun hoofd”.

“In veel situaties is er meer nodig om ‘de neuzen dezelfde kant uit te krijgen’ dan alleen een intentie”, aldus Frans Grobbe. “Er moeten duidelijke verantwoordelijkheden en een overlegstructuur worden gecreëerd om gericht aan de gezamenlijke taak te kunnen werken. Zo’n structuur ontbreekt meestal bij de start en moet dus één van de onderwerpen van overleg zijn: Hoe gaan we aan de taak werken? Welke structuur van samenwerking past bij welke opgave? Wat verwachten we van de inzet en bijdragen van de samenwerkingspartners en van de ‘regisseur’. Waar worden de besluiten genomen en wat gebeurt daarmee in de ‘achterbannen’ van de vertegenwoordigers aan tafel?”

Evenwicht en voortgang in de samenwerking

Bij een beginnende meerpartijensamenwerking zouden de ontwikkelende inhoud én de werkrelaties gelijk op moeten lopen, zoals weer gegeven in onderstaand model. De inhoud (agenda) is immers direct afhankelijk van de bereidheid van de deelnemende partijen om hieraan bij te dragen.

Meerpartijensamenwerking1

Grobbe legt uit: “In de agenda-fase verkennen en vergelijken partners de eigen probleemdefinities, ambities en verwachtingen. Vervolgens is het van belang om draagvlak te ontwikkelen, om zo uiteindelijke een oplossing te kiezen, waar organisaties ook verantwoordelijkheid voor nemen in de uitvoering. Dit is de ideale ‘bocht’ die genomen moet worden in het samenwerkingsproces.”

Verbeter je eigen lokale meerpartijensamenwerking

(Online) praktijklabs

Wil jij ook de lokale samenwerking rond actuele maatschappelijke opgaven verbeteren? Heb je een eigen casus waar je leiding aan geeft (of als partner in deelneemt)? Wil je hiermee samen met anderen aan de slag in een praktijklab? Dat kan op twee manieren:

  • In een groep praktijkprofessionals rond verschillende lokale samenwerkingsvraagstukken en -dilemma’s.
  • In een groep samenwerkingspartners rond één en hetzelfde lokale vraagstuk.

Platform31 levert de expertise vanuit meerdere experimentprogramma’s en innovatietrajecten en zorgt voor de begeleiding door een expert meerpartijensamenwerking.

Voor wie?

Procesregisseurs, projectleiders, beleidsmedewerkers en anderen die vanuit hun eigen organisatie verantwoordelijk zijn voor het op gang brengen van samenwerking met andere organisaties rond actuele maatschappelijke opgaven op het lokale speelveld.

Tijdsinzet

3 dagdelen: a) oriëntatie b) ontwerp & ontwikkeling c) interventies.

Kosten

5.000 euro

Data

In overleg te bepalen

Interesse

Heeft u interesse? Neem dan contact op met Netty van Triest of Mirjam Fokkema.