Geluid bij gebiedsontwikkeling: wat is de impact van de Omgevingswet?

Als de nieuwe Omgevingswet op 1 januari 2023 ingaat, verandert de regelgeving rondom geluid bij gebiedsontwikkelingen. Wat wordt straks anders en hoe kan je anticiperen op deze veranderingen? Tijdens een webinar over geluid en de Omgevingswet in de gebiedsontwikkeling keken we samen met de gemeente Amsterdam naar de impact. In dit artikel delen we een aantal lessen.

Geluid bij gebiedsontwikkelingen: zo kun je omgaan met de veranderingen die de Omgevingswet met zich meebrengt:

  • Hou er bij gebiedsontwikkelingen in de directe omgeving van een snelweg of spoor rekening mee dat de grenswaarden wijzigen voor snelwegen (-3 dB) en spoorwegen (+ 2dB).
  • Hou bij ontwikkelingen met een verkeersaantrekkende werking rekening met extra geluidsbelasting van dit verkeer op woningen in de directe omgeving.
  • De Omgevingswet stimuleert gemeenten en provincies om vroegtijdig gezondheid te betrekken bij ruimtelijke planvorming en beslissingen.

Huidige stand van zaken Omgevingswet: hoe zit het ook alweer en wat verandert er?

De Omgevingswet is een ingrijpende stelselherziening in de fysieke leefomgeving. Een samenvoeging van wetten. De wet moet de afwegingsruimte van gemeenten vergroten en inzicht bieden in wat wel én niet kan. Zo wordt het makkelijker om te komen tot een snellere besluitvorming (binnen acht weken) en in te zetten op een meer samenhangende, integrale benadering. De Omgevingswet gaat waarschijnlijk in op 1 januari 2023, maar niet alle onderdelen van de wet treden op dat moment in werking. Er geldt een periode van overgangsrecht (een transitieperiode) tot aan 2029. Op dit moment wordt er uitvoerig geoefend met de onderdelen die op het moment van de inwerkingtreding van de wet af moeten zijn. Zoals het wijzigen van het omgevingsplan of het kunnen ontvangen en behandelen van vergunningaanvragen. Het niveau van de dienstverlening moet bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet gelijk blijven. Ook mogen gebiedsontwikkelingen geen vertraging oplopen.

De impact van andere regels van de Omgevingswet voor een grootschalige gebiedsontwikkeling

Bij binnenstedelijke gebiedsontwikkelingen is steeds meer aandacht voor geluidsnormen, richtwaarden en criteria. Spoorwegen voor trein of metro, de tram, snelwegen en ontsluitende wegen zorgen allemaal voor een geluidsbelasting. Maar ook de geluidsproductie van bedrijven kan een rol spelen. Er bestaat een spanningsveld tussen het voldoen aan de grote woningbouwopgave en het realiseren van een aanvaardbaar leefklimaat. Dat betekent dat bij gebiedsontwikkelingen regelmatig de randen van de wettelijke mogelijkheden voor geluid wordt opgezocht.

De Omgevingswet brengt veranderingen met zich mee, ook op het gebied van geluidsnormen. De wijzigingen lijken niet groot, maar ze kunnen een enorme impact hebben op het ontwerp van het gebouw. Daarnaast stimuleert de Omgevingswet om op een andere manier met geluid om te gaan. “Het doel is dat gemeenten beleid gaan maken tussen de maximale ontheffingswaarde en de voorkeurswaarde. Eén van de nieuwe zaken daarbij is dat gezondheid een belangrijkere plek gaat innemen.” zegt Menno Hillebregt (senior adviseur geluid bij Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied).

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) stelde een aantal jaren geleden richtlijnen voor geluidsbelasting bij woningbouw in stedelijk gebied vast. De richtlijnen zijn streng en dat kan woningbouw in Amsterdam – en andere steden – moeilijk maken. Maar de normen komen wel aardig overeen met de voorkeurswaarden zoals ze nu zijn geformuleerd in de Omgevingswet. Hillebregt: “Als je kijkt naar het aspect gezondheid, moet je verkennen hoe je zo dicht mogelijk bij de ondergrens komt. Gemeenten hebben hierin een hoge mate van bestuurlijke afwegingsruimte.”

Grenswaarden

Naast de doelstelling om zo dicht mogelijk bij de voorkeurswaarden te komen, stelt de Omgevingswet ook de bovengrens: de uiterste grenswaarden. Deze bovengrens is hard en wijzigt onder de Omgevingswet. Voor snelwegen wordt de norm 3 dB soepeler. Voor spoorwegen 2 dB strenger. Wat ook verandert: meer bebouwing betekent ook meer verkeer en daardoor meer geluid. De verwachte groei van het verkeer (en daarmee hogere geluidsbelasting) van omliggende wegen wordt vanaf nu ook meegenomen. Frank Rozendaal (Vergunningen Toezicht & Handhaving) vult aan: “De Omgevingswet beoogt om de onbeheersbare groei van geluidbelastingen op geluidgevoelige functies te voorkomen.” Een ontwikkeling die te maken heeft met hoge geluidswaarden van spoor of weg, komt er onder de Omgevingswet wellicht anders uit te zien. De voornaamste knelpunten hebben te maken met de verlaging van de maximale ontheffing voor spoorweggeluid. Die wordt immers strenger. Dit betekent dat er bijvoorbeeld dove gevels of een ander ontwerp nodig zijn, om tot een lagere geluidsbelasting op gevels te komen. De vraag is of de toename van verkeer niet zorgt voor een overschrijding van de toegestane maximale grenswaarde.Mogelijk zijn dan ook maatregelen op omliggende wegen noodzakelijk.
Er wordt bij gebiedsontwikkelingen nu vaak gekeken naar het voorkomen van de maximale waarde. De Omgevingswet stimuleert om geluid meer centraal te stellen en om juist meer toe te werken naar de WHO-normen. “De omgevingsvisie en het omgevingsplan zijn belangrijke instrumenten om hierin een afweging te maken.” constateert Hillebregt. Pas na vaststelling van het omgevingsplan is hierover een goede conclusie te trekken.

Wat zijn verdere doelen van de Omgevingswet bij geluid?

Matthijs van der Meulen (adviseur geluid bij Rho adviseurs) vertelt over de veranderingen in de aanpak bij een ontwikkeling in de geest van de Omgevingswet. Hij begint met een nuchtere vaststelling. "Blootstelling aan te veel en te hard geluid is ongezond. Geluid van wegen en buren staan hierbij hoog op het lijstje.” Van belang dus om hiervoor aandacht te hebben. “In de praktijk zien we dat de GGD steeds vaker betrokken is om te adviseren over gebiedsontwikkelingen. Onder de Omgevingswet wordt dat waarschijnlijk meer, gelet op de grotere focus op gezondheid.” De GGD gaat uit van een aantal richtwaarden als het gaat om de geluidsbelasting. Die liggen in het verlengde van de waarden van de WHO. Daarnaast adviseert de GGD: zo min mogelijk dove gevels, minimaal 1 geluidluwe zijde per woning en een altijd acceptabel binnen niveau.

Het huidige regime biedt al ruimte voor maatwerk. Niet alleen binnen de normen, maar ook daarbuiten. Matthijs van der Meulen is zelf voorstander van de Stad-en-milieubenadering. Hiermee kijk je bij de planontwikkeling meer integraal naar de doelstellingen die je wilt behalen in een gebied. De manier van denken binnen deze benadering, bijvoorbeeld het onder voorwaarden afwijken van grenswaarden, wordt ook geïntegreerd in de Omgevingswet.
Als je van de Stad-en-milieubenadering uitgaat, moet je vooraf concreet maken wat jouw visie is op de gewenste leefomgevingskwaliteit. Wat is de beoogde akoestische kwaliteit? Onder welke voorwaarden wijken we af van streefwaarden? Differentiëren per deelgebied of per doelgroep? Dit is geen blauwdruk, maar legt wel een denkrichting vast. Daarop kan je dan een plan ontwikkelen. Nu is het vaak zo dat een plan wordt ontwikkeld en dat er daarna pas aandacht is voor de vraag hoe het past binnen de akoestische normen. Als je die volgorde omdraait, kom je wellicht tot andere keuzes.

Bij gebouwgebonden maatregelen moeten woonkwaliteit en gezondheid centraal staan, niet het voldoen aan een norm of richtwaarde. Een dove gevel is een noodgreep. Zo nodig kan je overgaan op het treffen van compenserende maatregelen. Deze spelen niet alleen een rol bij het afwijken van de grenswaarde, maar kunnen ook helpen als bijvoorbeeld voor een groot aandeel woningen maar net wordt voldaan aan de minimale akoestische eisen. De Omgevingswet stelt dus als doel om verder te kijken dan alleen de normen.

Transformatie van een gebouw

Bij de transformatie van een niet-woonfunctie als een bioscoop, winkel of een maatschappelijke functie naar woningen zal onder de Omgevingswet het een en ander veranderen. Bij een gebiedsontwikkeling heb je mogelijkheden om bij het stedenbouwkundig ontwerp rekening te houden met geluid. Bij de transformatie van een gebouw, heb je met vaste contouren te maken en daarmee een andere aanpak. Frank Rozendaal (VTH) licht het proces toe. Het omgevingsplan zal een belangrijk instrument worden, met daarin onder andere waarden voor maximale geluidbelasting. Gemeenten kunnen hierin maatwerk leveren. De wet geeft een standaard bovengrens van 70 dB voor geluidgevoelige functies, zoals wonen. “Het is mogelijk om bij een functiewijziging van een hogere geluidbelasting van 75 dB uit te gaan. Dat geeft dus wat ruimte.” zegt Rozendaal.

Van belang bij een transformatie is dat er een knip zit tussen de vergunning in het kader van het omgevingsplan (zogenoemde omgevingsplanactiviteit) en de bouwtechnische vergunning. De Omgevingswet koppelt dit los. De 75 dB is van belang in het kader van het omgevingsplan. Vervolgens regelt de Omgevingswet in het bouwtechnische deel dat je aan een binnenwaarde van 33 dB moet voldoen. Dit betekent dat je een gevelwering van 42 dB moet realiseren. Dat is bij transformatie, zeker als het om monumenten gaat, nauwelijks haalbaar. Wel is er de mogelijkheid om 5 dB te versoepelen. De 38 dB die je dan met een gevelwering moet halen kan al iets realistischer worden. Het omgevingsplan zal dus een belangrijke rol spelen. Rozendaal heeft goede verwachtingen hiervan. “In het omgevingsplan komen verschillende opgaven samen. In het kader van het verduurzamen van de bebouwde omgeving wordt isoleren belangrijk. Dat combineert goed met een betere geluidwering.”

Conclusie

Op hoofdlijnen heeft de Omgevingswet tot doel om geluid eerder te betrekken in het proces. Het doel hiervan is om tot een gezonde fysieke leefomgeving te komen. Gemeenten krijgen meer afwegingsruimte. Daarvoor zal het omgevingsplan van belang zijn: hierin zijn keuzes mogelijk. Op detailniveau verandert een aantal waarden die een grote impact kunnen hebben op het ontwerp van een gebouw. Van belang dus om aandacht te hebben voor de invoering van de Omgevingswet indien bij een gebiedsontwikkeling geluid een belangrijke rol speelt.

Meer weten over gebiedsontwikkeling?

Kom naar het jaarcongres Stedelijke Transformatie op 2 juni! Op deze dag delen we ervaringen en bespreken we wat er nodig is om gebiedstransformaties van de grond te krijgen en te laten slagen.