Agendaverzoek aan de bestuurder: de Omgevingswet

Verslag van de tweede leerkring Omgevingswet voor Waterschappen, 8 oktober 2019, te Zwolle

De Dijkgraaf, het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur van Waterschappen lijken in de spreekwoordelijke ivoren toren te zitten. Programmaleiders Implementatie Omgevingswet (PIO’ers) merken dat het soms lastig is om het middenmanagement en het bestuur van de Waterschappen te betrekken bij de Omgevingswet. Mede door het gebrek aan persoonlijk contact tussen de organisatie en het bestuur, staat de Omgevingswet nog niet hoog genoeg op de bestuurlijke agenda. Tijdens de tweede leerkring Omgevingswet voor Waterschappen in het Waterschapshuis van de Drents Overijsselse Delta besteedden de deelnemers aandacht aan de uitdaging van het betrekken van het middenmanagement en het bestuur.

“Er is geen blauwdruk voor de implementatie van de Omgevingswet”, aldus Pim Nijssen van Twynstra Gudde. De Omgevingswet geeft immers wel aan ‘wat gedaan moet worden’, integraal werken, maar niet ‘hoe er integraal gewerkt moet worden’. Waterschappen zijn inmiddels al enige tijd bezig met de implementatie, en lopen onderling tegen overeenkomstige uitdagingen aan. Een van deze uitdagingen is de agendering van de Omgevingswet en het betrekken van de bestuurders.

David van Raalten, directielid en portefeuillehouder Omgevingswet bij Drents-Overijsselse Delta, geeft aan dat de Omgevingswet minder urgentie heeft doordat er een minder groot risico aan hangt dan aan zaken zoals het hoogwaterbeschermingsprogramma. “Als een dijk doorbreekt zijn er echt problemen”. Daarnaast zit de bestuurlijke agenda al erg vol. De urgentie om het op bestuurlijk niveau besproken te hebben, mist tot nu toe. Bovendien geeft Van Raalten aan graag meer signalen te ontvangen vanuit de organisatie wanneer afdelingen tegen problemen aanlopen.

Grenswerkers en tweebenigheid

De interne communicatie tussen de ambtelijke organisatie en het bestuur is belangrijk. De huidige samenleving vraagt om steeds meer samenwerking tussen organisaties, tussen organisaties en burgers, binnen organisaties. Het concept Tweebenigheid helpt hierbij. Twynstra Gudde gebruikt het begrip ‘grenswerkers’ voor mensen die op het grensvlak van de eigen organisatie en het netwerk van partijen daarbuiten werken. Steeds meer organisaties hebben dergelijke grenswerkers en de bijbehorende rollen dragen uiteenlopende namen als omgevingsmanager, accountmanager, wijkcoördinator, procesbegeleider, et cetera. Grenswerkers zijn tweebenige medewerkers die met hun ene been in de leefwereld staan en met hun andere been in de systeemwereld (afbeelding 1).

systeemwereld-waterschappen
Afbeelding 1: De tweebenige grenswerker bevindt zich in het donkerpaarse gebied.

Linksbenigen zijn mensen die in systeemwerelden denken, ze zijn formeel, standvastig en beschouwend. Rechtsbenigen zijn open, flexibel, creatief en informeel. Net zoals in het voetbal zijn er ook mensen die tweebenig zijn. Ze hebben vaak wel een voorkeurskant, maar kunnen schakelen tussen de systeemwereld en de leefwereld. Deze grenswerkers zijn de schakel tussen de twee werelden en zien ook de meerwaarde van beide kwaliteiten.

Het betrekken van bestuurders vraagt om verbinding en verplaatsing in hun belangen, waarbij onderscheid gemaakt wordt tussen het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur. Aangezien zij onderdeel zijn van het waterschapsysteem is het cruciaal hen te integreren bij de implementatie en dus ook veelvuldig te schakelen met hen, waarbij het belangrijk is hen in hun rol (als kaderstellend en toetsend) te bedienen. Tweebenigheid gaat immers niet enkel om externe samenwerking, maar evenzeer om interne samenwerking.

Een waterschap werkt niet zoals een gemeente

Elsa Duijnstee van het waterschap Rijn & IJssel vergelijkt het werken bij een waterschap met haar persoonlijke ervaringen van werken bij gemeenten. Wat haar opvalt is dat het contact tussen het bestuur en de ambtelijke organisatie nauwer en ook informeler is binnen gemeenten. Binnen het waterschap is de organisatie nauwelijks betrokken bij de bestuurlijke agenda. Bovendien draait het in gemeenten meer om de inwoner, waardoor het voor gemeenten vanzelfsprekender is om inwoners bij processen te betrekken. Ten slotte wijst Duijnstee erop dat Waterschappen zich bewust moeten zijn dat zij voor de gemeenten maar een van de vele (meer dan 100!) partijen zijn waar mee gemeenten moeten afstemmen.

Een Omgevingswetsausje

De Programmamanagers Implementatie Omgevingswet sparren met elkaar en komen tot ideeën om de Omgevingswet op de agenda van de bestuurder te krijgen. Een eerste idee is om de bestuurlijke urgentie van de Omgevingswet te koppelen aan de klimaat- en energiestrategie. Door de Omgevingswet te verbinden aan andere belangrijke thema’s, komt de wet vaker in beeld. En zal daardoor hoger op de bestuurlijke agenda komen.

Een andere mogelijkheid is het stimuleren van het opstellen van een Watervisie. Een Watervisie zorgt voor agendering en onderbouwing van gewenste resultaten. Een volgende mogelijke uitkomst is het opstellen van kaders voor bijvoorbeeld participatie van de bestuurder. Door middel van kaders kan de betrokkenheid worden vastgelegd. Ten slotte is het van belang dat overal een ‘Omgevingswetsausje aan wordt toegevoegd’, zoals bestuurder David van Raalten het noemde, zodat de Omgevingswet binnenkort op alle niveaus en afdelingen doorsijpelt.

Wordt vervolgd: van betrekken van de interne organisatie, naar externe belanghebbenden

Waterschappen krijgen te maken met een nieuwe uitdaging binnen de Omgevingswet: participatie. Niet alleen moeten intern de bestuurders betrokken worden maar ook externe betrokkenheid wordt vanaf 1 januari 2021 verwacht. Vragen zoals hoe zorg je dat de verschillende belangen gelijkwaardig worden afgewogen? En hoe geeft een waterschap een participatietraject vorm? Deze opgaven passeren de revue tijdens de derde leerkring bijeenkomst op 3 december 2019.

Serious Gaming

De Serious Gaming voor de Omgevingswet kan ook gebruikt worden voor het betrekken van het bestuur van de Waterschap. De game bestaat uit drie aspecten: de opgave, de praktijk en de individuele rol van de spelers. Deelnemers beantwoorden de vragen vanaf hun telefoon. In de game worden concrete voorbeelden voorgelegd en besproken. De gestelde vragen kunnen aangepast worden naar wens van spelleider.
Informatie over game is hier te vinden.