Vertrouwen is de sleutel tot de nieuwe wijkaanpak

Afgelopen donderdag was het zover: voor het eerst in de geschiedenis vond de Dag van de Buurt plaats. Op initiatief van het ministerie van BZK, want na een beleidsvacuüm van bijna tien jaar begint Den Haag zich weer te bekommeren over afglijdende wijken. Terecht, want allerlei rapporten wijzen op groeiende leefbaarheidsverschillen tussen wijken en op de dreiging van ondermijnende criminaliteit. De Dag – die een jaarlijks terugkerend evenement moet worden – was online georganiseerd door het Landelijk Samenwerkingsverband Actieve Bewoners. Met een bonte mix van actieve bewoners, wijkprofessionals, ambtenaren, bestuurders, onderzoekers en adviseurs – in totaal meer dan 1.600 deelnemers.

Vertrouwen in de buurt

Tijdens de opening memoreerde publicist Jos van der Lans aan het rapport Vertrouwen in de buurt van de WRR uit 2005. “De bijbel van de wijkaanpak”, aldus Van der Lans in een tweegesprek met Petra van Duijnhoven, actieve bewoner van de Venrayse wijk ’t Brukske. Ze waren het roerend eens over het pleidooi van de WRR dat niet de problemen, maar de potenties van buurten en de kracht van bewoners het startpunt van beleid moeten zijn. Van der Lans benadrukte dat veel wijken destijds juist zijn opgeknapt dankzij het samenspel tussen betrokken bewoners, wijkprofessionals, corporaties en gemeenten.

Temperatuurschommelingen

Wie bij een online congres de temperatuur wil opnemen, leest de chat rechts in beeld. Waar congresgangers in de zaal zich normaliter stilletjes een oordeel vormen over de sprekers, spuien ze bij een online event hun mening onafgebroken via de chatfunctie. Tijdens de opening van de Dag van de Buurt spatte de positieve energie van de chatfeed af. Iedereen was verheugd dat de buurt terugkeert in de schijnwerpers. De deelnemers barstten van het vertrouwen in hun buurt.

Hoe groot was het contrast met het afsluitende debat tussen vijf bevlogen bestuurders over de opdracht die een nieuwe minister van Wonen en Wijken moet meekrijgen. De bestuurders waren – ondanks uiteenlopende politieke kleuren – opvallend eensgezind over de urgentie van een nieuw offensief voor kwetsbare buurten. De Arnhemse burgemeester Ahmed Marcouch en Marco Pastors, directeur van het Nationaal Programma Rotterdam Zuid, vonden elkaar in het belang van goede scholen voor kinderen, betaald werk voor hun ouders en kwalitatief goede woningen. Het tij moet gekeerd, de handen moeten uit de mouwen.

Terwijl de Amsterdamse stadsdeelvoorzitter Tanja Jadnanansing pleitte voor lef en empathie en gloedvol betoogde dat elke wijkaanpak begint bij de bewoners, riepen tientallen deelnemers via de chat op de bestuurders de mond te snoeren. Ondanks alle warme intenties had de zaal weinig fiducie in de bestuurlijke daadkracht. Niet zonder reden, want jarenlang voelden bewoners zich niet gehoord. Toen politiek en beleid de buurt links lieten liggen en er bezuinigd werd op wijkwerk, op blauw op straat en buurthuizen hun deuren moesten sluiten, toonden bewoners hun (veer)kracht. Maar het vertrouwen in instituties brokkelde af, mede door uitgestelde plannen en niet nagekomen beloftes.

Samen rooien

De Dag van de Buurt maakte een ding kraakhelder: bewoners, wijkwerkers, beleidsmakers en bestuurders moeten het samen rooien. Zonder de kennis, inzet en ideeën van bewoners geen goede plannen. Maar zonder bestuurlijke aandacht en betrokkenheid geen investeringen in de wijk. Hoe herpakken we het samenspel tussen bewoners en beleid? Hoe dichten we de kloof tussen wijk en Rijk? Dik veertig jaar na Jan Schaefer kunnen we in gelul nog steeds niet wonen, maar een gemeenschappelijke taal en wederzijds respect zijn wel de eerste stap naar onderling vertrouwen. Gelukkig zien we in de praktijk dat het wel kan. Bijvoorbeeld in Zaanstad, waar de gemeente samen met bewoners het Pact Poelenburg/Peldersveld opstelde. Vertrouwen in de buurt start met vertrouwen in elkaar.