Collectief coöperatief wonen; geen quick-fix, wel broodnodig

De actuele onrust op de woningmarkt, veroorzaakt door een tekort aan betaalbare koop- en huurwoningen en almaar stijgende woningprijzen, vraagt om snel ingrijpen. Iedereen lijkt op zoek naar een quick-fix voor het probleem. Levensgevaarlijk. Veel voorgestelde maatregelen zijn ondoordacht en pakken in praktijk eerder averechts uit. Dé oplossing bestaat niet, de woningmarkt is veel te complex, te lokaal, te veel gecreëerd door regelgeving en fiscaliteiten en te misvormd door de jarenlange ad hoc en opportunistische al of niet tijdelijke wet- en regelgeving. Maar belangrijker nog: in de hijgerige haast problemen vandaag op te lossen, verdwijnt aandacht voor structurele hervormingen en kansrijke nieuwe woonvormen. Een van die woonvormen is coöperatief collectief wonen. Misschien niet nieuw, maar de afgelopen jaren wel veel meer op de voorgrond. Terecht wat mij betreft. Het is een waardevolle derde weg, tussen individueel kopen of individueel huren in. Een weg die niet alleen leidt naar een gezondere woningmarkt, maar ook tot een breder welvarende samenleving, met minder tegenstellingen en meer samenhang. Een prachtig vergezicht voor een andere samenleving.

We kennen allemaal de CPO (collectief particulier opdrachtgeverschap), de vorm van opdrachtgeverschap waarin particulieren met elkaar de eerste fasen van de projectontwikkeling doormaken om daarna hun te ontwikkelen woning daaruit te kopen. Een variant hierop is de CCO (collectief coöperatief opdrachtgeverschap) met als grote verschil ten opzichte van de CPO dat de leden van de CCO ontwikkelen om er met elkaar daarna ook te gaan wonen, te huren van het collectief. Deze vorm biedt voor een bredere doelgroep het uitzicht op het creëren van de eigen woonomgeving, in stenen maar ook in sociaal opzicht.

Een win-win situatie zou je denken. Alleen heeft coöperatief collectief wonen één groot nadeel: het gaat niet snel. Samenbrengen van mensen en dromen is complex. Het gezamenlijk plannen maken, besluiten nemen, financiën regelen en bouwen vraagt veel begeleiding en doorzettingsvermogen en kost uiteindelijk heel veel tijd. En tijd lijken we niet te hebben in het huidige woningmarktdebat. Op korte termijn mogen wooncollectieven misschien geen oplossing zijn voor de huidige problemen, op de langere termijn zijn ze dat zeker wel. En om over een paar jaar succesvol te zijn, moeten mensen die samen iets willen nu al beginnen met het creëren van een coöperatieve gemeenschap. Als je kijkt naar de al gerealiseerde collectieven – of naar projecten die nu gebouwd worden – zie je dat ze jaren geleden al gestart zijn met gemeenschapsopbouw en daardoor snel konden schakelen zo gauw kansen zich voordeden. Als NU de aandacht voor deze waardevolle derde weg verslapt, kunnen we hem STRAKS niet bewandelen. Doodzonde.

Natuurlijk hebben de uiteindelijke bewoners zelf een grote verantwoordelijkheid. Maar daar zie ik de animo niet verslappen. ZIJ willen wel. En liever vandaag dan morgen. Maar in de huidige praktijk kunnen zij niets zonder actieve medewerking van overheden en ontwikkelende en bouwende partijen. En die lijken er nu te weinig energie in te steken. Een CCO kan geholpen worden door eenduidigheid van regelgeving, ook van het gemeentelijke grondprijs beleid, door een woonvisie waarin bestendig en voorspelbaar ruimte geboden wordt voor de ontwikkeling van de CCO, door ondersteuning in de subsidiering en financiering van de aanloopkosten en boven al door een totaal oplossing voor de financiering van de CCO waarin overheid en bank gezamenlijk de volledige financiering verzorgen waardoor de CCO verlost wordt van de tijdrovende zoektocht naar de eigen inbreng. Vandaar dat deze oproep vooral aan hen gericht is. Geef CCO de aandacht die het verdient en draag zo bij aan een beter functionerende woningmarkt en een prettiger samenleving. Niet vandaag en hijgerig, maar op termijn en structureel.

Aart Cooiman, senior sectorspecialist bij de Rabobank

Meer over wooncoöperaties