Bieterballen of bold moves?

Het zit er weer op. De Dutch Green Building week is voorbij en Terschelling stroomt leeg met Springtij bezoekers. Alle green leaders en believers spoeden zich naar huis met verse kennis en nieuwe inzichten. Maar wat brengt dat de gebouwde omgeving? Welke projecten of desnoods pilots starten er morgen en overmorgen? Wie zoeken elkaar op om het verschil te gaan maken? Het zou toch mooi zijn als 10 jaar Springtij kan worden gevierd met een mooi actielijstje naast inzichten die er worden gedeeld. Het lijkt wel of we door de jaren heen verder verwijderd raken van de uitvoering van zaken die het verschil maken. Door alle kennis en inzichten die we zo graag met de ander willen delen, sneeuwt tijd voor reflectie en het overgaan tot actie een beetje onder. Juist nu we ‘bold moves’ moeten maken, bijvoorbeeld op het gebied van stikstof en andere uitstoot, blijven we hangen in ons eigen introverte borrelpraatcircuit met de groene ‘excuus’ bieterballen. We moeten doeners mobiliseren, acties slim combineren en verder kijken dan vandaag.

Omarm de ‘purpose’ economie

We bevinden ons in het tijdperk van de ‘purpose’ of ‘betekenis’ economie. Sociale ondernemingen zijn sterk in opkomst, maar ook van oudsher traditionele ‘corporate’ bedrijven snappen dat ze zich moeten verbinden aan een maatschappelijke missie (purpose). Er is onder (jonge) werknemers een groeiende behoefte aan zingeving en betekenis. Ruim 90% van de millenials wil betekenisvol werk doen en impact maken. Generatie ‘Z’, de opvolgers van de millenials, vindt dit nóg belangrijker. Langzaam volgen ook andere generaties en de Young Elderly Professionals. Als bouw- en vastgoedsector kunnen we dus slimmer gebruik maken van al die enthousiastelingen die staan te popelen om met duurzaamheid & klimaatissues aan de slag te gaan. Er staan mensen in de startblokken om persoonlijk leiderschap te tonen, dingen te gaan ‘doen’. Er zouden elke dag nieuwe pilots, projecten en ketensamenwerkingen kunnen starten die een duurzame gebouwde omgeving een stapje dichterbij brengen. Dit verklaart ook de populariteit van diverse trainingen en masterclasses die zich hier op richten. Beste werkgever in de gebouwde omgeving, u heeft goud in handen. Hoe zet je dan dingen in beweging? Leer van deze stoere dame, Fiona van ’t Hullenaar, de andere genomineerden en haar voorgangers die als green leader de ambitie hoog leggen en hun nek uitsteken.

Verbind initiatieven

Met het activeren van mensen hebben we de eerste horde genomen, maar dan? Hoe voorkom je dat je verdwaalt in een woud aan mogelijkheden en maar niet tot actie komt? Het is om moe van te worden: PBL detecteerde in recent onderzoek ruim 1.500 circulaire initiatieven en het is lastig om deze te versnellen. Initiatieven rondom een circulaire bouweconomie kunnen we slimmer verbinden met de verduurzamingsopgave. Modulaire, demontabele en circulaire woningen leiden niet alleen tot minder grondstoffenverbruik, maar kunnen ook energieneutraal en zonder CO₂-uitstoot worden uitgevoerd. Bovendien biedt modulair bouwen de mogelijkheid om de woningbouwopgave versneld uit te voeren en meer betaalbare woningen te realiseren. Sla meerdere vliegen in 1 klap en zoek ook naar andere zaken van waaruit je een brug naar duurzaamheid kan slaan. Anke van Hal illustreerde dit al vaker. Richt je bij verduurzaming en circulariteit eerst op het aantrekkelijker maken van de wijk en het creëren van werkgelegenheid, dan is de ontvankelijkheid voor het aanpakken van de woning ook veel groter. De aanpak van de wijk Bilgaard in Leeuwarden is hier een mooi voorbeeld van, net als Buiksloterham in Amsterdam. Binnen de opgaves die er liggen vergeten we ook nog weleens de bovengrondse opgaven met de ondergrondse opgaven te verbinden. Wachten we op de eerste grote black-outs als gevolg van elektrificatie die Nederland gaan lamleggen? Of gaan we op tijd in gesprek met de netwerkbedrijven om slimme oplossingen voor piekbelasting te bedenken? Hetzelfde geldt voor de circulaire transitie: gaan we nu gebouwen en wijken ‘circulair’ verwarmen met een nieuw warmtenet door het verbranden van biomassa in centrales? En gaan we deze biomassa daar gezellig met vrachtwagens naartoe brengen?

Het hoeft niet allemaal in Nederland

Je nek uitsteken voor duurzaamheid en circulariteit in de gebouwde omgeving in Nederland, ‘waarom zouden we dat doen’ roepen sceptici met een primaire focus op een economisch verdienmodel. Nederland is klein, de initiatieven die wie hier ontplooien kennen een beperkte opschaalbaarheid. Bovendien, de verbeteringen die we hier realiseren, zijn slechts een speldenprik op het wereldtoneel van het klimaatprobleem. ‘Laat ze in India en China eerst eens beginnen met forse maatregelen.’ Als de Nederlandse waterbouwsector er ook zo over had gedacht, dan waren de Afsluitdijk en de Deltawerken er nooit gekomen in hun huidige vorm. Ingenieursbureaus, infrabouwers en baggeraars hadden dan ook geen florerende en toonaangevende internationale ‘exportproducten’ gehad op het gebied van waterbescherming. Toegegeven, voor de Deltawerken was er een extra zetje (een ramp) nodig om tot versnelling, verslimming en opschaling te komen. Laten we ervoor zorgen dat het met de energietransitie en de transitie naar een circulaire gebouwde omgeving niet zo verloopt.

De grootste ‘bold move’ is de blik buiten het eigen ecosysteem en vastklikken aan een ander, nieuw systeem. Daarbij hebben we allemaal wat te verliezen, zoals de stikstofproblematiek laat zien. Als we geen risico’s durven te nemen vanuit weerzin tegen verlies, dan minimaliseren we daarmee de kans op waardecreatie en een toekomstbestendige gebouwde omgeving.

Leontien de Waal, sectorspecialist bouw, vastgoed & engineering bij de Rabobank. Deze blog verscheen eerder op www.bouwkennisblog.nl.