Foto: Alex Schröder
Verdieping Wonen senioren Kwaliteit leefomgeving

Middelgrote gemeenten pionieren in arbeidsmigrantenbeleid, maar houvast ontbreekt

15 april 2026 | Leestijd: 5 minuten
Middelgrote gemeenten (de M50) hebben bovengemiddelde ervaring met arbeidsmigratie. Uit een enquête van Platform31 blijkt dat zij unaniem erkennen dat arbeidsmigranten economisch cruciaal zijn. Tegelijkertijd geven ze aan dat kritischer gekeken zou moeten worden naar de mate waarin arbeidsmigratie bijdraagt aan brede welvaart. Een aantal gemeenten heeft al stappen gezet richting integraal en regionaal arbeidsmigrantenbeleid. Tegelijkertijd verlangen zij meer richting en ondersteuning van het Rijk.

De M50 is het gemeentelijke netwerk van middelgrote gemeenten in Nederland. In november 2025 is een door Platform31 opgestelde enquête verspreid onder M50-gemeenten. Negentien gemeenten vulden deze in. Onder de respondenten zijn acht wethouders, een burgemeester en tien ambtelijke adviseurs. Binnen de M50 is Jan Goijaarts (gemeente Meierijstad) de bestuurlijk portefeuillehouder over dit onderwerp. Samen met wethouder Erik Wessels (gemeente Rijssen-Holten) zijn ze dankbaar voor de respons die dit zelfinzicht heeft opgeleverd voor de Pijler Ruimte & Economie van de M50.

Aantal arbeidsmigranten lastig te bepalen

Het aantal arbeidsmigranten in Nederland is sinds het begin van deze eeuw sterk toegenomen: van een jaarlijkse toestroom van ongeveer 15.000 in de jaren na de eeuwwisseling, naar ruim 75.000 in 2022. Hoewel de exacte hoeveelheid afhangt van de gehanteerde definitie, is het volgens de recente schattingen van de Intelligence Group aannemelijk dat Nederland momenteel meer dan een miljoen arbeidsmigranten huisvest. Het Centraal Planbureau en het Centraal Bureau voor de Statistiek erkennen dat het aantal arbeidsmigranten dat in de statistieken voorkomt om diverse redenen slechts een inschatting is van het daadwerkelijke aantal. Dit maakt het opstellen van prognoses over arbeidsmigratie ingewikkeld.

Geen vastomlijnde definitie

De enquêteresultaten laten zien dat ook M50-gemeenten, ondanks hun ruime ervaring, beperkt zicht hebben op het aantal arbeidsmigranten dat in hun gemeente werkt of woont. Dit heeft mede te maken met het ontbreken van een eenduidige definitie. Meer dan de helft van de ondervraagde gemeenten geeft toe geen vastomlijnde definitie van arbeidsmigranten te hanteren. Wie dat wel doet blijkt vooral te kijken naar werknemers uit de Europese Unie die hier maximaal drie jaar verblijven, zonder de intentie zich permanent te vestigen. Ongeveer de helft van de ondervraagde gemeenten maakt daarbij onderscheid tussen arbeids-, seizoens- of kennismigranten, en/of tussen ‘short’, ‘mid’ of ‘longstay’.

Een andere reden waarom er slechts beperkt zicht is op de hoeveelheden arbeidsmigranten in een gemeente, is dat ze niet staan ingeschreven in de Basisregistratie Personen (BRP). Dit is een bekend probleem dat eerder uitgebreid is aangekaart door de commissie-Roemer en bevestigd door Binnenlands Bestuur in een recente enquête onder G4- en G40-gemeenten.

Economisch cruciaal

Tussen M50-gemeenten bestaan er grote onderlinge verschillen in zowel het aantal als het type arbeidsmigranten. Hoewel veel gemeenten niet weten hoe hun aandeel arbeidsmigranten zich verhoudt tot andere M50-gemeenten, laten de antwoorden duidelijke verschillen zien: zo trekt de ene gemeente (bijvoorbeeld Veldhoven) veel meer kennismigranten aan en de ander vooral seizoensarbeiders (bv. Tiel, Overbetuwe). Dit zorgt voor verschillende uitdagingen. Veel kennismigratie leidt vooral tot een prijsopdrijvend effect op de woningmarkt. Bij seizoensarbeid is er vaker sprake van misstanden en uitbuiting. Deze verschillen zijn uiteraard sterk afhankelijk van de ligging in Nederland en de regionale economie.

Over het algemeen zijn arbeidsmigranten in M50-gemeenten vooral werkzaam in sectoren als logistiek, land- en tuinbouw, industrie, horeca en zorg. Over één punt bestaat nauwelijks verschil van mening: arbeidsmigranten worden als economisch cruciaal beschouwd. Tegelijkertijd zijn gemeenten realistisch: zij stellen vragen bij de houdbaarheid van voortdurende groei en wijzen op de sociale en ruimtelijke effecten, zoals druk op de woningmarkt en leefbaarheid. Deze reflectie laat zien dat M50 gemeenten niet alleen economisch redeneren, maar vooral ook zoeken naar een brede afweging van baten en lasten.

Streefgetallen voor huisvesting

Gemeenten hebben nog geen duidelijke plek voor het thema arbeidsmigratie . Dit blijkt uit de uiteenlopende beleidsdomeinen die de respondenten vertegenwoordigen. Voor de meeste gemeenten geldt dat hier geen specifieke bestuurlijke portefeuille voor is. Het onderwerp blijkt vooral belegd bij de domeinen wonen en ruimte en in mindere mate bij economie.

Van concrete beleidsdoelen en –maatregelen is vooral sprake op het gebied van huisvesting. Zo werkt een derde van de ondervraagde gemeenten met streefgetallen voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Deze aantallen variëren van een paar honderd tot enkele duizenden. Streefgetallen voor het gewenste of maximale aantal arbeidsmigranten dat werkt in een gemeente komen niet of nauwelijks voor. Eén gemeente geeft aan dit met elkaar in balans te willen brengen, maar dat er momenteel ongeveer vijf keer zoveel arbeidsmigranten werken dan dat er wonen.

Streven naar integraal beleid

M50-gemeenten laten unaniem blijken integraal beleid te willen ontwikkelen voor arbeidsmigratie. Een aantal heeft hier al stappen ingezet, door naast huisvesting en registratie ook aandacht te hebben voor bijvoorbeeld zorg en handhaving. Daarnaast benadrukken meerdere gemeenten het belang van regionale afstemming. Enkele gemeenten, zoals Overbetuwe en Harderwijk, werken met afwegingskaders voor de (grootschalige) huisvesting van arbeidsmigranten. Vijf van de negentien respondenten geven aan dat de Effectrapportage Nieuwe Bedrijvigheid van de VNG helpt bij hun werk. Anderen staan hier neutraal tegenover of geven toe hier niet bekend mee te zijn.

Van praktijkervaring naar eenduidige sturing

De enquête laat zien dat meerdere M50-gemeenten, waaronder Aalsmeer, Barendrecht, Nijkerk, Noordwijk, Ridderkerk en Tiel, stappen hebben gezet om arbeidsmigratievraagstukken integraal te benaderen. Hun praktijkervaring maakt deze gemeenten tot een waardevolle inspiratiebron voor andere gemeenten, zowel binnen als buiten de M50. Tegelijkertijd blijkt uit de enquêteresultaten dat veel M50-gemeenten maatwerk proberen te leveren dat aansluit bij hun lokale context. Bij het leren van elkaar is het dus belangrijk om vooral op bezoek te gaan bij gemeenten met een vergelijkbaar economisch profiel.

Daarnaast geven gemeenten aan meer eenduidige sturing nodig hebben, zowel landelijk als regionaal. Hierbij denken zij vooral aan een afwegingskader over de maatschappelijke en economische impact van arbeidsmigranten. Dit kan gemeenten helpen om ruimtelijk-economisch beleid te maken. Dit sluit ook aan bij de recente aanbeveling van de Adviesraad Migratie om arbeidsmigratie expliciet te toetsen aan brede welvaart.

De enquêteresultaten op een rij

  • Beperkt zicht op aantallen arbeidsmigranten
    Gemeenten missen overzicht door het ontbreken van een eenduidige definitie en doordat veel arbeidsmigranten niet in de BRP staan ingeschreven.
  • Grote onderlinge verschillen
    M50-gemeenten verschillen sterk in aantal en type arbeidsmigranten (kennismigranten of seizoensarbeiders), met uiteenlopende effecten op de woningmarkt, leefbaarheid en het risico op misstanden.
  • Economisch cruciaal, maar met kanttekeningen
    Arbeidsmigranten werken vooral in logistiek, land- en tuinbouw, industrie, horeca en zorg. Gemeenten vragen zich tegelijk af hoe houdbaar verdere groei is vanuit het perspectief van brede welvaart.
  • Beleid vooral gericht op huisvesting
    Arbeidsmigrantenbeleid is vaak versnipperd over meerdere domeinen. Concrete doelen zijn er vooral voor huisvesting; sturing op aantallen werkende arbeidsmigranten ontbreekt grotendeels.
  • Sterke wens voor integraal en regionaal beleid
    Gemeenten willen arbeidsmigrantenbeleid domeinoverstijgend aanpakken (wonen, zorg, handhaving) en beter regionaal afstemmen; enkele werken al met afwegingskaders.
  • Behoefte aan meer sturing en houvast
    M50-gemeenten willen leren van elkaar, maar vragen ook om landelijke en regionale kaders die helpen bij het afwegen van maatschappelijke en economische effecten van arbeidsmigranten.

Contact

Jorn Koelemaij 06 30 29 78 27

Ontvang nieuws van Platform31

Nieuws, publicaties en bijeenkomsten van Platform31 automatisch in jouw mailbox?

"*" geeft vereiste velden aan