Foto: Nanda Sluijmans CC BY-SA 2.0
Verdieping Wijkaanpak Inclusiviteit en sociale cohesie

Inzet kabinet op sociale en gezonde leefomgeving: maatregelen moeten concreter

Analyse rijksbegroting 2027

5 oktober 2026 | Leestijd: 8 minuten
Het kabinet erkent terecht dat de fysieke leefomgeving belangrijk is voor de gezondheid en de kwaliteit van leven van inwoners. Maar de aandacht blijft te veel gericht op de twintig gebieden van het NPLV. Ook kwetsbare buurten buiten deze focusgebieden hebben behoefte aan concrete ondersteuning. Zonder voldoende ruimte voor lokaal initiatief en een langetermijnvisie op leefbaarheid blijven de plannen te vrijblijvend.

Op 15 september presenteerde het kabinet-Jetten de eerste rijksbegroting. Platform31 analyseert in vier artikelen en een samenvattend nieuwsbericht wat de plannen betekenen voor steden en regio’s.

In dit artikel kijken we eerst naar de drie – voor gemeenten – belangrijkste opgaven van het kabinet rond samenleven en leefbaarheid. Vervolgens bespreken we de keuzes het kabinet maakt en welke middelen daarvoor beschikbaar zijn. We sluiten af met onze analyse van wat goed gaat, wat ontbreekt en welke stappen nog nodig zijn om wijken en buurten te versterken.

In het kort

Opgave Belangrijke maatregelen van het kabinet Wat zijn aandachtspunten?
Kwetsbare wijken buiten NPLV Kennisdeling en buddysysteem Structurele financiële ondersteuning en analyse van de lokale opgaven
Regionale verschillen Regionale uitvoeringsagenda’s en Strategische agenda’s met regio’s Concrete maatregelen en middelen
Een gezonde en sociale leefomgeving Gemeenschapsfonds en wijkgerichte aanpak Langetermijnperspectief en randvoorwaarden die lokaal initiatief ondersteunen

Opgaven voor het kabinet

1. Leefbaarheid onder druk

Door het hele land zijn er wijken waar de leefbaarheid onder druk staat. Met het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid werkt de overheid daarom in twintig gebieden aan een langdurige en integrale aanpak voor wijkverbetering. Maar buiten de gebieden in het programma zijn er nog veel meer gemeenten die te maken hebben met leefbaarheidsproblematiek. Gemiddeld genomen is de leefbaarheid in Nederland gelukkig goed, maar uit de Leefbaarometer blijkt dat ongeveer 1 miljoen mensen (495 duizend huishoudens) in een gebied wonen waar de leefbaarheid structureel onder druk staat.

De meest recente Leefbaarometer constateert dat, voor het eerst sinds de start van de metingen in 2002, er meer huishoudens zijn waar de leefbaarheid van de woonomgeving ‘zwak’ of lager is. Dit kan volgens de Leefbaarometer duiden op een trendbreuk. Deze daling zien we vooral in de stedelijke gebieden. Dit komt onder andere door een lagere waardering van de kwaliteit van de woningvoorraad, meer hinder in de fysieke leefomgeving en ervaren onveiligheid.

2. Regionale verschillen

Buiten de steden spelen andere opgaven. Zoals gesignaleerd in het rapport Elke regio telt! is er in een aantal meer perifeer gelegen regio’s minder bedrijvigheid en een minder goed voorzieningenniveau. Daarbij is er een risico dat deze gebieden in een negatieve spiraal belanden. Als jongeren wegtrekken omdat er minder kansen voor hen zijn om zich te ontwikkelen, neemt het draagvlak voor voorzieningen nog verder af.

3. Een gezonde en sociale leefomgeving

Het benutten van kansen voor preventie is voor het kabinet essentieel om de zorgkosten beheersbaar te houden. De leefomgeving kan een belangrijke bijdrage leveren aan het tegengaan van gezondheidsverschillen. Dat gaat bijvoorbeeld om het aanbod van gezond voedsel in plaats van fastfood, het stimuleren van sporten en bewegen en de aanpak van luchtverontreiniging.

Ook sociale verbondenheid is essentieel om gezondheid te bevorderen, stelt de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving. Mensen met sterkere sociale relaties zijn gezonder en gelukkiger. Een basisvoorwaarde hierbij is meer fysieke plekken voor ontmoeting en contact, bijvoorbeeld in de openbare ruimte en door slimme inrichting van gebouwen. Daarnaast gaat het ook om de juiste programmering van die plekken, een goede mix van bewoners, ondersteuning van bijvoorbeeld sociaal werkers, en stimuleringssubsidies voor bewonersinitiatieven.

Naast de positieve effecten op welzijn en gezondheid neemt het belang van meer sociale verbondenheid ook toe vanwege klimaatrisico’s en dreigingen van hybride oorlogen. Mensen die kunnen terugvallen op een sociaal netwerk zijn beter toegerust op deze risico’s.

Wat zijn de plannen en hoeveel geld is ervoor beschikbaar?

Een greep uit de investeringen in samenleven en leefbaarheid:

  • In totaal is er 200 miljoen euro beschikbaar voor het Gemeenschapsfonds, met in 2027 de eerste 30 miljoen euro.
  • Voor de coalitieakkoordmaatregel Versterken wijken en buurten is in 2027 40 miljoen euro gereserveerd.
  • Voor het realiseren van geclusterde en zorggeschikte ouderenwoningen trekt het kabinet 635 miljoen euro extra uit, bovenop de 420 miljoen die al beschikbaar is.
  • Het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV) wordt op gelijk niveau doorgezet. Met vanaf 2029 tot en met 2035 jaarlijks 135 miljoen euro, voor borging op de lange termijn en extra inzet op het tegengaan van energiearmoede via isolatie.

De prioriteiten van het kabinet

Aandacht voor leefbaarheid

Zoals overeengekomen in het coalitieakkoord blijft het kabinet sterk inzetten op het NPLV. Voor de voortzetting van dit programma in twintig gebieden stelt het kabinet jaarlijks 135 miljoen euro beschikbaar. Extra aandacht komt daarbij voor het verduurzamen van woningen in deze gebieden.

Het kabinet erkent nu ook expliciet dat de leefbaarheidsproblemen buiten de gebieden van het NPLV meer aandacht vragen. Daarom wil het kabinet lessen uit het NPLV beter delen met andere gemeenten, onder andere met een buddysysteem. Het blijft bij kennisdeling; de financiële ondersteuning waar die gemeenten op hopen komt er niet.

Samenwerken met regio’s

Het kabinet erkent het belang van regio’s, maar de voorstellen voor samenwerking tussen Rijk en regio krijgen nog weinig uitwerking in concrete maatregelen. Het kabinet wil vanuit het Nationaal Programma Vitale Regio’s (NPVR) in elf regio’s de regionale uitvoeringsagenda’s realiseren. Deze richten zich op veilige en leefbare regio’s, een duurzaam en bereikbaar voorzieningenniveau en een gezonde en kansrijke toekomst. In het coalitieakkoord staat ook de ambitie om samen met regio’s te werken aan strategische agenda’s om grote opgaven in een gebied integraal en gezamenlijk te realiseren. In 2027 wil het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties duidelijk krijgen hoe zij regio’s beter kan ondersteunen.

Een concretere maatregel waar regio’s van kunnen profiteren is het gemeenschapsfonds. Het kabinet maakt geld vrij voor ontmoetingsplekken en maatschappelijke initiatieven, met als doel om de kracht van de gemeenschap te versterken. Daarbij denkt het kabinet bijvoorbeeld aan ondersteuning van buurthuizen, verenigingsgebouwen en dorpswinkels in gebieden waar die plekken voor ontmoeting onder druk staan.

Investeren in buurten en wijken

Met het gemeenschapsfonds onderstreept het kabinet het belang van wijken en buurten als plek om maatschappelijke problemen aan te pakken. De directe leefomgeving van mensen moet ontmoeting stimuleren, toegankelijke zorgvoorzieningen bieden en gezonde keuzes stimuleren. Het past in een brede beweging waarbij preventie moet zorgen voor minder druk op de zorg. Specifiek voor ouderenhuisvesting continueert het kabinet de Stimuleringsregeling Ontmoetingsruimten in Ouderenhuisvesting (SOO) om ontmoeting en onderlinge steun in geclusterde woonvormen te bevorderen.

Gezondere buurten

Ook het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport richt zich op het belang van de leefomgeving om gezonde keuzes te stimuleren. Het reserveert bijvoorbeeld geld voor duurzame en toegankelijke sportaccommodaties. Voor de coalitieakkoordmaatregel Versterken wijken en buurten is in 2027 40 miljoen euro gereserveerd. Dit moet ervoor zorgen dat gezonde keuzes via een wijkgerichte aanpak ook kwetsbare groepen bereiken en dat door sociale cohesie te versterken zorgzame wijken en buurten ontstaan. Andere ambities moeten in 2027 nog uitwerking krijgen, zoals inloopvoorzieningen en laagdrempelige steunpunten in de wijk. Samen met de VNG onderzoekt het kabinet de inzet van buurtverbinders die zorgen voor verbindingen in de wijk en gemeenschapsvorming in wooncomplexen kunnen versterken.

Foto: Alex Schröder©

Analyse van de plannen

Op koers naar meer samenhang

Het kabinet zet waardevolle stappen om ervoor te zorgen dat de directe leefomgeving van mensengezondheid en ontmoeting stimuleert. Een sterk punt is dat het kabinet verbindingen legt tussen verschillende beleidsdomeinen, zoals dat al gebeurt in het NPLV. De geplande investeringen in bijvoorbeeld verduurzaming van woningen in NPLV-gebieden betalen zich uit op meer terreinen. Het zorgt voor betere woningen, maar maakt mensen ook minder kwetsbaar voor klimaatrisico’s en stijgingen in energiekosten. Zeker in tijden van financiële krapte zijn er waardevolle lessen te leren uit het NPLV: sociale en fysieke opgaven verbinden, sterke samenwerkingen tussen zowel overheden als organisaties in de wijken, en een langetermijnvisie om de complexe vraagstukken op te lossen.

Op de korte termijn zijn bezuinigingen in de sociale zekerheid daarom onwenselijk. Die zouden de leefbaarheid in kwetsbare wijken mogelijk juist ondermijnen als het sociaal vangnet afneemt en de noodzakelijke ggz-hulp voor mensen met multiproblematiek uitblijft. De druk op wijken blijft groot door onder andere concentraties van armoede en toenemende dakloosheid in grote steden.

Sociale basis lost niet alles op

Ook voor de investeringen in sociale relaties geldt dat ze ook op andere terreinen positieve effecten kunnen hebben. Niet alleen draagt dit bij aan persoonlijk welzijn, het zorgt ook voor steunnetwerken die mensen kunnen helpen bij ziekte of crises. Er zijn hoge verwachtingen dat de sociale basis preventief kan werken door mensen eerder en laagdrempeliger te helpen. Tegelijkertijd is de realiteit dat het een lange adem vraagt om deze effecten te realiseren. Voor mensen die te maken hebben met complexe problematiek zal dat niet volstaan, en moet de zorg juist geïntensiveerd worden. Bovendien kost het bevorderen van sociale cohesie in de samenleving tijd en vereist het een verfijnde structuur van formele en informele verbanden tussen bewoners, vrijwilligers, professionals en maatschappelijke organisaties.

Om dit te realiseren zijn randvoorwaarden nodig. Maar ontmoetingsplekken staan juist onder druk door onder meer stijgende huren, bezuinigingen en gebrek aan ruimte. Op veel plekken in het land zijn waardevolle voorzieningen in de afgelopen jaren daardoor verdwenen. Ook woningcorporaties bouwden hun sociale activiteiten lange tijd af doordat zij gedwongen werden zich te richten op hun kerntaken. Met meer (financiële) ruimte kunnen zij ook weer sterker bijdragen aan het creëren van ontmoeting in de wijken en daarmee de leefbaarheid verbeteren.

Onze aandachtspunten

Schep randvoorwaarden voor sterke gemeenschappen

Het gemeenschapsfonds is een goede stap naar het verstevigen van sociale verbindingen en het ondersteunen van de fysieke plekken daarvoor. Maar om de ambities ook waar te maken met de beperkte middelen is een duidelijke visie nodig op de doelstellingen van het fonds en in welke gebieden het wordt toegepast. Ook hierbij geldt weer dat er een langetermijnperspectief nodig is, zodat de plekken en gemeenschappen de ruimte krijgen om zich te ontwikkelen.

Het Rijk kan de randvoorwaarden creëren voor sterke wijken, zodat uiteindelijk op lokaal niveau het maatschappelijk initiatief tot bloei komt. Sociale initiatieven passen vaak niet binnen de strikte kaders van beleidsdomeinen en bestaande regelingen. Het gaat dus naast financiële ondersteuning ook om de manier van werken bij overheden die bepaalt hoe buurten en wijken zich kunnen ontwikkelen. Voor het nieuwe gemeenschapsfonds zijn er op dat punt positieve signalen. Verantwoordelijk minister Pieter Heerma verduidelijkte op het We Doen Het Samen-festival dat we moeten voorkomen dat bij het Gemeenschapsfonds alles van bovenaf al is dichtgeregeld en dat alleen grotere partijen kans maken op middelen.

Kijk verder dan de NPLV-gebieden alleen

Veel kabinetsmaatregelen vragen nog om nadere uitwerking om ook echt het hele land te laten profiteren van de plannen voor sterke buurten en wijken. ‘Elke regio telt, zegt het kabinet, maar hoe ze die regio’s concreet gaan ondersteunen, blijft onduidelijk.

Want ook voor gebieden met leefbaarheidsproblematiek buiten het NPLV geldt dat hun ondersteuning nog stevigere uitwerking vraagt. Het is goed dat het kabinet oog heeft voor hun noden en wil zorgen dat lessen uit het NPLV ook op andere plekken terechtkomen. In de afgelopen jaren heeft Platform31 daar onder meer aan bijgedragen door met de M50 (het platform van middelgrote gemeenten) samen te werken aan een leernetwerk rond leefbaarheid, en door kennisdeling te ondersteunen bij de Vitale Wijken-aanpak van de provincie Utrecht. 1 Deze kennisdeling is belangrijk, maar lang niet voldoende om in kwetsbare wijken de problemen rond veiligheid, armoede en een verouderde woningvoorraad echt op te lossen.

Bronnen: Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid en Leefbarometer.nl

Een les uit het NPLV is dat focus noodzakelijk is op de gebieden die het hardst ondersteuning nodig hebben. Voor de verschillende kwetsbare gebieden in het land is daarom een analyse nodig van de schaal van de problemen en de maatregelen die nodig zijn, zodat de aanpak van het Rijk aansluit bij de omvang van de opgaven. Een aangenomen motie van afgelopen zomer riep de regering op om in kaart te brengen in hoeverre middelgrote gemeenten vergelijkbare problematiek kennen als de huidige NPLV-gebieden, en om te verkennen hoe deze gemeenten structureel betrokken kunnen worden bij het NPLV of een vergelijkbare aanpak. Ook de New Towns, de voormalige groeikernen zoals Almere en Capelle aan den IJssel, hebben te maken met leefbaarheidsproblematiek in hun wijken.

De koers is op veel punten goed. Het kabinet zet belangrijke stappen voor sterkere buurten en wijken. Maar zonder concrete ondersteuning voor kwetsbare gebieden buiten het NPLV en voldoende ruimte voor lokaal initiatief blijven veel ambities buiten bereik.

Contact

Arno van der Hoeven 06 13 46 74 08

Ontvang nieuws van Platform31

Nieuws, publicaties en bijeenkomsten van Platform31 automatisch in jouw mailbox?

"*" geeft vereiste velden aan