banier wijkengids 2

7.7 Goede voorbeelden


Buurtteams
(gemeente Utrecht):
in voorbereiding op de transitie jeugdzorg heeft de gemeente het initiatief genomen om ervaring op te doen met de overheveling van taken van provincie en rijk naar de gemeente. In de wijken Overvecht en Ondiep is de gemeente samen met partners uit het veld gestart met twee buurtteams Jeugd Gezin.

Frontlijnsturing (gemeente Leeuwarden):
maatschappelijk belang boven instellingsbelang en ontschotten zijn hier de ijkpunten om te verduurzamen. Er zijn een zestal sociale wijkteams, gestoeld op de frontlijnteam methodiek, die gevormd en gestuurd worden door gemeente, welzijn en corporaties.


Wijkcoaches
(gemeente Enschede):
de wijkteams richten zich vooral op mensen die (tijdelijk) niet in staat zijn om hun problemen zelf op te pakken. De bewoner is zoveel mogelijk aan zet en de wijkcoach is ondersteuner.

VIG gezinsaanpak (gemeente Den Haag):
VIG werkt met ervaren coaches. De coach geeft de gezinnen ondersteuning, stelt orde op zaken en zet de gezinssituatie weer op de rails. Het belang van de kinderen staat hierbij altijd centraal.

MPG Academie (gemeente Amsterdam):
120 gezinsmanagers en 12 coördinatoren nemen deel aan de leerlijnen van de MPG Academie. Het gaat om regie nemen en sturen op 1 gezin, 1 plan.


Scan 4+1
De scan 4+1 is ontwikkeld door Daniel Giltay Veth en Yvonne Wijland. Hun referentiekader is gevormd door de lessen uit de projectencarrousel in het sociale domein (publicatie Daniel Giltay Veth: ‘Het rendement van zalmgedrag, de projectencarrousel ontleed’; december 2009, min. WWI, Nicis Institute, Start Foundation).
De focus van het onderzoek naar de projectencarrousel lag bij de onderkant van de samenleving: mensen die kampen met meervoudige problematiek die in onze complexe infrastructuur verdwalen. Aanpakken om deze mensen te helpen werden vaak gevonden in projecten en experimenten. Omdat juist voor deze problemen integrale oplossingen gevonden moeten worden, vallen de aanpakken niet binnen normale werkzaamheden van betrokkenorganisaties. Hoopgevende experimenten, pilots en nieuwe typen interventies blijken  aan de onderkant van de samenleving zelden bestendigd worden.
Een bestuurlijke Pavlov-reactie is dat werkzame bestanddelen van experimenten geïdentificeerd worden en verdeeld c.q. ingebed worden in de bestaande infrastructuur. Soms lukt dit, doch meestal is het effect dat ontwikkelde effectieve werkmethoden ineens niet meer werken. In veel steden is de insteek dat de ADV/MPG pilot eindig is en de samenwerkende instellingen de geleerde lessen overnemen c.q. inbedden. Dan rinkelen de alarmbellen: gaat hier weer een good practice met potentie verdampen?
Om een good practice te herkennen hebben Daniel en Yvonne een meetlat ontwikkeld om uitspraken te doen over de kwaliteit van een project en de potentie om te overleven, c.q. door te innoveren (een begrip dat we de laatste tijd veel gebruiken). Deze meetlat, de 4+1 methode, is tot stand gekomen op basis van een analyse van succesfactoren van projecten die er in slaagden om hun bestaan te bestendigen en daarmee ‘wereldberoemd in Nederland’ werden.

De meetlat 4+1 bestaat uit de volgende toetsingscriteria:

  • Is de methodiek effectief?
  • Wordt het resultaat gemeten op impact en als maatschappelijke baten?
  • Is er sprake van inbedding in een strategische of vitale coalitie?
  • Is er sprake van expliciet doortastend entrepreneurschap?
  • Plus 1 staat voor de beoordeling of de meerwaarde van het project in meerdere beleidsdomeinen verzilverd kan worden in een bestendigingstrategie.

Lang niet alle projecten doorstaan de toets der kritiek en lijken zwak ontwikkeld bij toepassing van de 4+1 scan.  Maar er worden  ADV/MPG geïdentificeerd die zich ontwikkelen als good practice terwijl beleidsmatig het kompas gezet is op afbouwen en institutioneel inbedden. En dat vaak met veel losse eindjes en uitdagingen. Daniel en Yvonne adviseren daarom in de scan om goede projecten niet af te bouwen maar door te innoveren op het goede dat gerealiseerd is. En dan niet meer met additionele middelen maar op termijn structureel gefinancierd door de primaire stakeholders van het project, oa de zorg- en welzijnsinstellingen. De onderzoekers geven in hun eindadviezen ook de wegen aan (de 'hoe-vraag') die kunnen leiden tot bestendiging en doorontwikkeling.

Een voorbeeld van innovatie en doorpakken op onderdelen die werken is de werkwijze van de gemeente Eindhoven. Eindhoven is in de krachtwijken gestopt met de krachtwerkers maar gaat wel door met de aanpak 'achter de voordeur' (één probleemeigenaar). Gemeentebreed is Eindhoven bezig met een andere aanpak van het sociaal beleid ('Wij Eindhoven'). Een generalistische ontkokerde werkwijze met daarin elementen zoals die ook in Enschede zijn toegepast.

Maatschappelijke kosten baten analyse (MKBA)
De aanpak ADV/MPG kenmerkt zich door toepassing van 1 gezin-1 plan (en 1 regisseur).Het prototype van MKBA voor aanpak ADV/MPG, is ontwikkeld door Veroni Larsen en Merel Lubbe. De MKBA geeft het maatschappelijk rendement aan van 1 gezin-1 plan, zowel kwalitatief als kwantitatief.  Inzicht in het maatschappelijk rendement van de 1-gezin-1-plan aanpak is nuttig en noodzakelijk om verschillende redenen. In de eerste plaats omdat op veel plaatsen de aanpak op basis van tijdelijke projectfinanciering van de grond is gekomen. Om de aanpak te kunnen verduurzamen is overtuigingskracht nodig om reguliere financiering van de grond te krijgen. Cijfers helpen daarbij. Daarnaast levert de analyse inzicht in welke partijen (bijvoorbeeld verzekeraars, zorginstellingen) baat hebben bij de aanpak. Hierdoor wordt het makkelijker om deze partijen vervolgens bij de aanpak (vitale coalities) én bij de financiering te betrekken. Tot slot - niet onbelangrijk - draagt de analyse bij aan het verbeteren van de aanpak: welke onderdelen hebben meer aandacht nodig en waar moet extra op gestuurd worden?
Het MKBA-model 1gezin-1plan, is geen „tekentafel?-product. Het is ontwikkeld in intensieve interactie met de projectleiders van de 5 gemeenten van het Rijksexperiment Achter-de-Voordeur. Omdat wetenschappelijk onderzoek naar de effectiviteit van de aanpak 1gezin-1plan (vooralsnog) ontbreekt, is gebruik gemaakt van de Delphimethode, waarbij oordelen van experts samengevoegd worden tot consensus ontstaat. Ook hier is gebruik gemaakt van de kennis van de projectleiders en hun medewerkers. Deze oordelen zijn aangevuld en onderbouwd met landelijke metingen en steekproefanalyses van dossiers bij de experimentgemeenten. Deze werkwijze leidt tot een rekenmodel voor het prototype MKBA 1 gezin-1 plan. De MKBA is weliswaar indicatief, maar voldoende onderbouwd om maatschappelijk rendement aan te tonen.
Het maatschappelijk rendement van 1 gezin – 1 plan is te zien als de toegevoegde waarde van de aanpak voor de hele maatschappij. Het geeft antwoord op de vraag wat kost het en wat levert het ons op? Het gaat anders gezegd om de verhouding tussen de benodigde investering in geld, mensen en/of middelen (input) enerzijds en het maatschappelijk effect dat wordt bereikt (outcome) anderzijds. Het gaat daarbij om die effecten, waarvoor je het als maatschappelijke organisatie doet. Bijvoorbeeld een efficiëntere hulpverlening, waardoor mogelijk (organisatie)kosten elders bespaard worden, en een effectievere aanpak waardoor meer gezinnen geholpen worden en stabiliseren.

  • Buurtteams in de Utrechtse praktijk
    Website
    Vooruitlopend op de Transitie jeugdzorg heeft de gemeente Utrecht het initiatief genomen  om in de praktijk alvast ervaring op te doen met de overheveling van taken van de provincie en het rijk naar de gemeente. In de wijken Overvecht en Ondiep is de gemeente Utrecht samen met partners uit het veld gestart met twee buurtteams Jeugd Gezin.
  • Frontlijnsturing (gemeente Leeuwarden)
    Website
    Maatschappelijk belang boven instellingsbelang en ontschotten zijn in Leeuwarden ijkpunten in een verduurzamingsstrategie binnen het welzijns- en sociale beleid. Met als resultaat een zestal sociale wijkteams, gestoeld op de frontlijnteam methodiek, die gevormd en gestuurd worden door gemeente, welijnsinstellingen en corporaties.
  • Wijkcoaches (gemeente Enschede).
    De wijkteams richten zich vooral op mensen die (tijdelijk) niet in staat zijn om hun problemen zelf op te pakken. Het motto van de wijkteams is: de inwoner zoveel mogelijk aan zet en de wijkcoach als ondersteuner.
  • Vroegtijdige Interventie in Gezinnen (VIG) gezinsaanpak (gemeente Den Haag)
    VIG werkt met ervaren coaches. De coach geeft de gezinnen ondersteuning op allerlei gebieden, stelt orde op zaken en zet de gezinssituatie weer op de rails. Het belang van de kinderen staat hierbij altijd centraal.
  • MPG Academie (gemeente Amsterdam)
    Ruim 120 gezinsmanagers en 12 coördinatoren nemen deel aan de leerlijnen van de MPG Academie. Accent ligt op regie nemen en sturen op 1 gezin 1 plan. In de Leerlijn Aanbodcoördinatie is een verbeteraanpak ontwikkeld die is gebaseerd op de lessen van Systeem in Beeld.