banier wijkengids 2

3.6 Kwantitatieve informatie

De wijkenaanpak wordt onderbouwd met
kwantitatieve informatie die in alle gemeenten beschikbaar is:

  • Kennis over objectieve en subjectieve veiligheid,
  • Kennis over arbeidsmarkt, gezondheids(zorg) en opleidingen en
  • Kennis over de huizenmarkt

Deze kwantitatieve informatie wint aan waarde als hij kwalitatief geduid wordt met mensen die de buurt echt kennen: actieve bewoners en ondernemers, de buurtagent, de jongerenwerker. Zij weten waar de problemen zitten, om welke gezinnen het gaat.


Op papier bekeken lijken alle wijkanalyses al snel op elkaar. Veel sociale huurwoningen, een gebrekkige leefbaarheid, de veiligheid staat onder druk, te weinig groen, bewoners die sociaal-economisch de weg niet vinden. Wanneer de standaard route “analyse, diagnose, interventie” wordt gevolgd, zal het dan ook niet verbazen dat het risico bestaat dat er een eindeloze reeks maatregelen volgt met dito uitvoeringsorganisaties. De vraag is echter of een dergelijke aanpak de oplossing altijd dichterbij brengt. Het loont vaak de moeite om de inzet te concentreren op een beperkt aantal doorbraken met een groot sneeuwbaleffect. Het is dan erg belangrijk te kijken naar het DNA van de wijk. Waar zit nu eigenlijk het probleem dat een obstakel vormt voor doorbraken op andere vlakken? Waar zitten de sterkste punten? Hoe kunnen we die mobiliseren?” Kees Stob in zijn essay over de wijkaanpak in Groningen (Werken aan Wijken, deel 2).

De kennis over onderwerpen als: objectieve en subjectieve veiligheid, kennis over arbeidsmarkt, zorg en opleidingen, kennis over de huizenmarkt kan worden gebruikt om je informatiepositie te versterken. Door deze informatie bij elkaar te leggen kun je je een systematisch beeld vormen over hoe de wijk eruit ziet, over de doelen die je moet bereiken en over de manier waarop je die doelen kan bereiken. Statistieken en signaleringsinstrumenten, zoals de Leefbaarometer, verschillende wijkatlassen en de Sociale Index in Rotterdam en de Staat van de Stad in Amsterdam geven snel inzicht in de sociale ontwikkeling van wijken en buurten – en in de grootste knelpunten. De Leefbaarometer kan aan de voorkant handig zijn (inzicht verkrijgen ) en aan de achterkant (resultaten meten). Een ander goed instrument is de Integrale Veiligheidsmonitor. De Integrale Veiligheidsmonitor (IVm) is een jaarlijks terugkerend bevolkingsonderzoek naar veiligheid, leefbaarheid en slachtofferschap. Ook wordt er aandacht besteed aan buurtproblemen, aangiftegedrag, respectloos gedrag, preventiemaatregelen, het functioneren van de politie en het gemeentelijke veiligheidsbeleid. Met de IVm worden op eenduidige wijze cijfers verkregen over de (beleving van) veiligheid op zowel landelijk, regionaal als (beneden)lokaal niveau. De IVm is dan ook een mooi hulpmiddel voor alle bestuurslagen bij het optimaliseren van het veiligheidsbeleid.

Het Wijkprofiel Rotterdam
In Rotterdam wordt gewerkt aan een meetinstrument voor een integraal wijkprofiel. Dit zou kunnen fungeren als een meetinstrument op wijkniveau. De basis daarvan is de Rotterdamse Sociale Index en de Veiligheidsindex. Deze zijn opgebouwd aan de hand van objectieve gegevens zoals aangiftes bij de politie en subjectieve gegevens uit vragenlijsten aan wijkbewoners. Doordat de subjectieve en objectieve gegevens apart worden uitgewerkt is te zien dat men zich veilig kan voelen, terwijl de objectieve indicatoren als veilig worden beschouwd. De indexen bieden de mogelijkheid om wijken te vergelijken (met elkaar en in tijd) en aandachtspunten en doelstellingen te formuleren. Zo heeft Rotterdam haar gebiedsvisie opgesteld o.a. op basis van de Sociale en Veiligheidsindex. De gegevens worden gebruikt om doelstellingen te formuleren en te reflecteren. Zo kan een breder beeld ontstaan van de complexe problemen van een wijk.

Als je als je cijfers op orde hebt, is het bij het interpreteren van die statistische informatie van groot belang om bewoners en professionals te betrekken. Interpreteer de cijfers met experts in de wijk en verklaar deze ook gezamenlijk en creëer met burgers en partners in de wijk een gedeeld inzicht in knelpunten, kansen en oplossingsrichtingen. Om de problemen een gezicht te geven, kan het nuttig zijn om te werken met bewonersprofielen.