banier wijkengids 2

12.7 Intraregionale verschilkaarten


Naast de krimpmonitor zijn de zogenaamde 'Intraregionale verschilkaarten' van de Leefbaarometer ontwikkeld. Deze regiokaarten zijn een toevoeging aan het bestaande kaartmateriaal van de Leefbaarometer. In de “algemene” Leefbaarometerkaarten wordt een “absolute” leefbaarheidsscore getoond: in gebieden met positieve scores zijn de bewoners doorgaans tevreden met hun woonomgeving. De regiokaarten tonen juist een relatief beeld: ze tonen de afwijking van het regionaal gemiddelde. Dit is nuttig omdat in een aantal regio’s in Nederland (bijna) alle delen een positieve leefbaarheidsscore kennen: het merendeel van de bevolking in deze gebieden is over het algemeen tevreden met de woonomgeving.


Hoewel dit goed nieuws is, moet onderkend worden dat ook in deze regio's een hiërarchie tussen woongebieden bestaat: hoewel ze allemaal voldoen aan de (minimale) eisen zijn er gebieden die toch wat leefbaarder of juist minder leefbaar zijn dan andere. Omdat ze in de Leefbaarometer allen een (lichtere of donkerdere) groene kleur hebben kan het in sommige regio's lastig zijn om te onderkennen welke gebieden het minst gunstig scoren en daarmee als regionale aandachtgebieden gezien kunnen worden. De regiokaarten maken het beter mogelijk om inzicht hierin te verkrijgen. De intraregionale verschilkaarten zijn via de algemene website van de Leefbaarometer www.leefbaarometer.nl raadpleegbaar.


Om dit inzicht beter mogelijk te maken zijn sinds kort, naast de algemene “absolute” leefbaarheidskaartjes, ook leefbaarheidskaartjes beschikbaar gemaakt die een afwijking van het regionaal gemiddelde weergeven. In deze zogenaamde "intraregionale verschilkaarten" wordt dus niet de absolute leefbaarheidssituatie weergegeven maar een relatieve: scoort een gebied beter of slechter dan de rest van de regio, en/of hoe heeft een gebied zich in de afgelopen periode ontwikkeld, in vergelijking met de rest van de regio. Deze “intraregionale verschilkaarten” bieden daarmee een soort vergrootglas voor de lokale professionals. In combinatie met de al bestaande “absolute” leefbaarheidskaartjes kan men tegenwoordig dus niet alleen vaststellen of ergens sprake is van (grote) leefbaarheidsproblemen, maar kan ook makkelijk ingezien worden of een bepaald woongebied zich beter of slechter ontwikkeld dan de rest van de regio.