banier wijkengids 2

12. Demografische Ontwikkeling


De komende dertig jaar treedt in grote delen van Nederland bevolkingskrimp op. In ruim een kwart van de Nederlandse gemeentes treedt een daling op van 2,5% of meer. Dit is niet per definitie slecht, het kan gemeenten kansen bieden: verbetering van de ruimtelijke kwaliteit, grotere leefbaarheid door lage bevolkingsdichtheid, een minder overspannen woningmarkt en afnemende congestie. Dit is echter niet de bevolkingsdaling waarover meestal wordt gesproken. Krimp wordt problematisch als er sprake is van substantiële en structurele bevolkings- en huishoudingsdaling in een regio. De lessen uit de wijkaanpak worden verbreed naar het begrip leefbaarheid. Leefbaarheid is ook een thema in de krimpgebieden.


Topkrimpregio’s zijn regio’s met een substantiële en structurele bevolkings- en huishoudensdaling. In anticipeerregio's zal de bevolkingstranisitie op termijn plaatsvinden. Er wordt onderscheid gemaakt tussen topkrimpregio’s en anticipeergebieden. Bevolkingsdaling heeft grote gevolgen voor veel sectoren van de maatschappij zoals: woningmarkt, voorzieningen als onderwijs, zorg, en welzijn, arbeidsmarkt, voorzieningen en bereikbaarheid. Voor het adequaat omgaan met de gevolgen van bevolkingsdaling, is het samenwerken van gemeenten met maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven en actieve burgers essentieel, evenals de samenwerking met Provincie en Rijk.


Omgaan met de gevolgen van bevolkingsdaling kan alleen als gemeenten in regionaal verband, provincies en rijk samenwerken. Daarnaast is samenwerking met maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven en zeker de burgers essentieel. De aard van de gevolgen maakt een integrale aanpak noodzakelijk waarbij aanwezige kennis opgedaan in de wijkaanpak in veel situaties toepasbaar kan zijn. In 2012 zijn in de diverse krimpregio een aantal door het rijk ontwikkelde instrumenten als aanpak ingezet om te anticiperen op de gevolgen van bevolkingsdaling.