banier wijkengids 2

10.8 Werken aan jeugdoverlast in de wijk


Het ‘Kennisfundament risicojongeren’ en de ‘Trainingen Kennisfundament’ leren ons dat effectieve interventies voor risicojongeren gebaseerd zijn op:

  • Grenzen stellen door effectief te straffen en te belonen. De basis hiervan is de kosten van criminaliteit te maximaliseren en de baten te minimaliseren
  • Risicoreductie: hierbij gaat het om het beperken van individuele risicofactoren die kunnen leiden tot asociaal en crimineel gedrag
  • Morele ontwikkeling en sociale binding: hoe goed is het geweten ontwikkeld en in hoeverre hebben risicojongeren positieve sociale bindingen met familie en vrienden



In iedere veiligheidsmeting blijkt dat bewoners als grootste probleem overlast van jeugdgroepen noemen. De aanpak van jeugdoverlast mag dan ook niet ontbreken in de wijkenaanpak. De basis hiervoor is de classificatie van jeugdgroep volgende de ‘Beke-methode’. De groepen worden volgens de methodiek ingedeeld in drie segmenten:

  • hinderlijk
  • overlastgevend
  • crimineel

De aanpak is afhankelijk van de classificatie. Er zijn aanpakken die zich met name richten op de bewustwording van jongeren, maar er zijn ook aanpakken die jongeren actief betrekken om de jeugdoverlast te verminderen, zoals de aanpak Jongerenbuurtbemiddeling. Ook de preventieve kant ontbreekt niet: scholing, perspectief op werk, opvoedingsondersteuning voor ouders. Sport wordt als middel ingezet om de (wijk)veiligheid te vergroten. Voor meer informatie over jeugd en veiligheid is de Wegwijzer jeugd en veiligheid beschikbaar. De website biedt gemeenten informatie om jeugdproblematiek aan te pakken op het gebied van alcohol, drugs, overlastgevende jongeren/hangjongeren, criminele jongeren, uitgaansgeweld en radicalisering.

Het ‘Kennisfundament risicojongeren’ en de daarop gebaseerde ‘Trainingen Kennisfundament’ zijn als toetssteen te gebruiken bij het toetsen van interventies op hun effectiviteit. Dit Kennisfundament is door het WODC gepubliceerd en in samenwerking met Nicis ten behoeve van gemeenten omgevormd tot een training. Het kennisfundament leert ons dat effectieve interventies voor risicojongeren gebaseerd zijn op *3:

  • grenzen stellen door effectief te straffen en te belonen. De basis hiervan is de kosten van criminaliteit te maximaliseren en de baten te minimaliseren
  • risicoreductie: hierbij gaat het om het beperken van individuele risicofactoren die kunnen leiden tot asociaal en crimineel gedrag.
  • morele ontwikkeling en sociale binding: hoe is ‘geweten’ ontwikkeld en in hoeverre hebben risicojongeren positieve sociale bindingen met familie en vrienden.

Deze drie beleidslijnen zouden volgens het onderzoek terug moeten komen in Integrale Beleidsplannen Veiligheid. Daaraan gekoppeld kan uit dit onderzoek worden gehaald welke interventies bewezen effectief zijn voor gedragsverandering en vermindering van de criminaliteit bij jongeren. Ook biedt het onderzoek handvatten voor het toetsen van interventies door richtlijnen te geven voor effectieve bestanddelen van een interventie.

In een aantal gemeenten wordt gewerkt volgens de lijnen van het Kennisfundament. Dit is onder andere het geval in Rotterdam, Gouda en Tilburg.


*3 Anker, M. van den, Bax, F. Quekel, M. Effectieve aanpak van risicojongeren, NicisInstitute, Den Haag, 2011