Ecologie van de Stedelijke Vernieuwing

Placemakers maken hotspot van Nijmeegse Honigfabriek


In Nijmegen, aan de oever van de Waal, hebben nieuwe en innovatieve ondernemers de oude Honig-fabriek binnen no time omgevormd tot een bruisend centrum van bedrijvigheid. Deze ondernemers zijn neergestreken als placemakers van het nog te ontwikkelen gebied Waalfront. Maar hun ontwikkeling van de fabriek bleek zo sterk en zo succesvol, dat het zonde zou zijn om het daarbij te laten. Arie-Willem Bijl gebruikte het inspiratiebudget Ecologie van de Stedelijke Vernieuwing om te onderzoeken hoe je het succes van deze placemakers zou kunnen inzetten voor de ontwikkeling van het hele gebied. Welke maatschappelijke en financiële meerwaarde kun je met deze aanpak creëren?

Toen ik als kwartiermaker begon om de Honigfabriek een tijdelijke invulling te geven, was het uitgangspunt dat de fabriek als een placemaker zou fungeren voor de ontwikkeling van het Waalfront, van industrie naar woningen. Maar de ondernemers die de fabriek tijdelijk bevolkten waren zo sterk en zo succesvol dat ik dacht: die moet je meenemen in de ontwikkeling van het hele gebied. Zij zouden het levendig centrum van de nog te ontwikkelen woonwijk kunnen vormen en daarmee een geheel eigen identiteit kunnen geven aan het gebied.

Ik ben hen daarom gaan interviewen over hun toekomstideeën en heb ze gevraagd of ze mee zouden willen doen aan die gebiedsontwikkeling. We wilden ook het ontwikkelingsbedrijf en de gemeente daarbij betrekken. De ontwikkelaar stuurt op grondexploitatie, die wil de investeringen terugverdienen. Die heeft niet veel interesse in de identiteit van het gebied op de lange termijn. Maar de gemeente zou wel bezig moeten zijn met een duurzame ontwikkeling samen met lokale partijen. Daarom hebben we een symposium georganiseerd, om met die twee partijen van gedachten te wisselen en op een andere manier naar de waarde van het gebied te kijken dan enkel de grondexploitatie.

Het symposium is mede ondersteund door de gemeente. En daarmee is het vraagstuk over de toekomst van het Honigcomplex zeker op de agenda van de gemeente gezet. Die wil nu best overwegen om stukjes van de fabriek te laten staan, maar helaas is het niet meer alleen haar beslissing. Zij is nu aandeelhouder van ontwikkelbedrijf Waalfront en zal, als ze een dergelijke duurzame ontwikkeling wil, de andere partij moeten uitkopen.

Ontwikkelen vanuit een nieuwe economie

Gebiedsontwikkeling zou veel meer maatschappelijk gedreven moeten zijn en niet gebaseerd op de grondexploitatie alleen. Als we dit echt van de grond willen krijgen, hebben we dus een gedegen onderzoek naar waardecreatie nodig. Docenten van de Radboud University zijn hier partner in. Ik hoop daarvoor financiering te krijgen.

De sfeer in de fabriek wordt bepaald door kleine, beginnende bedrijven. Natuurlijk vestigt niet ieder startend bedrijf zich daar permanent, maar er ontstaat daar wél een identiteit voor langere termijn. Het Honigcomplex vormt zo een levendig centrum van de toekomstige wijk, dat is echt een meerwaarde. Er zitten ondernemers die – zonder beleggers! – hun eigen omgeving inrichten en hun eigen levendige plek creëren. Dat is de nieuwe economie. Het is nog nergens gelukt om vanuit die nieuwe economie een gebied te ontwikkelen. Maar hier zou het kunnen.

Gezamenlijk voorstel aan de gemeente

Met het inspiratiebudget hebben we het symposium opgezet, en samen met de ondernemers wat gemaakt van de fabriek. Dat heeft conceptuele toekomstscenario’s opgeleverd en het voornemen om verder te gaan met elkaar. Het is al met al behoorlijk geslaagd. Maar het tempo ligt wat mij betreft veel te laag. Dat Honigcomplex is iconisch. Als je ziet wat daar allemaal voor bedrijven op af komen en welke mogelijkheden het biedt voor de gebiedsontwikkeling, dan is het echt bizar dat het zo lang moet duren. Ik zou de gemeente willen aanraden: pak je rol! Het is echt een gebied met heel veel potentie.

Ja, er zitten veel beginnende ondernemers in het Honigcomplex, maar er zijn ook een paar succesvolle ondernemingen die wat verder zijn. Die staan klaar om te groeien en door te investeren, om zich een stevige positie te verwerven. Zo heb je bijvoorbeeld een bierbrouwer, een succesvolle galerie en de Smeltkroes, die werkruimte aan 80 jonge ondernemers biedt. En verder horeca met De Dock, De Meesterproef en Stoom. Deze ondernemers willen best het voortouw nemen om te kijken of ze met elkaar en eventueel met een ontwikkelaar een deel van de fabriek kunnen kopen en zo helpen het gebied verder te ontwikkelen. Het idee is om samen een pamflet te maken voor de gemeente, met een voorstel voor de fabriek en het gebied.

Nieuwe waarde

De deal was dat ik als kwartiermaker zou zorgen voor de realisatie van een tijdelijke hotspot zonder subsidie en met een sluitende begroting. Dat is gelukt in 2015, dat is nog behoorlijk snel. Nu is mijn rol als kwartiermaker afgelopen. De nieuwe beheerders hebben het overgenomen. Nu ik geen kwartiermaker meer ben, bouw ik mijn rol als trekker af. De ondernemers pakken het verder zelf op. Maar ik vind het belangrijk dat dit echt wat wordt. Daarom ondersteun ik de ondernemers door ze in contact te brengen met partijen uit mijn netwerk die ze verder kunnen helpen, zoals ontwikkelaars, tekenaars en rekenaars. En door die ondernemers te laten zien waar hun kracht en mogelijkheden liggen. Zodat zij zelf waarde kunnen creëren op die plek. Echte, maatschappelijke en sociale waarde.

Tijdens het symposium hebben veel professionals uit mijn netwerk hun inzichten gedeeld met de ondernemers van het Honigcomplex. Een gedeelde conclusie was dat als ondernemers het initiatief oppakken, de gemeente zou moeten faciliteren.