Kennisdossier Vitale Binnensteden

‘Sensation kaas’

10 december 2015

Het gaat goed met Gouda. In 2015 prijst deze historische stad zich gelukkig met de beste warenmarkt van Nederland en is de Chocoladefabriek verkozen tot de beste bibliotheek. In november pakte Gouda de titel Beste Binnenstad 2015-2017 in de categorie ‘middelgrote binnensteden’. Welk geheim schuil er achter dit succes? Een interview met Daphne Bergman (DB), wethouder Binnenstad en Ronald van Rossum (RR), centrummanager.

Daphne Bergman en Ronald van Rossum

De jury sprak vooral haar waardering uit voor de intensieve samenwerkingsverbanden en de ontwikkelingen op het gebied van cultuur en leisure. Zit samenwerking de Gouwenaren van oudsher in het bloed?

RR: “Als geboren en getogen Gouwenaar denk ik van wel. Ook al zijn we het soms ook hartgrondig oneens met elkaar. Sinds enkele jaren is die samenwerking hechter en werken ondernemers concrete activiteiten voor de binnenstad uit in het Doe Platform. Wat begon met enkele enthousiaste ondernemers, is inmiddels uitgegroeid tot een stevig netwerk van Gouwenaars en Goudse instellingen/organisaties die aansluiten naar gelang de activiteiten of evenementen.”
DB: “Toch kwam die onderlinge samenwerking pas echt goed van de grond, toen ondernemers een dreiging van buitenaf voelden. Rondom het stationsgebied wilde ontwikkelgigant Multi Vastgoed ruim 10.000 vierkante meter detailhandel realiseren. De werkgroep Flankerend beleid bracht de Goudse vastgoedeigenaren, winkeliers, horeca-eigenaren, makelaars vervolgens dichter bij elkaar met een gemeenschappelijk doel: samen werken aan een mooie, levendige binnenstad.”

Hoe zou de gemeente haar eigen rol in de samenwerking willen typeren?

DB: “De samenwerking die het juryrapport noemt, werkt in de praktijk vanwege de schaalgrootte van Gouda. Grote steden hebben vaak meer managementlagen, hier zijn de lijnen tussen wethouders en ondernemers kort. In die zin is onze binnenstad vergelijkbaar met een dorp: iedereen kent elkaar. Dat maakt het ook eenvoudiger om een faciliterende rol aan te nemen. Al is het mijn taak als wethouder om te sturen op het gemeenschappelijk doel. Het is namelijk wel belangrijk dat een stad zich vasthoudt aan die stip op de horizon. De praktijk wijst uit dat het vaak jaren duurt voordat de resultaten zichtbaar zijn. Als bestuurder moet je daarom ook over je eigen regeerperiode heen durven kijken.”

De aanpak van de Kop van Kleiweg, de hoofdwinkelstraat van Gouda, is een lichtend voorbeeld van de manier waarop gemeente, vastgoedeigenaren en winkeliers samen de handen uit de mouwen steken. Leg eens uit?

RR: “De Kop van de Kleiweg is de toegangsader naar het stadshart en stond bij veel ondernemers bovenaan de lijst als locatie waar iets mee moest gebeuren. Veel grote winkelketens trokken er weg en lieten lege gaten achter. Alle pandeigenaren en winkeliers legden vervolgens samen met de gemeente een plan op tafel voor de revitalisering van het gebied.”

DB: “Dus eigenlijk komt de aanpak van de Kop van Kleiweg voort uit een gevoel van urgentie. Gouda ligt in een sterk concurrerende regio en provincie op detailhandelsgebied. Willen we concurrerend blijven, dan moeten we ervoor zorgen dat onze A1-winkelstraat aantrekkelijk blijft.”

RR: “Dankzij een gedeelde investering kunnen we hier ook echt iets moois maken. En komen we tot een oplossing die voor iedereen aanvaardbaar is. Zo leggen we een houten fietssteiger aan die doorloopt in de aanlegsteiger voor boten en aansluit op het groenplan van de bewoners. Ook pakken eigenaren hun eigen gevels aan en wordt het openbaar gebied heringericht met onder andere horeca en terrassen.”

DB: “Samenwerken heeft hier zichtbaar geleidt tot een vliegwieleffect: doordat iedereen elkaar kent en naar vermogen bijdraagt, wordt het gebied van iedereen.”

In het recent verschenen PBL-rapport De Veerkrachtige Binnenstad (PBL, 2015) valt Gouda in categorie C ‘bekneld in een sterke regio’. In hoeverre is dat een sterkte of zwakte?

DB: “De centrale ligging in de Randstad en uitstekende bereikbaarheid met het openbaar vervoer en via de A12 is allereerst een kracht. Aan de andere kant: waarom zouden mensen naar Gouda komen om te winkelen als ze ook online kunnen shoppen of naar Rotterdam kunnen gaan? De uitdaging voor Gouda is om te anticiperen op het veranderende winkellandschap. Onder meer met een aantrekkelijke Kop van de Kleiweg. Dit betekent niet dat we achter Primark moeten aanrennen, maar wel dat we goed moeten kijken naar welke retailketen bij het profiel van Gouda past. Durf daarin onderscheidend te zijn, zoals we dit al doen bij onze aanloopstraten. Daar zijn we in staat een unieke mix van ondernemers aan te trekken. Willen we naar een binnenstad als place to be, dan is er meer nodig dan alleen grote winkelketen. Dan denk ik ook aan herbestemming van lege winkelpanden voor zelfstandig ondernemers of bricks & clicks- winkels.”

Hoe ziet de concurrentiepositie van Gouda eruit?

RR: “Kaas, stroopwafels en keramiek/plateel vormen nog steeds ons handelsmerk. In de zomermaanden staat hier elke woensdag een van de grootste brocante markten, ook wel het ‘montmartre’ van Nederland genoemd. Dat past ook in een historisch centrum als dat van Gouda. Toeristen komen hier niet naar toe omdat we toevallig een mooie bibliotheek hebben, die komen voor de kaas. De manier waarop we onze stad profileren is vernieuwend. Gouda-magazine.nl laat de stad zien zoals ze is, met al haar authentieke ondernemers en industrieel erfgoed.”

DB: “Uiteindelijk zoekt iedereen naar authenticiteit. Dat is ook wat we met de oude chocoladefabriek willen realiseren: het verbinden van industrieel erfgoed aan verhalen. Dat de oude fabriek nu onderdak biedt aan de bibliotheek Gouda, het Streekarchief Midden-Holland, de Drukkerswerkplaats en horecazaak, was het afgelopen jaar prijzenswaardig.”

Het imago van de Gouda is sterk gekoppeld aan historie en oude ambachten. Hoe draagt dit imago bij aan het doorontwikkelen van de toekomstige economie van de stad?

RR: “Zolang er meerdere verhaallijnen zijn rondom die traditionele ambachten en we in staat zijn ze te koppelen aan nieuwe concepten, zie ik weinig risico’s. De kinderkaasmarkt is zo’n nieuw concept, waarmee we basisschoolleerlingen vertrouwd maken met waar ze vandaan komen. Dat evenement heeft allerlei activiteiten waaronder een kaasrap en kaasdans.”

DB: “Eens, maar het is ook belangrijk dat we de verbinding weten te maken met vernieuwing. Bijvoorbeeld door het thema kaas te verbinden aan het dance-event ‘sensation kaas’. Hoezeer we het verhaal van ons industrieel erfgoed blijven vertellen, moeten we met een toekomstbril naar onze stad blijven kijken.”

RR: “Op dat vlak liggen er aantrekkelijke kansen voor kenniswerkers die zich in de Goudse binnenstad vestigen. De slimme smart city-applicaties en interactieve games die zij ontwikkelen zetten we graag in voor onze stadsmarketing. Denk aan een app en games die extra beleving geven aan een stadswandeling door de historische binnenstad. Het verbinden van oude ambachten aan nieuwe concepten en technieken, dat is de toekomst.”

DB: “ Daarnaast moeten we investeren in transformatie. We leven in een tijd dat we niet alle panden opnieuw kunnen vullen met kantoren. Ook de economie van de dienstverlening verandert. Daarom zie ik steeds meer kansen voor gemengde bedrijvigheid. Op bedrijventerrein de Goudse Poort combineren we succesvol een speelparadijs met een vervoerder en andere dienstverleners.”

Panorama Markt Gouda 1
Binnenstad van Gouda
beste binnenstad Gouda 1
Gouda wint titel beste binnenstad 2015-2017



Vitaminen voor de binnenstad

Nieuws uit kennisdossier Vitale binnensteden wordt vier keer per jaar gebundeld in de nieuwsbrief Vitaminen voor de binnenstad.

Wilt u deze nieuwsbrief ontvangen, stuur dan een mail naar Saskia Hinssen.