Stedelijke Vernieuwing - etalage

Contact

Jeroen van der Velden

Jeroen van der Velden

Projectleider

06 57 94 22 58

Frank Wassenberg

Frank Wassenberg

Senior projectleider

06 57 94 35 92


deel deze pagina via:


Potenties van gebieden en partijen in de stedelijke vernieuwing

schema potenties van gebieden 487

De opgave in de stedelijke vernieuwing verschilt per onderwerp, per partij en per gebied. Verschillen die bovendien zullen toenemen in de komende jaren. Dat betekent dat de verschillende overheden zich in toenemende mate verschillend moeten opstellen. In sommige wijken, dorpen of regio’s zullen burgers, ondernemers of organisaties zelf met goede initiatieven komen en kunnen overheden meer loslaten en achterover leunen.

Dit verschil in potenties hebben we schematisch weergegeven. Verticaal staan actoren met uiteenlopende potenties: bewoners, gebruikers, ondernemers. Horizontaal staan sterke respectievelijk zwakke gebieden, met veel of weinig potenties. Dan gaat het om groei- en krimpregio’s, gentrification- en aandachtswijken, aantrekkelijke en anonieme woningbouw, gunstige en ongunstige locaties, energielekkende en energiezuinige gebouwen en om tekorten en overschotten op de markt (voor kantoren, woningen, bedrijfsgebouwen, monumenten, scholen, etc.). Hier spelen plaats, prijs, kwaliteit en product een rol.

De verschillende overheden, afhankelijk van het schaalniveau, staan in het midden. De rol van de overheid verschilt per gebied, naarmate de lokale omstandigheden. Waar voldoende potenties zijn (A), volstaat afwachten. Waar potenties van partijen en gebieden laag zijn (D), is juist een actieve rol nodig. Waar kansrijke initiatiefnemers bestaan in kansarme gebieden zijn stimulansen nodig, net als afstemming om initiatieven mogelijk te maken (zoals nieuwbouw in krimpgebieden). Waar in gebieden met potenties weinig initiatiefnemers opkomen, kan een overheid het initiatief nemen en hen inviteren.




Uitgelicht

Kwetsbare wijken in beeld