Eerder Melden, Minder Achterstand (Zoetermeer)

Sinds het begin van de economische crisis nam het aantal aanvragen voor schuldhulpverlening sterk toe. In kwetsbare wijken wonen veel mensen met een zwakke sociaaleconomisch positie bij wie het vaker voorkomt dat ze hun rekeningen niet meer kunnen betalen. Schulden zorgen er niet alleen voor dat iemand slechter gaat functioneren, maar leidden vaak ook tot hoge maatschappelijke kosten. Om vroegtijdig in te grijpen, is in Zoetermeer Meldpunt EMMA opgericht.

Professionals en vrijwilligers van verschillende hulporganisaties stuitten in Zoetermeer op dezelfde knelpunten op het terrein van schulden. Woningcorporaties misten een centraal aanspreekpunt voor huurachterstanden en hulpverleners kwamen los van elkaar bij bewoners over de vloer, omdat afstemming vaak te laat plaatsvond. Omdat alle partijen vroegtijdig signaleren belangrijk vinden, is meldpunt EMMA opgericht: Eerder Melden, Minder Achterstanden. “Schulden komen nooit alleen”, zegt Mariska Overgaag, coördinator van het meldpunt. “Vaak spelen er binnen hetzelfde huishouden ook andere sociale, fysieke of psychische problemen. Denk aan depressie, verslaving of huiselijk geweld. Vroegtijdig ingrijpen kan een negatieve spiraal voorkomen.” In november 2016 startte daarom een pilot van zes maanden. De gemeente heeft inmiddels besloten dat ze de operationele inzet blijft bekostigen.

Procesregie zonder wachtlijsten

Meldpunt EMMA is geen nieuwe organisatie, maar een vorm van procesregie, met als doel financiële problemen eerder in beeld te krijgen en effectief hulp te bieden. Alle lokale schuldhulpinstanties doen mee, waardoor één proces ontstaat voor alle bewoners van Zoetermeer. De afspraak ‘geen wachtlijsten’ is een belangrijk uitgangspunt van EMMA: de capaciteit is berekend op het direct aanbieden van hulp, om te voorkomen dat schulden verder oplopen. De betrokken crediteuren zijn nu woningcorporaties, maar de ambitie is om ook de zorgverzekeraars en aanbieders van nutsvoorzieningen (gas, water en licht) te betrekken. De eerste schulden zijn doorgaans zichtbaar bij de Belastingdienst, vervolgens de zorgverzekering, nutvoorzieningen en dan pas de huur.

Als een crediteur een betalingsachterstand van twee maanden bij EMMA meldt, gaat een professional bij het huishouden op bezoek. In dit gesprek wordt breed gekeken naar de persoonlijke situatie en de knelpunten. De professional kent het zorgaanbod van de verschillende organisaties in Zoetermeer en kan in overleg met het huishouden de juiste hulpvraag formuleren. In het tweede gesprek wordt de deelnemer door de professional, tijdens een ‘warme overdracht’, gekoppeld aan één of meerdere programma’s of hulpverleningsorganisaties. Bij dit gesprek zijn alle betrokkenen aanwezig. Een openstaande huurschuld wordt ‘on hold’ gezet zolang de bewoners de lopende huur betalen en gewerkt wordt aan een oplossing voor de achterstand. Elke twee weken zorgen de hulpverlenende instanties voor terugkoppeling over de voortgang.

De capaciteit van EMMA is veertig meldingen per maand. In de eerste maanden kwamen tussen de twintig en dertig meldingen per maand binnen. Wat de professionals vaak horen, is dat mensen zelf moeite hebben met hulp zoeken en blij zijn dat ze worden benaderd. In de praktijk wordt ongeveer 75 procent van de doorgegeven adressen bereikt en 25 procent niet. De ervaring leert verder dat hulpverleningstrajecten korter duren dankzij snelle reactie van betrokken instanties. “Dure en langdurige routes worden hiermee voorkomen. De winst zit daarnaast in de betere communicatie tussen de schuldhulpverlening en woningcorporaties”, aldus Overgaag.

Vermeden maatschappelijke kosten

De pilot is uitgevoerd met financiële steun van de gemeente Zoetermeer, Fonds1818 en het Oranjefonds, om de uren te dekken die worden gemaakt voor het bezoeken van huishoudens en het intakegesprek. De inzet van overige hulpverlening valt onder de afspraken over het reguliere zorgaanbod van instellingen. Een uitdaging is om de maatschappelijke kosten zichtbaar te maken die dankzij deze preventieve maatregel vermeden zijn.

Zo kost huisuitzetting voor een woningcorporatie tot 10.000 euro en de maatschappelijke kosten kunnen zelfs oplopen tot een ton. Het is de bedoeling dat ook crediteuren gaan bijdragen aam EMMA. Uitgespaarde curatieve kosten kunnen een motief zijn om hieraan bij te dragen. De werkwijze van EMMA kan ook elders worden toegepast. Overgaag: “Het hulverleningslandschap en de betrokken actoren verschillen per gemeente, maar in principe is een dergelijke aanpak overal op te zetten.”

Dit praktijkvoorbeeld is onderdeel van het rapport ‘Aan de slag in kwetsbare wijken’
(juni 2017).