Contact

Anne-Marie Rijssenbeek

Anne-Marie Rijssenbeek

Senior projectleider

06 57 94 37 65

Buurt m/v springt in (zwart) gat

Interview, 7 november 2016

Stichting Buurt m/v springt in het zwarte gat waar doorstromers in de wijk al vaak invallen. Buurtmannen en -vrouwen geven praktische ondersteuning aan deze groep, variërend van het openen van stapels post tot deelnemers helpen met opruimen bij ernstige verzamelwoede. Het mes snijdt aan twee kanten: de buurtmannen en –vrouwen met een afstand tot de arbeidsmarkt doen tegelijkertijd werkervaring op. Een interview met algemeen directeur Hannan el Garmouhi.

Door: Anne-Marie Rijssenbeek en Netty van Triest (Platform31)

Zwart gat

“De cliëntenraad van Antes GGZ zag dat cliënten die vanuit beschermd wonen of de maatschappelijke opvang weer in de wijk kwamen wonen, in een zwart gat vielen”, zegt El Garmouhi. “Ze hadden schuldenproblematiek, weinig begeleiding en een sociaal netwerk ontbrak. Voor ze het wisten, was er weer een terugval door het gebrek aan stabiliteit. “ Stichting Buurt m/v, vallend onder Antes GGZ, sprong hierop in. “De doorstromers kregen vaak al woonbegeleiding, in de vorm van therapeutische gesprekken, maar hebben ook een extra luisterend oor en praktische ondersteuning nodig. Iemand die naast je staat. Bovendien is onze complexe maatschappij ingewikkeld voor iemand die uit de opvang komt of voor mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB), psychiatrische problemen of een verslaving. We willen mensen echt helpen in hun eigen omgeving. Dat werkt veel beter dan het geven van bijvoorbeeld een cursus woonvaardigheden.”

Keukentafelgesprek

De cliënten worden doorverwezen naar het project Buurt m/v vanuit de huisarts, wijkagent of welzijnsinstellingen, al komt 70 procent komt vanuit het cliëntenbestand van Antes GGZ. Sinds de decentralisaties is er een Wmo-indicatie nodig. Via het zogenoemde keukentafelgesprek bepaalt de Wmo-consulent of iemand geschikt is voor het wijkteam of er specialistische begeleiding nodig is, waar Buurt m/v onder valt.

Verschralen van welzijnsaanbod

“We zien steeds meer doorstromers in de wijk, een ontwikkeling die ik in principe toejuich. Echter, de intramurale afbouw is niet evenredig aan de opbouw van extramurale begeleiding”, vindt El Garmouhi. “Veel samenlevingswerk dat zorgde voor een sociaal vangnet in de wijk is vanwege bezuinigingen op welzijn opgedoekt.” De buurtmannen en –vrouwen helpen een doorstromer zich thuis te voelen in de buurt bijvoorbeeld door met deelnemers naar buurtactiviteiten te gaan. Ze kunnen helpen met het leggen van contact met familie of buren. Of bemiddelen als contact wat minder goed verloopt.

Twee vliegen in een klap

De buurtmannen en buurtvrouwen die de praktische begeleiding bieden, waren over het algemeen meer dan twee jaar werkloos. Wie geïnteresseerd is in dit werk, doorgaat een selectieprocedure. Belangrijk is dat ze veel levenservaring hebben en sociaal vaardig en reflectief zijn. De meeste buurtvrouwen zijn alleenstaande vrouwen met al wat levensbagage. Dit helpt hen in de klik met cliënten. De buurtmannen en – vrouwen krijgen voor maximaal twee jaar een betaalde baan voor 32 uur per week bij Stichting Buurt m/v. Doordat eigenlijk ongeschoold personeel op een complexe doelgroep komt, is wekelijkse intervisie essentieel. In totaal werken nu 88 mensen als buurtman en –vrouw voor circa 600 deelnemers.

De opbrengsten

“Uit de maatschappelijke kosten-batenanalyse blijkt dat 30 procent minder begeleiding door het FACT-team mogelijk is en cliënten drie maanden eerder naar huis kunnen”, vertelt El Garmouhi. “Ook de zorgverzekeraar is hierin natuurlijk geïnteresseerd. We kijken hoe we het project in de toekomst kunnen opschalen.”

Buurtvrouwen aan het woord

Shirley en Kiymet zijn buurvrouwen van het type aanpakkers. Shirley is een vrolijke dame die van grijs Nederlands weer houdt en heeft een achtergrond in de zorg. Kiymet is net zo bevlogen en was voorheen werkzaam als administratief juridisch medewerker. Ze kwam zonder baan te zitten toen ze moeder werd en van Den Haag naar Rotterdam verhuisde. Shirley en Kiymet vertellen met enthousiasme over hun werk waar ze via een re-integratie traject van hoorden.

“De meeste mensen die wij helpen zitten veel thuis, durven nauwelijks naar buiten, zijn angstig en onzeker. Het zijn bijvoorbeeld mensen met een psychiatrische aandoening of ex-verslaafden. Soms schamen ze zich en zijn ze bang dat ze nog steeds worden aangezien voor een junk. We proberen die onzekerheid weg te nemen, bijvoorbeeld door met hen mee te gaan naar de supermarkt”, vertelt Kiymet openhartig. Shirley: “Ook hebben veel deelnemers nooit iets aan hun financiën gedaan. Wij openen dan samen de brieven en nemen contact op met de bewindvoerder. We merken dat rust in de financiën belangrijk is. Dan dan pas krijgen ze ruimte in hun hoofd om aan andere zaken te werken.“

Voordoen – samendoen- zelf doen

De buurtvrouwen geven praktische ondersteuning en bieden een luisterend oor. Vanuit hun eigen levenservaring staan zij naast de bewoner. Ze werken volgens het principe voordoen – samen doen – zelf doen. Ze wonen in de buurt waar ze werken, dat is handig vanwege mobiliteit en bereikbaarheid. Zo kennen ze de wijk en de voorzieningen. Wat opvalt is de klik tussen buurtvrouw en deelnemer. Kiymet: “Vandaag was ik bij een meneer die ineens tegen me zei: ‘je bent heel vrolijk en positief. Dat geeft me echt energie. Dan ontstaan er allemaal ideeën. Dat heb ik niet met de zakelijke behandelaars en psychiaters.” Shirley en Kiymet benadrukken dat zij ook een andere rol hebben en daardoor anders worden gezien.

De buurtvrouwen hebben een caseload van gemiddeld vijftien personen, het hangt af van de Wmo- indicaties die de deelnemers hebben. “In verband met veiligheid en problematiek gaan we soms met twee personen naar een deelnemer toe, denk aan iemand met ernstige stemmingswisselingen. Voordat we aan dit werk begonnen, kregen we eerst een uitgebreide training over verschillende zorggebieden, waaronder depressiviteit en verslaving. Als er iets is kunnen we ook heel snel schakelen met de behandelaar.”

Succesmomenten

“Omdat we weten dat de terugvalkansen bij deze deelnemers groot zijn, kijken we als buurtvrouwen continue naar de behoefte van de deelnemer. Wat is een haalbare lat? Voor de ene deelnemer is voor het eerst de straat op een succesmoment, voor een ander is dat een betaalde baan”, zegt Kiymet.
Shirley: “Ik had een deelnemer die heroïneverslaafd was. Ze was moeilijk te activeren, verward en angstig in het begin. Ze durfde bijvoorbeeld niet naar de sportschool te gaan, terwijl ze dat wel wilde. Toen ben ik wekelijks met haar meegegaan. Ze nam dan ook de administratie mee. Bij een terugval belde ze haar dealer en direct daarna mij. Ik heb toen met haar op straat afgesproken en haar opgepept. Ze is nog steeds clean.”

Hannan
Hannan el Garmouhi