Contact

Annette Duivenvoorden

Annette Duivenvoorden

Projectleider

06 35 11 58 12

Magic Mix

De maatschappij wordt steeds flexibeler, maar de woningmarkt niet. Steeds meer mensen zoeken een plek op de gereguleerde sociale huurmarkt. Denk aan arbeidsmigranten, vergunninghouders, maar ook werkende jongeren en gescheiden mensen. Een deel van deze groep is gebaat bij tijdelijke tussenoplossingen.

Toevoeging aan het reguliere woningsysteem

Dit betekent een toevoeging aan het reguliere woonsysteem voor groepen die snel woonruimte nodig hebben, weinig kunnen betalen en beperkte eisen stellen. Bestaand zorgvastgoed kan daar een rol in vervullen, zo bleek uit de verkenning die Platform31 heeft uitgevoerd.

Overeenkomsten

Uit de verkenning bleek dat de bezettingsgraad van de onderzochte projecten hoog was: 90 procent of hoger, terwijl het verblijf van bewoners in het complex bijna altijd tijdelijk is. Dit varieert van een paar weken tot een paar jaar. Flexibiliteit en tijdelijkheid staan een hoge bezettingsgraad niet in de weg. Alle projecten combineren ‘dragende’ en ‘niet-dragende’ bewoners. Soms gebeurt dat ‘gespikkeld’ (per kamer), in andere projecten ‘geclusterd’ (per verdieping of per vleugel).

Zoeken naar juiste mengvorm

Uit het onderzoek komt niet duidelijk naar voren welke mix van doelgroepen het meest succesvol is. Wel blijkt dat het mixen van de doelgroepen studenten, GGZ-cliënten en scheidingsgevallen met diverse andere groepen, veruit het meest wordt toegepast. Het blijft zoeken naar een juiste mengvorm. Selectie aan de poort en een bepaalde mate van social engineering blijven daarbij noodzakelijk.

Tijdelijk is ook echt tijdelijk

In 2016 zijn de mogelijkheden rond tijdelijke huurcontracten vergroot. In de onderzochte casussen worden ook andere mogelijkheden ingezet. Zo wordt in de Short Stay Facility (SSF) in Dordrecht een regulier huurcontract ingezet zonder huurbescherming en krijgen de huurders in het complex Akker71 in Arnhem van de woningcorporatie het eerste jaar een fikse huurkorting. Soms zijn de woonomstandigheden dusdanig dat bewoners na een bepaalde periode uit eigen beweging doorstromen.

Labeling bepaalt acceptatie

De praktijkvoorbeelden laten zien dat koudwatervrees bij omwonenden vaak wordt weggenomen als blijkt dat het gaat om een mix van dragende en niet-dragende bewoners. Omwonenden lijken moeite te hebben met een specifieke_ labeling_ van een project, bijvoorbeeld vergunninghouders of arbeidsmigranten. Worden de tijdelijke woningen echter breed aangeboden (‘iedereen die wil!’), dan is hier geen protest tegen. Ook projecten die een directe meerwaarde leveren voor de buurt, worden beter ontvangen.

Beheer

Complexen met verschillende mensen uit kwetsbare groepen, die ook nog eens door elkaar wonen, hebben stevig beheer nodig. Dat blijkt uit alle onderzochte voorbeelden. Dit beheer moet van meet af aan goed worden geregeld. Een voorwaarde daarvoor is een centraal punt waar bewoners en waar omwonenden terecht kunnen voor vragen en die nodig is om overlast snel en kordaat aan te pakken.

Gemeente als matchmaker

Het rapport doet een concrete aanbeveling aan gemeenten: breng potentiële behoefte en aanbod in kaart en pak de rol op van matchmaker. Diverse partijen zitten met doelgroepen of met leeg vastgoed in hun maag. Gemeenten in met name overdrukgebieden zouden de handschoen op moeten pakken en als matchmaker op moeten treden.