Kennisdossier Omgevingswet

Omgevingsvisie: centraal instrument voor gemeenten

Nu al aan de slag met een omgevingsvisie

Gemeenten kunnen nu al een omgevingsvisie maken. Die vervangt de bestaande structuurvisie en andere strategische planfiguren (waterplan, milieubeleidsplan, verkeers- en vervoerplan en ruimtelijke aspecten van natuurvisie) en moet zorgen voor een integrale afweging. Een groenbeleidsplan of een cultuurhistorische visie zou bijvoorbeeld volledig onderdeel kunnen worden van de omgevingsvisie. Strategische keuzes worden gemaakt op het niveau van de omgevingsvisie. Het doel van de Omgevingswet is dat alle aspecten van de fysieke leefomgeving hierbij worden betrokken. Veel overheden zijn daarom al aan de slag met een omgevingsvisie. Meer algemene informatie is te vinden in het Informatieblad omgevingsvisie (pdf).

Voorbeelden en de lessen

Een omgevingsvisie blijkt een goed middel om nu voor te sorteren op de Omgevingswet. De omgevingsvisie vraagt immers om integraal naar opgaven te kijken die spelen in een bepaald gebied. Het blijkt hierdoor een goed middel om diverse beleidssectoren aan elkaar te verbinden, maar ook om relatief nieuwe thema’s als gezondheid, energietransitie of klimaatadaptatie aan de orde te stellen.
De maatschappij verandert: opgaven zijn complexer, meer maatwerk is gewenst en bewoners zijn mondiger. Uit de ervaringen tot nu toe, blijkt dat het opstellen van een omgevingsvisie een goed moment is om binnen een overheid te bepalen hoe op deze veranderingen ingespeeld kan worden. Denk hierbij aan participatie, de zelfredzaamheid van bewoners of de overheid als facilitator.
Diverse overheden zijn al aan de slag met het opstellen van een omgevingsvisie. Platform31 heeft tijdens twee praktijkbijeenkomsten aandacht besteed aan de omgevingsvisies van de regio Hart van Holland, Tilburg en Overijssel en die van Flevoland, Oirschot en Hillegom.

Voorbeelden G32

Ervaringen van vier gemeenten
Sittard-Geleen stelde de omgevingsvisie reeds vast. De gemeente zet het instrument in om haar doelen te bereiken. Zwolle bevindt zich in de beginfase en kiest voor een getrapte aanpak: een omgevingsvisie is omvangrijk en daardoor lastig om in één keer volledig integraal op te stellen. Friesland kiest ervoor om met provincie, gemeenten en waterschap gezamenlijk in één proces tot omgevingsvisies voor alle overheden te komen en daarbij in één proces alle relevante stakeholders te betrekken. Leiden stelt samen met negen andere gemeenten in de regio Hart van Holland één omgevingsvisie op en merkt daarbij dat dit een geschikt instrument is om bepaalde actuele thema’s te agenderen, zoals bereikbaarheid, energie en klimaat.
Deze vier gemeenten deelden de ervaringen tijdens een leerkring van de G32. Wilt u meer weten? Dit document (pdf) bundelt alle presentaties van deze bijeenkomst.

Pilots omgevingsvisie

In 2014 is gestart met een pilot voor het opstellen van omgevingsvisies. Verschillende individuele gemeenten, maar ook een provincie, een aantal samenwerkende gemeenten en verenigingen maakten onderdeel uit van de pilot. Over deze pilots zijn in de Eindrapportage Pilots omgevingsvisie (pdf) de ervaringen gebundeld. Hieruit blijkt dat werken in de geest van de Omgevingswet niet in korte tijd kan. Het is een lang traject van vallen en opstaan, maar ook van gewoon doen.

De pilot geeft aan dat een cultuurverandering nodig is: meer integraal werken en een andere werkwijze met meer participatie en co-creatie. Vertrouwen geven en verantwoordelijkheid nemen, sturen op zo min mogelijk sturing: termen die misschien makkelijk lijken, maar niet zo snel zijn gedaan. Dit vraagt om andere omgangsvormen, binnen een overheid, tussen overheden en tussen overheid en maatschappij.

Vanuit de pilot bestaat er weinig optimisme dat de verandering doorgevoerd wordt binnen enkele jaren. Binnen de pilot zijn ervaringen opgedaan met het continue werken aan draagvlak. Het proces is opgedeeld in kleine stapjes (de olievlek-methode). De gevolgen per stap evalueren, voordat een volgende stap wordt genomen (pad-afhankelijke beslissingen) lijkt goed te werken. Ook de methode waarin een omgevingsvisie-ligt wordt opgesteld voordat de volgende stappen worden genomen (opschalingsmethode) lijkt succesvol.

Een omgevingsvisie lijkt een goede kapstok om te beginnen met het integraal werken. Door te werken met integrerende thema’s, door problemen centraal te stellen, gebiedsgericht te werken en gemeenschappelijke kernwaarden en belangen te benoemen als ‘wenkend perspectief’, wordt integraal werken bevorderd. In 2017 is een tweede ronde pilots gestart.

Nationale Omgevingsvisie

Het Rijk werkt ook aan een Omgevingsvisie. Begin 2017 is hiervan de startnotitie verschenen. Deze startnotitie kan goed dienen als inspiratiebron voor andere partijen die aan de slag zijn of gaan met omgevingsvisies. In de startnotitie staan vier strategische opgaven centraal:

  • naar een duurzame en concurrerende economie;
  • naar een klimaatbestendige en klimaatneutrale samenleving;
  • naar een toekomstbestendige en bereikbare woon- en werkomgeving;
  • naar een waardevolle leefomgeving.

In de opmaat naar deze vier strategische opgaven, geeft de startnotitie van de Nationale Omgevingsvisie elf opgaven. Deze opgaven zijn meer sectoraal geformuleerd. Ook zijn een aantal trends en ontwikkelingen benoemd die invloed hebben op het toekomstige ruimtelijke beleid. De onderwerpen zijn wellicht enigszins abstract voor een gemeente of provincie, maar het geeft wel een goed overzicht van de thema’s die in een omgevingsvisie aan bod kunnen komen.

Aan de slag met de Omgevingswet

Platform31 laat aan de hand van goede voorbeelden zien hoe u nu al kunt werken met de Omgevingswet. Zo raakt u geïnspireerd om nu al aan de slag te gaan met de Omgevingswet.

Lees meer