Ontwikkelingen uitnodigen met flexibiliteit

Evaluatie experiment flexibele bestemmingsplannen

Auteurs Maarten Hoorn (Platform31), Karin Markerink (Rho adviseurs),
Armando Snijders (Tonnaer adviseurs)

In 2012 zijn zes gemeenten begonnen met het experiment flexibele bestemmingsplannen onder begeleiding van Platform31. Met dit experiment is het mogelijk om af te wijken van bepalingen uit de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening. De gedachte achter de flexibele bestemmingsplannen komt voor een groot deel overeen met het gedachtegoed van de nieuwe Omgevingswet: niet dichttimmeren van plannen, maar ruimte bieden voor ontwikkelingen, benutten van kansen, denken vanuit de initiatiefnemer en de burger, uitnodigen en faciliteren met een open en invulbaar eindbeeld in plaats van een blauwdruk. De resultaten uit de evaluatie zijn opgenomen in de publicatie “Ontwikkelingen uitnodigen met flexibiliteit”.

Experiment flexibele bestemmingsplannen

Het experiment ‘flexibele bestemmingsplannen’ maakt duidelijk dat er meer nodig is dan wettelijke bepalingen die flexibiliteit in plannen faciliteren. Het huidige stelsel biedt diverse opties voor flexibiliteit, maar deze worden vaak niet benut. De open houding die het ‘willen maken van een flexibel plan’ met zich meebrengt is cruciaal. Onder de nieuwe Omgevingswet zal dat niet anders zijn, blijkt uit onderzoek naar de eerste resultaten. Een flexibel bestemmingsplan betekent ook niet dat een gebied zich vanzelf ontwikkelt. Het is slechts een middel. Het faciliteren én verzilveren van ontwikkelingen blijft hard werken: verbindingen leggen, kansen benutten.

Open houding

Flexibiliteit werkt, maar met name vanwege de open houding die het willen maken van een flexibel plan met zich meebrengt. Voor een beheersgebied kan een flexibel plan zorgen voor minder afwijkingsregels. Voor een ontwikkelingsgebied is het de vraag of je een plan flexibel genoeg kunt maken. Ontwikkelingen duren vaak lang en je weet van te voren niet precies hoe de wereld er over een aantal jaar uitziet. De Omgevingswet probeert hierop in te spelen.

Meer informatie

Voor meer informatie kunt
u contact opnemen met: