Flexibele bestemmingsplannen stimuleren gebiedsontwikkeling

Met het toepassen van flexibele bestemmingsplannen blijft de rechtszekerheid voor burgers op peil en kunnen gemeenten de regierol behouden. Dat blijkt uit het ‘Onderzoek flexibele bestemmingsplannen’.

Dit maakt de weg vrij voor een reeks innovatieve experimenten met flexibele bestemmingsplannen die de stagnerende gebiedsontwikkeling kunnen stimuleren.

Partijen werken samen vanaf de start

Flexibele bestemmingsplannen gaan uit van samenwerking tussen partijen vanaf de start in plaats van een tijdrovend inspraaktraject achteraf. Daardoor zijn veranderingen in de loop van de jaren gemakkelijker te realiseren. Huidige problemen door crisis en krimp zoals het overschot aan ontwikkelgronden, leegstand, het vastzitten van de woningmarkt en de moeizame omslag naar duurzaam ontwikkelen, vragen om nieuwe oplossingen voor gebiedsontwikkeling. Flexibele bestemmingsplannen kunnen hieraan bijdragen.

Kansen en risico’s

Platform31 onderzocht de kansen en risico’s bij het toepassen van flexibele bestemmingsplannen in het ‘Onderzoek flexibele bestemmingsplannen’. Het onderzoek bevat concrete ideeën en aanbevelingen die laten zien hoe een bestemmingsplan flexibeler kan worden opgesteld. BügelHajema Adviseurs voerde het onderzoek uit.

Experimenten van start

De ministerraad en de Tweede Kamer stemden al eerder in met het benoemen van bovengenoemde experimenten onder de Crisis- en herstelwet. Het gaat om experimenten in de gemeenten Amsterdam, Beuningen, Den Helder, Maastricht, Overbetuwe en Tynaarlo. De verwachting is dat de Raad van State binnenkort een definitief akkoord geeft.