Immigratie als win-win-situatie?

In verschillende delen van West-Europa is demografische krimp vandaag de dag een ‘hot topic’. In Nederland is dat het geval voor de regio’s die het verst gelegen zijn van de Randstad: Limburg, Zeeland en Groningen. Ook buiten Europa zijn er regio’s die fors krimpen of evengoed fors groeien. Vanwege de betere vooruitzichten die ze bieden voor veel individuen zijn landen in West-Europa een sterke magneet voor immigratie. Zo is immigratie één van de potentiële oplossingen en tegelijkertijd één van de uitdagingen voor krimp in West-Europa.

Eén van de thema’s die veel publieke en politieke aandacht kreeg sinds de recente migratiestroom dit jaar, is die van (nationale) identiteit. Behalve de economische gevolgen van het verwelkomen van immigranten, blijkt er angst te bestaan voor de langetermijngevolgen van de komst van mensen met een achtergrond die sterk verschilt van de nationale of Europese identiteit.

Wat zijn binnen dit thema de vragen die onderzoek vergen? Vanuit een filosofisch perspectief wijdde de NRC een bijlage aan de vraag: ‘wie is wij?’. Hoe ontstaat sociale identiteit en waar leggen we de grens als we ‘wij’ van ‘de anderen’ onderscheiden? Met mijn promotieonderzoek zou ik een pragmatischer perspectief willen nemen: hoe kan het welzijn van etnisch gemengde gemeenschappen verbeteren, zodat we optimaal gebruik maken van wat we al hebben? Mijn veronderstelling is dat sociale identiteit en de banden met verschillende groepen daarin een belangrijke rol spelen.

Enerzijds kunnen immigranten gezien worden in competitie met lokale arbeidskrachten. Echter, immigratie kan een win-win-situatie opleveren voor de ontvangende samenleving als we efficiënte methodes gebruiken om de kennis en vaardigheden van de migranten te matchen met de arbeidsmarktbehoeftes van het bestemmingsland. Bovendien kan het hebben van een baan positieve ‘spillovers’ hebben op andere vlakken, zoals integratie van sociale normen. Dit is een belangrijk thema: er is wetenschappelijk bewijs dat in publieke goederen, zoals onderwijs of infrastructuur, in het algemeen minder wordt geïnvesteerd in etnisch gevarieerde gemeenschappen dan in etnisch homogene gemeenschappen. Zou betere integratie op het vlak van sociale normen en arbeidsparticipatie dan tot een hoger welzijnsniveau in deze etnisch heterogene samenlevingen kunnen leiden? Over drie jaar verwacht ik een langer stuk te kunnen schrijven, dat meer inzicht biedt in deze vraagstukken.

Maria Polipciuc
Research Centre for Education and the Labour Market (ROA), Maastricht University

Kennisagenda

Deze blog verscheen eerder op vanmeernaarbeter.nl en maakt deel uit van een serie blogs van onderzoekers die hun kennis delen in de Kennisagenda 2014 van Kennisplatform Demografische Transitie.