Wordt 2015 het jaar van de wooncoöperatie?

Tineke Lupi, Platform31

Op 11 december 2014 heeft de Tweede Kamer het voorstel voor herziening van de woningwet aangenomen met als onderdeel de wettelijke verankering van de wooncoöperatie. Hiermee komt een voorlopig einde aan een turbulent jaar dat begon met het debat over het woonakkoord in de Eerste Kamer op 17 december 2013. Meerderheid van stemmen werd toen pas verkregen nadat minister Blok voor Wonen aan Adri Duivesteijn de toezegging deed met een uitwerking van de wooncoöperatie te komen. De senator had kort daarvoor een pleidooi voor dit concept als nieuwe vorm tussen koop en huur gepubliceerd.

van der perk buurt amsterdam

Coöperatief wonen wettelijk verankerd

Weinigen zagen dit als een belangrijke politieke overwinning of begrepen überhaupt wat een wooncoöperatie inhoudt. Toch kunnen we na een jaar constateren dat het een katalysator is geweest van een proces dat al langer op de achtergrond aan de gang was. Vanuit verschillende organisaties liepen verkenningen en initiatieven rondom coöperatief wonen. Door de actie van Adri Duivesteijn krijgen ze nu een basis in de woningwet.

Concreet omschrijft het wetsvoorstel de wooncoöperatie als een vereniging met
als doel om haar leden in staat te stellen zelfstandig te voorzien in het beheer en onderhoud van door hen bewoonde woongelegenheden. In principe zijn dit (minimaal vijf) huurwoningen dit thans of in het recente verleden in het bezit waren van een woningcorporatie, kortom voor mensen met lage inkomens. Wanneer deze een wooncoöperatie willen oprichten moeten ze met een gedegen plan komen over hoe ze de woningen willen verwerven, op welke wijze ze met onderhoud zullen omgaan en wat er gebeurt bij geschillen of betalingsproblemen. Hier krijgen ze, na indiening van het verzoek, zes maanden de tijd voor en gedurende de periode mogen de betreffende woningen door de corporatie niet worden verkocht.

Rol van woningcorporaties

Wooncoöperaties worden uiteindelijk geen Toegelaten Instellingen, zoals woningcorporaties, en hebben daarmee minder zware rechten en plichten. De bestaande woningcorporaties krijgen wel de taak om diensten te verlenen aan wooncoöperaties die uit hun bezit zijn ontstaan. Zo mogen ze verzoeken van huurdersgroepen niet weigeren en moeten ze 5000 euro beschikbaar stellen voor het maken van een coöperatieplan. Na oprichting komt daar nog eens een bedrag
bij waarmee de eerste vijf jaar in onderhoud voorzien kan worden. Nadien kunnen corporaties voor beheer en onderhoud leningen verstrekken aan leden van wooncoöperaties.

Kapstok voor initiatieven

De zogenaamde novelle op de Herzieningswet, waar de wooncoöperatie onderdeel van is, moet nog door de Eerste Kamer worden aangenomen. De verwachting is niet dat hier grote obstakels zullen opkomen, wat betekent dat op 1 juli 2015 het coöperatief wonen in Nederland bij wet is geregeld. Dit wil niet zeggen dat vandaag of morgen massaal wooncoöperaties zullen verrijzen. De wettelijke verankering biedt vooral een kapstok voor initiatieven die zich een voor een zullen ontwikkelen.

Zeker, een groep koplopers staat al te trappelen. Duidelijk is dat de toevoeging in de wet hen een steuntje in de rug geeft, maar ze er daarmee nog niet zijn. Het is namelijk nu ook al mogelijk om een wooncoöperatie op te richten, sterker nog Nederland kent enkele al lang bestaande voorbeelden. Waar nieuwe initiatieven steevast tegen aanlopen, is het gebrek aan financiële regelingen, juridische en fiscale kaders, organisatiemodellen en beheersconstructies. Dit leidt ertoe dat projecten elk met hun eigen creatieve en soms tamelijk ingewikkelde constructie komen.

Wil het coöperatief wonen echt de vlucht nemen die leidt tot vernieuwing in het Nederlandse woonstelsel, dan dient niet alleen de wettelijke basis, maar ook meer institutionele verankering geregeld te worden. Dit begint bij het ondersteunen van prille wooncoöperaties, zoals andere burgerinitiatieven of projecten van collectief particulier opdrachtgeverschap in Nederland.

Naast pionieren in de praktijk is het ontwerpen en ontwikkelen van algemene arrangementen nodig, zoals businesscases, financiële proposities en bedrijfsmodellen waar banken graag op inspringen. De tijd is rijp om deze stimulans in te zetten. Het afgelopen jaar zijn de geesten rijp gemaakt en plannen gesmeed. Nu is het zaak de vruchten hiervan te plukken. Met enig geluk wordt 2015 dan het jaar van de wooncoöperatie.