Voorzitter Groene Huisvesters luidt noodklok: label B in 2020 onhaalbaar

Interview met Bert Wijbenga, bestuursvoorzitter van Woonbron en voorzitter van De Groene Huisvesters. Met bijgaand ook reacties van minister Blok, de Woonbond en Stadlander.

Om de burger te beschermen tegen klimaatverandering en om de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren, worden woningen steeds energiezuiniger gemaakt. De EPC (Energie Prestatie Coëfficiënt) voor nieuwbouw bedraagt nog maar 0,4. In het SER-Energieakkoord staat dat de corporatievoorraad van 2,2 miljoen woningen in 2020 gemiddeld label B moet hebben. “Dat gaan we niet halen”, voorspelt Bert Wijbenga van Woonbron en voorzitter van De Groene Huisvesters. Hij luidt de noodklok: “De context is sinds het tekenen van het SER-Energieakkoord dermate veranderd dat de gewenste verduurzaming niet realistisch is. En dat is jammer, want verduurzaming van de woningvoorraad is erg belangrijk."

Waarom vindt u verduurzaming belangrijk?

“Woonbron had een ambitieus duurzaamheidsprogramma toen ik daar in 2011 begon. Na een jaar werd ik gevraagd om voorzitter te worden van De Groene Huisvesters, een groep van 21 corporaties die graag voorloper willen zijn bij de verduurzaming van de woningvoorraad. Ik heb hier enthousiast ‘ja’ tegen gezegd omdat ik de verduurzaming van de corporatiewoningen erg belangrijk vind. Een duurzame woning zorgt voor minder energielasten, is comfortabeler en biedt meer kwaliteit. Daarnaast is verduurzaming belangrijk voor de beperking van de CO2-uitstoot.

Wat zijn uw ervaringen de afgelopen drie jaar?

Vanuit mijn rol binnen De Groene Huisvesters heb ik mij verdiept in de vraag hoe we het beste kunnen investeren in het verduurzamen van het bestaande vastgoed en kunnen zorgen dat we naar gemiddeld label B in 2020 gaan. Na drie jaar maak ik de balans op. En deze is helaas negatief.”

Hoe bedoelt u?

“Wat er ook gezegd wordt, er is op dit moment geen rendabele businesscase te maken rondom energiebesparing en die gaat er voorlopig ook niet komen. De opbrengsten wegen niet op tegen de kosten die de investering met zich meebrengt. De gedachte dat de kosten substantieel gaan dalen is echt wensdenken. Ik ben nu drie jaar met dit thema bezig en zie geen enkele trend die kant op. Sterker nog, de kosten zullen met het aantrekken van de bouw juist gaan stijgen. Dat de businesscase niet geheel rendabel is, is op zich niet zo erg, mits de corporatiesector voldoende financiële buffer heeft om dit te kunnen opvangen. Een paar jaar geleden was dit ook zo. De context is echter veranderd. De belangrijkste reden hiervoor is de verhuurdersheffing. Er wordt 1,6 miljard uit de sector getrokken die niet meer benut kan worden voor energiebesparing. Maar ook het huurakkoord en passendheidstoets spelen een rol. Hierdoor gaat de verdiencapaciteit nog verder achteruit. Doordat energieprestaties – en daarmee woonlasten – geen rol spelen bij het passend toewijzen, komen de kosten bij de corporatie te liggen en de baten bij de bewoners (minder energielasten) en het Rijk (CO2-reductie).”

Er is toch uitgerekend dat het allemaal kan?

“Uit onderzoek van de Autoriteit Woningcorporaties blijkt dat de sector als geheel de beleidswijzigingen kan dragen maar dat individuele corporaties risico’s lopen. De benodigde kosten om de woningvoorraad in 2020 naar gemiddeld label B te krijgen, zijn bovendien niet in het onderzoek meegenomen. Sterker nog, de autoriteit geeft als onzekere factor aan dat het onduidelijk is in hoeverre met de geraamde onderhoudsinspanningen en de programmering de DAEB-portefeuille kwalitatief voldoende op peil kan blijven. Over het verbeteren van duurzaamheidsmaatregelen hebben ze het niet eens.”Ook verduurzaming via grootschalig benutten van restwarmte, blijkt alleen mogelijk door toevoeging van publiek geld, zoals bij het gasnet is gebeurd."

Biedt de EnergiePrestatieVergoeding (EPV) geen oplossing?

“Ook bij NOM-renovaties (Nul-op-de-Meter) pakt de businesscase negatief uit. De bouwkosten zijn nog ver verwijderd van de geprognosticeerde 45.000 euro. Het is bovendien maar de vraag of je bewoners moet vastpinnen op een EPV die 30 jaar doorloopt. Zeker in een periode waarin de energieprijzen dalen en waarin de techniek enorm snel gaat. Maar zelfs als de Stroomversnelling een succes wordt en er 100.000 woningen naar NOM worden gerenoveerd zijn we nog ver verwijderd van de doelstellingen uit het Energieakkoord. Op een totaal van 2,2 miljoen corporatiewoningen gaat dit onvoldoende verschil maken.”

Wat moet er volgens u gebeuren?

Het eerlijke verhaal moet op tafel komen. En hierover moeten we het debat aangaan. Het voelt nu als het sprookje van de kleren van de keizer, waarin iedereen roept dat de keizer mooie kleding aan heeft, terwijl hij naakt is. Wij doen nu hetzelfde. We houden elkaar voor de gek door gemiddeld label B als doel te blijven volhouden, door NOM als panacee uit te dragen, door restwarmte te propageren zonder publiek geld. Als we nu zien dat we doelstellingen niet gaan halen, moeten we hierover ook nu het gesprek voeren. Duurzaamheid is belangrijk, heel belangrijk. Met de huidige financiële gegevens van zowel kosten als verdienmogelijkheden gaan we grote stappen in verduurzaming echter niet voor elkaar krijgen. Er moet fors geld bij, of we moeten met z’n allen accepteren dat de gebouwde omgeving maar heel langzaam energiezuiniger wordt.


Meer informatie


Anouk Corel

06 83 17 14 95 – anouk.corel@platform31.nl