Verbinden maatschappelijke opgaven aan leefomgeving: samenhang ruimte en gezondheid

Door Annette Duivenvoorden en Maarten Hoorn

De leefomgeving zo inrichten om maatschappelijke opgaven, zoals gezondheidsachterstanden, vergrijzing en het langer thuis wonen, beter het hoofd te bieden. Dit zijn logische opgaven voor gemeenten, zeker na de decentralisaties in het sociaal domein met meer verantwoordelijkheden voor gemeenten. De Omgevingswet biedt openingen door gezondheid centraal te stellen. RIVM, Pharos en Platform31 (Gezond in…) ontwikkelden hiervoor de gemeentelijke leerkring gezondheid en ruimte. Hoe gezondheid te stimuleren en de verschillen in gezondheidskansen terug te dringen door ruimtelijk anders te handelen? Veertien gemeenten zoeken samenhang tussen deze domeinen en ontwikkelen hiervoor een tussentaal om de meerwaarde ervan concreet te maken.

Geworteld

Gerwin Gabry, KuiperCompagnons en expert in visieontwikkeling voor de Omgevingswet, stelt in de leerkringbijeenkomst de metafoor van de boom centraal. De fysieke leefomgeving is geworteld in de maatschappij. De bovengrondse ‘zichtbare’ ruimtelijke inrichting wordt ‘ondergronds’ gedragen door de samenleving – maatschappelijke betrokkenheid, sociale cohesie, leefbaarheid. Er is een wisselwerking tussen takken en wortels. De programmering van de leefomgeving hoort daarom hier op in te spelen. Waar het uiteenloopt of niet aansluit, ontbreekt draagvlak voor voorzieningen en blijft het onbenut.
In de omgevingsvisie is meer winst te behalen bij het invullen van de programmering. Hiervoor moeten sociaal, gezondheid en ruimtelijk domein met elkaar aan de slag. Zeker nu de transformatie van bestaande leefomgeving van groter belang wordt.

Er is een logisch en volgtijdelijk stappenplan voor het ontwikkelen van een visie voor de Omgevingswet, aldus Gabry:

  1. start met het benoemen van kernwaarden en kwaliteiten,
  2. maak een gebiedsindeling,
  3. bepaal per gebied de omgevingswaarden,
  4. prioriteren van de omgevingswaarden,
  5. wensbeeld vastleggen in integraal afwegingskader,
  6. uitvoeringsparagraaf: realiseren van de omgevingswaarden.

Er zijn richtlijnen ontwikkeld voor wensbeelden van kwaliteit van lucht, water en bodem, maar hoe kan in het afwegingskader welbevinden, ontmoeten en gebruik een plek krijgen, stellen de gemeenten. Hoe krijgt de behoefte vanuit de samenleving – van het alledaagse – een plek. Platform31, Pharos en RIVM werken hiervoor aan een toolkit (zie kader).

Schakelen tussen maatschappelijke opgaven

‘Zoek gericht naar issues die lokaal spelen en naar de agenda’s die aanknopingspunten bieden. Het draait ‘simpelweg’ om een open houding en elkaar weten te vinden, aldus de leerkring. Schiedam bijvoorbeeld, heeft het sociaal economisch ‘stijgen’ van mens en stad als visie. Daar zijn verschillende programma’s van de gemeente op ingericht. Het is van belang om regelmatig de resultaten van de programma’s naast elkaar te leggen, en vast te stellen waar men samen op verder kan werken. Toch is men geneigd om verkokerd te werken, aldus de gemeente. Het blijft zaak om met een open vizier te kijken en innovatie en programma/functies toe te voegen, waarmee je het gebied activeert. Zoek daarom naar ‘meekoppelkansen‘ en vorm allianties met stakeholders. Ken elkaar en maak slim gebruik maken van de programma’s, projecten en partijen die actief zijn in het gebied.

In Leiden staat de energietransitie stevig op de agenda en binnen deze opgave zou een verbinding moeten worden gezicht met het tegengaan van gezondheidsachterstanden.
Nijmegen als Green Capital 2018, vormt de aanleiding voor een stevigere interne samenwerking tussen groen, ruimte en gezondheid. Het domein maatschappelijke ontwikkeling biedt programma voor milieu en groen in de vorm van spel en beweging. Deze invulling biedt de maatschappelijke functies meerwaarde voor de betere luchtkwaliteit en groenstructuur. Vanuit de Green Capital gedachte ontstaat ook steeds meer het besef dat het maken van de omgevingsvisie een gezamenlijke opgave moet zijn.

Shared spaces

Nog maar al te vaak werken de domeinen ruimte en gezondheid op een ad hoc basis samen, benoemen de gemeenten. De Omgevingswet biedt kansen om deze meer structureel van aard te maken. De start ligt bij het visieniveau. De ruimtelijke inrichting moet veel meer een gedeelde of gezamenlijke opgave worden, waarbij sociaal en gezondheid aan ruimte programma biedt. Gebiedsgericht werken en de mens centraal stellen, werkt hierbij inspirerend. Ook kan de vraag gesteld worden: Wat doet ruimte voor het sociaal domein? Of, wat draagt het meest bij aan het welbevinden van bewoners? Dit kan leiden tot verrassende combinaties – van ontmoetingsfuncties tot shared spaces. Het start bij een goede analyse van gebied, gebruikersgroepen en stakeholders. Hiermee zijn aanknopingspunten te vinden om ruimte en gezondheid te verbinden. De leerkring benoemt openbare ruimte, infrastructuur en ‘participatie’ als kansrijk voor ontmoeten, bewegen en slimme combinaties in programmering, zoals verbinding van stadslandbouw en voedselbank of groen beheer door dagbesteding.

Toolkit

Platform31, Pharos (Gezond in…) en RIVM werken aan een toolkit met gebundelde kennis en concrete handvatten voor het verbinden van gezondheid en ruimte. Het gaat om ruimtelijke inrichtingsprincipes, de manieren waarop deze bijdragen aan gezondheid en de daarbij behorende aandachtspunten. De toolkit benadert het thema vanuit meerdere invalshoeken te benaderen: vanuit planningsprincipes, gebiedskenmerken en gezondheidsaspecten

Leerkring gezondheid en ruimte

De leerkring gezondheid en ruimte die Gezond in… (Platform31, Pharos en het RIVM) omvat 4 bijeenkomsten waar we samen met 15 gemeenten en 2 GGD-en, zoeken naar concrete handvatten. In het dossier houden we u op de hoogte over de resultaten. Wilt u meedoen aan een tweede editie of meer informatie?

Annette Duivenvoorden

Annette Duivenvoorden

Projectleider

06 35 11 58 12

Maarten Hoorn

Maarten Hoorn

Projectleider

06 1015 6708