Tijdelijke woonunits, steeds vaker de oplossing voor vergunninghouders

Gemeenten krijgen halfjaarlijks een taakstelling opgelegd om vergunninghouders te huisvesten, maar het blijft voor veel gemeenten een uitdaging om deze te realiseren. De aantallen zijn hoog, en lang niet alle woningen die vrijkomen zijn geschikt voor vergunninghouders. Gemeenten lopen tegen verschillende vraagstukken aan. Eén van de grote uitdagingen is de huisvesting van de groeiende groep alleenwonenden.

Veel eenpersoonshuishoudens

De woningvoorraad in Nederland is niet berekend op zoveel eenpersoonshuishoudens. Niet alleen woont een groot deel van de erkende asielzoekers alleen (soms in afwachting van hun gezin), maar de meeste andere spoedzoekers ook. Hun aantal groeit in vergelijking met gezinnen. Veel reguliere woningen van corporaties zijn echter eengezinswoningen, vooral buiten de grote steden.. Gemeenten en woningcorporaties staan voor de uitdaging de alleenstaande spoedzoekers te huisvesten in een woningvoorraad die daarvoor minder geschikt is. En die je bovendien ook niet snel kunt veranderen. Daarom zijn andere oplossingen nodig.

Transformatie

Begin vorig jaar toen de taakstelling omhoog schoot, werd de oplossing vooral gezocht in (permanente of ook tijdelijke) transformatie van leegstaande kantoorpanden. Dit bleek een oplossing die weliswaar feitelijk minder obstakels kent dan vaak gedacht (juridisch, planologisch, bouwtechnisch en zelfs financieel), maar die toch de nodige voeten in de aarde kent. De eigenaar – vaak niet de gemeente of corporatie – moet instemmen, een tijdelijke ontheffing op het bestemmingsplan is nodig, een verbouwing moet plaatsvinden en daarbij speelt de vraag wie deze financiert. In Nederland zijn tientallen panden getransformeerd, maar voor veel andere (kantoor)panden geldt dat zij niet op de juiste plek staan, bijvoorbeeld naast een snelweg, of dat de transformatie om andere redenen niet op gang komt.

Leegstaande verzorghuizen

Het transformeren van verzorghuizen vindt steeds vaker plaats. Steeds vaker worden (delen van ) leegstaande verzorghuizen getransformeerd tot woonruimten. Deze worden veelal kamergewijs verhuurd aan alleengaanden. Zij hebben ieder een eigen kamer en delen voorzieningen als keuken, douche en woonkamer. Als het gaat om transformatie worden ook allerlei andere panden ingezet zoals leegstaande schoolgebouwen, huisartsenpraktijken, winkelruimtes of pastories. In enkele gemeenten worden grotere eengezinswoningen of appartementen geschikt gemaakt voor bewoning door drie of vier alleenstaanden.

Tijdelijke woonunits

Steeds vaker zien we dat gemeenten en woningcorporaties er bewust voor kiezen om tijdelijke woonunits te gebruiken. Hiermee wordt de woningvoorraad uitgebreid, beschikt de toekomstige bewoner over eigen sanitair en kunnen de woningen relatief makkelijk verplaatst worden als de vraag verdwijnt. Gemeenten of corporaties leasen of (vaker) kopen de woonunits en plaatsen ze, met een tijdelijke ontheffing op het bestemmingsplan, op een leeg stuk grond van de gemeente of van de corporatie. Vaak zorgt de corporatie voor de woonunits en de gemeente regelt de buitenruimte.

Steeds betere kwaliteit

De kwaliteit van de woonunits is aanzienlijk verbeterd. Vele architecten bedachten, onder andere gestimuleerd door een wedstrijd van het COA, goede woonunits. Ze zijn veelal van alle gemakken voorzien en onderhoudsvriendelijk. Kortom, inmiddels is de tijdelijke woonunit alles behalve een container en biedt het voor steeds meer gemeenten een oplossing op het huisvesten van vergunninghouders en andere eenpersoonshuishoudens die snel woonruimte zoeken.

Meer informatie

Op de website van Platform Opnieuw Thuis en in het Platform31 kennisdossier zijn meerdere voorbeelden uitgewerkt van gemeenten die kozen voor tijdelijke woonunits.

Lees hoe enkele gemeenten woonunits gebruiken: