Omgevingsplan krijgt bruidsschat mee

Verslag van de G32-leerkring Omgevingswet - 2 november 2017

Als in 2021 de Omgevingswet wordt ingevoerd, zijn alle bestemmingsplannen in één klap een omgevingsplan van rechtswege. Gemeenten hebben vervolgens nog tot 2029 de tijd om van dat document een echt omgevingsplan te maken, zoals de Omgevingswet verwacht. Dus één plan voor het hele grondgebied waarin alle regels voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving samen komen. Om te voorkomen dat in de tussentijd een gat ontstaat door regelgeving die wegvalt, werkt het rijk aan overgangsrecht: de bruidsschat voor het omgevingsplan (zie ook het kader).

Op dit moment is het ontwikkelen van de bruidsschat volop gaande. Dat gebeurt, sinds de kabinetsbenoeming, onder verantwoordelijkheid van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). De werkgroep die hiermee bezig is, is begonnen met het in kaart brengen van de reikwijdte van het omgevingsrecht: welke regels vervallen straks en moet een bruidsschat worden gemaakt? Dat onderzoek is nagenoeg afgerond.

Nu liggen vragen voor over de vormgeving van de bruidsschat. Landt die straks juridisch in het omgevingsplan van rechtswege of in het omgevingsplan als bedoeld in de Omgevingswet? En zijn (onderdelen) uit het overgangsrecht tijdelijk of permanent van aard? Als een deel van de bruidsschat landt in het omgevingsplan van rechtswege, omdat dit deel in overeenstemming moet worden gebracht met de regels bij of krachtens de Omgevingswet, dan zal dit onderdeel van de bruidsschat moeten worden overgeheveld naar het omgevingsplan (niet zijnde het omgevingsplan van rechtswege). Het omgevingsplan van rechtswege kan stap voor stap worden omgevormd naar een omgevingsplan als bedoeld in de Omgevingswet. Dat kan bijvoorbeeld per thema of per locatie.

De G32-themagroep Omgevingswet hield in november een leerkringbijeenkomst over het omgevingsplan, waar Annette Zebel-Vaudo (ministerie van BZK) een presentatie gaf over de bruidsschat. Vanuit de themagroep klinkt de suggestie om het overgangsrecht bij het omgevingsplan te combineren met een nog op te stellen staalkaart en op deze wijze gemeenten een idee te geven van de wijze waarop de bruidsschat in het omgevingsplan landt. De behoefte daaraan is naar verwachting groot. De transitie naar het nieuwe omgevingsrecht vraagt veel kennis en expertise van zowel ambtenaren, collegeleden als gemeenteraadsleden. Kennisoverdracht is volgens de G32-themagroep dan ook een belangrijk aandachtspunt.

Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte

Een ander onderwerp waar het ministerie zich over buigt is het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte. De Crisis- en Herstelwet biedt met dit instrument de mogelijkheid om nu al aanvullende onderwerpen op te nemen in een bestemmingsplan. Het ministerie analyseert de komende tijd dit instrument en haalt vragen en ideeën op bij de gebruikers ervan. Daaruit moet duidelijk worden hoe dit instrument straks een plek krijgt in de Invoeringswet.

De gemeente Zaanstad gebruikt het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte om de gebiedsontwikkeling mogelijk te maken in Hembrug, een voormalig militair industrieterrein. Volgens bestemmingsplanjurist Jerry Peeters is het instrument daarvoor zeer geschikt, omdat het een stapsgewijze ontwikkeling mogelijk maakt, zonder dat nu al is vastgelegd hoe Hembrug er straks precies komt uit te zien. Het bijzondere terrein bestaat uit zowel verwaarloosde panden als rijksmonumenten en het enige bos dat Zaanstad rijk is. ‘De passie voor dit unieke gebied maakt, als je niet oppast, dat er een heel conserverend bestemmingsplan ontstaat. We moeten een balans vinden tussen kwaliteit en kracht van het gebied behouden en ook ruimte voor ontwikkeling te bieden. Een middenweg tussen alles voorschrijven en alles loslaten.’ Naast het checken van de juridische en praktische uitvoerbaarheid van ontwikkelingen, is ook de monitoring belangrijk bij deze systematiek. Hoe ontwikkelt de bedrijvigheid en de woningbouw zich? Wanneer is het nodig de verkeerssituatie daarop aan te passen? Zorgen integrale afwegingen nog voor een goede kwaliteit van de leefomgeving?

Gezondheid in het omgevingsplan

Gemeente Amersfoort koos voor een andere manier om te oefenen met het bestemmingsplan verbrede reikwijdte. In de wijken Amersfoort Zuid en Kattenbroek is het bestemmingsplan – conserverend – geactualiseerd in de geest van de Omgevingswet. Dat betekent bijvoorbeeld deregulering, het verwerken van regels uit verordeningen en beleidsregels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving in het plan en zorgen voor een digitale voorziening, maar ook aandacht voor participatie en gezondheid. Rond dat laatste thema, vertelt jurist Selma Eigenhuis, formeerde Amersfoort een integrale werkgroep. Milieudeskundigen en planologen bogen zich samen met medewerkers van GGD en RUD over een bruikbare definitie van gezondheid en inventariseerde hoe het onderwerp al is verweven in gemeentelijk beleid. Ze verzamelden gegevens om inzicht te krijgen in de huidige gezondheidssituatie per wijk, door onder andere gebruik te maken van de Gelderse Gezondheidswijzer. Daarmee konden ze vervolgens de knelpunten en mogelijke oplossingen in kaart brengen. In de ene wijk kan dat meer ruimte voor groen en bewegen zijn. In een andere wijk gaat het om verminderen van wateroverlast of fijnstof. Een belangrijk winstpunt van de pilot, volgens Selma Eigenhuis: ‘We hebben gezondheid met veel mensen opgepakt, die elkaar nog niet kenden, maar het onderwerp samen wel verder kunnen helpen en concretiseren op planniveau. Daarin ontstond een mooie dynamiek.’

Amersfoort maakte ook een overzicht van verordeningen en beleidsregels die in het omgevingsplan moeten worden opgenomen. In onderstaande presentatie is te zien welke twaalf (van circa 60 documenten) dat zijn.

Meer informatie