Luister, praat en kom op voor zaken die er toe doen

Karakus in de wijk

Ook dit jaar noemde Koning Willem-Alexander het belang van maatschappelijke samenhang in zijn troonrede. “Een verbonden samenleving is een gedeelde verantwoordelijkheid en een permanente opdracht waarin gezinnen, scholen, verenigingen, kortom wij allen, een eigen en belangrijke rol hebben.” Een terechte opmerking, want de praktijk laat nog altijd zien dat afstand tussen groepen mensen in onze samenleving groeit. Dit uit zich in verschillen in inkomen, opleiding en kansen op werk. Nog steeds blijkt het lastig om bruggen te slaan tussen bevolkingsgroepen. Maar te grote ongelijkheid schaadt de economische vitaliteit in steden. Om dat te voorkomen richten gemeenten hun pijlen op het bevorderen van sociale cohesie en een beter veiligheidsbeleid. En opvallend genoeg begint dit vaak met een goed gesprek. Tussen groepen onderling en met bestuurders. Landelijk, regionaal en in de wijk.

Het belang van een goed gesprek zie ik dagelijks in mijn eigen stad, in de Turkse -Nederlandse gemeenschap waarvan ik zelf onderdeel uitmaak. Een gemeenschap die door jarenlange twisten en meningsverschillen is verbrokkeld en verscheurd. Links tegen rechts, de moskeeëndiscussie, Alawieten en Soennieten, de Koerden, wat er in Irak en Syrië gebeurt; het veroorzaakt allemaal wrijving en spanning onder Turken, ook in Nederland.

Spanningen die resulteren in strenge scheidslijnen en in generaties van mensen die vooral met zichzelf bezig zijn en een hekel aan de ander hebben zonder te begrijpen waarom. Dat is ongelofelijk schadelijk voor het individu en desastreus voor de onderlinge interactie en de plaats van de Turken in de Nederlandse maatschappij. Die pikt al die negativiteit op en ervaart de laatste jaren ‘de’ Turkse gemeenschap steeds meer als een probleem. Hoewel de huidige Turks-Nederlandse jongeren een mening hebben en kritisch nadenken, kent ook deze generatie helaas onderlinge strijd en hoogoplopende emoties. Tot vervelens toe moeten zij zich verantwoorden voor wie ze zijn en waar ze voor staan. Jongeren die hun democratische rechten begrijpen en benutten worden op deze manier negatief weggezet. De vraag bij een sollicitatie of je een Erdogan-aanhanger bent, is geen uitzondering meer. Mensen in een hoek wegzetten omdat ze Turks zijn of ergens kritiek op hebben, is onrechtvaardig en frustrerend.

Alle begrip voor frustratie en boosheid ten spijt, ik zou de huidige generatie op het hart willen drukken: luister, praat en kom op voor zaken die er toe doen. ‘Parkeer’ de verschillen. Want wie zijn rug toekeert naar de Nederlandse samenleving vanuit boosheid, benadeelt zichzelf. Blijf zaken doen met elkaar, met anderen, met bestuurders, politici, opinieleiders of op school. En andersom zouden bestuurders adequater moeten ingrijpen op strafbaar of radicaal gedrag. Maar spreek bij incidenten niet enkel vanuit een negatief groepsbeeld. Kijk naar de opgaven die er liggen en zoek daar steeds opnieuw de juiste gesprekspartners bij. Die zijn er namelijk wel degelijk.