Kennisatelier over onderwijs voor vergunninghouders en vluchtelingen

Voor asielzoekers die een verblijfsstatus krijgen, geldt: blijven = meedoen. Zo luidt het motto van minister Asscher, van de daartoe opgerichte taskforce, van werkgevers en werknemers in de SER, van de wetenschappelijke onderbouwing door WRR en SCP, van gemeenten, Vluchtelingenwerk; tja, van wie niet eigenlijk.

Met kerst verscheen het spraakmakende WRR-rapport Geen tijd verliezen, met een pleidooi voor een veel snellere integratie van asielmigranten met een status in de samenleving. De ervaringen van de afgelopen twintig jaar opvang van vergunninghouders in de samenleving stemmen weinig hoopvol. Het moet anders: gelijktijdig, sneller, directer en actiever. Meteen beginnen met taal, onderwijs en werk.

Hoe doe je dat?

Dat klinkt mooi, maar hoe doe je dat? Neem onderwijs. Scholen krijgen opeens heel veel extra leerlingen die de taal niet spreken. Speciale scholen liggen op afstand, maar hoe komen die kinderen daar? Niet alleen kinderen, ook volwassenen hebben behoefte aan onderwijs of bijscholing. Weliswaar zijn enkele asielzoekers hoogopgeleid, maar (heel) veel anderen niet. Daarbij speelt de vraag hoe de begeleiding naar werk en/of bijstand gaat. Hoe krijgen we snel inzicht in kwalificaties en talenten?

Expertsessies

Platform31 organiseerde in samenwerking met Platform Opnieuw Thuis een kennisatelier over deze knelpunten. Een select gezelschap van deskundigen ging de diepte in om het vraagstuk van onderwijs en statushouders verder te helpen. In de eerste helft van 2016 zijn of worden vijf van dergelijke expertsessies over vergunninghouders georganiseerd. De andere thema’s zijn: bestuurlijk draagvlak; kansen voor krimpregio’s; goedkoper bouwen door de markt en het beter benutten leegkomend zorgvastgoed.

Flexibel reageren

Conclusie van het kennisatelier ‘Onderwijs’ was dat we veel tegelijk willen aanpakken, maar dat er tegelijkertijd bezorgdheid is of we flexibel kunnen reageren op de snelle veranderingen in de aantallen statushouders. De wetten en regels zijn daar niet op zijn ingesteld, en de financiering is onvoldoende. Het gaat dan om de snelheid van het verzorgen van onderwijs, locaties, vervoer van leerlingen en regionale samenwerking. We moeten in ieder geval het ‘slepen met kinderen’ voorkomen. Voor het goed organiseren van onderwijs voor deze groep, zijn regionale afspraken van belang.

Zicht op talenten

Een ander punt is dat er beter zicht moet komen op de talenten van vergunninghouders en dat we eerder moeten vragen naar wat ze kunnen. Een ander belangrijk aandachtspunt is het zo snel mogelijk leren van de taal. Als je dit bij de start al doet – dus vóór de beslissing tot vergunningverlening – zijn asielzoekers vaak nog het meest gemotiveerd.

Culturele spanningen voorkomen

Bij de inburgeringstrajecten moeten we verder rekening houden met hoe we goed vorm kunnen geven aan een begrip van de Nederlandse normen en waarden aanvullend op de participatieverklaring, dit om culturele spanningen te voorkomen. Hoe gaan we met elkaar om? Zowel voor Nederlanders als voor de statushouders is het van belang te leren over elkaars normen en waarden.

Meer informatie

Frank Wassenberg

Frank Wassenberg

Senior projectleider

06 57 94 35 92